Archief 745
Inventaris 745-362
Pagina 449
Dossier 90
Jaar 1941
Stadsarchief

Zakelijke brief / correspondentie.

20 juni 1941. Van: Mr. Dr. P. J. Verdam en Mr. Dr. F. B. Jonker, Advocaten en Procureurs te Amsterdam. Aan: De Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam.

Origineel

Zakelijke brief / correspondentie. 20 juni 1941. Mr. Dr. P. J. Verdam en Mr. Dr. F. B. Jonker, Advocaten en Procureurs te Amsterdam. De Heer Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. [Stempel rechtsboven:]
No 66/13/4 M. 1941 21/6 [21/6 handgeschreven]

[Briefhoofd links:]
Mr. Dr. P. J. Verdam
Advocaat en Procureur
Privé-adres: Stadhouderskade 125
Telefoon 93036
*
Mr. Dr. F. B. Jonker
Advocaat en Procureur
*

J. S. 151.
inz. : Juda Hes.

[Briefhoofd rechts:]
Amsterdam, 20 Juni 194 1.
Weteringschans 66 . Telefoon 31713
Postgiro 338982 t.n.v. Mr. V.
Postgiro 393175 t.n.v. Mr. J.

[Handgeschreven notitie midden-rechts:]
bij de stukken [?]

[Adressering:]
Den Heer Directeur van het Marktwezen,
Jan van Galenstraat 14,
A m s t e r d a m .

[Aanhef:]
WelEdelGeboren Heer,

[Inhoud:]
Gaarne bevestig ik U de goede ontvangst
van Uw schrijven d.d. 18 Juni j.l. waarbij U bij mij in-
diende een vordering op curandus, den Heer J. Hes ad f1.7,48
wegens verschuldigd marktgeld.

[Afsluiting:]
Hoogachtend,
Uw dw.,

[Handtekening:]
Voor den Curator,
Mr. P. J. Verdam,
[Handtekening: F. B. Jonker]

[Rechtsonder, handgeschreven:]
66 Deze brief is een formele ontvangstbevestiging van een vordering. Het Marktwezen van de gemeente Amsterdam heeft een rekening ingediend voor onbetaald "marktgeld" ter hoogte van 7,48 gulden. De vordering betreft de heer Juda Hes, die hier wordt aangeduid als "curandus". Dit betekent dat hij onder curatele stond en dat zijn financiële zaken werden behartigd door een curator, in dit geval de advocaat Mr. Dr. P. J. Verdam. De brief is ondertekend door diens compagnon, F. B. Jonker, namens de curator.

Het kenmerk "J. S. 151" en de specifieke vermelding van de volledige naam "Juda Hes" linksboven zijn dossierkenmerken van het advocatenkantoor. De brief is gericht aan de Jan van Galenstraat 14, het adres waar de Centrale Markthallen in Amsterdam gevestigd waren. Het document dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context van de curatele over Juda Hes is van historisch belang. Tijdens de bezetting werden veel Joodse burgers door anti-Joodse maatregelen beperkt in hun handelingsvrijheid. Hoewel curatele een normaal civielrechtelijk instrument is (bijvoorbeeld bij ziekte of verkwisting), werden in deze periode ook veel Joodse ondernemers gedwongen hun zaken over te dragen aan bewindvoerders ("Verwalters").

De afzender, Pieter Jacobus Verdam (1915-1998), was een prominent jurist die later hoogleraar en Minister van Justitie (1966-1967) zou worden. In 1941 was hij werkzaam als advocaat in Amsterdam.

Het feit dat het Marktwezen een vordering instelt voor een relatief klein bedrag (f 7,48) bij een curator, getuigt van de voortzetting van de bureaucratische processen en inning van belastingen/gelden van Joodse marktkramers of handelaren, zelfs onder de verzwarende omstandigheden van de bezetting. Juda Hes was waarschijnlijk een handelaar op een van de Amsterdamse markten. B. Jonker J. Hes J. Verdam V. Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

Deze brief is een formele ontvangstbevestiging van een vordering. Het Marktwezen van de gemeente Amsterdam heeft een rekening ingediend voor onbetaald "marktgeld" ter hoogte van 7,48 gulden. De vordering betreft de heer Juda Hes, die hier wordt aangeduid als "curandus". Dit betekent dat hij onder curatele stond en dat zijn financiële zaken werden behartigd door een curator, in dit geval de advocaat Mr. Dr. P. J. Verdam. De brief is ondertekend door diens compagnon, F. B. Jonker, namens de curator.

Het kenmerk "J. S. 151" en de specifieke vermelding van de volledige naam "Juda Hes" linksboven zijn dossierkenmerken van het advocatenkantoor. De brief is gericht aan de Jan van Galenstraat 14, het adres waar de Centrale Markthallen in Amsterdam gevestigd waren.

Historische Context

Het document dateert van juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context van de curatele over Juda Hes is van historisch belang. Tijdens de bezetting werden veel Joodse burgers door anti-Joodse maatregelen beperkt in hun handelingsvrijheid. Hoewel curatele een normaal civielrechtelijk instrument is (bijvoorbeeld bij ziekte of verkwisting), werden in deze periode ook veel Joodse ondernemers gedwongen hun zaken over te dragen aan bewindvoerders ("Verwalters").

De afzender, Pieter Jacobus Verdam (1915-1998), was een prominent jurist die later hoogleraar en Minister van Justitie (1966-1967) zou worden. In 1941 was hij werkzaam als advocaat in Amsterdam.

Het feit dat het Marktwezen een vordering instelt voor een relatief klein bedrag (f 7,48) bij een curator, getuigt van de voortzetting van de bureaucratische processen en inning van belastingen/gelden van Joodse marktkramers of handelaren, zelfs onder de verzwarende omstandigheden van de bezetting. Juda Hes was waarschijnlijk een handelaar op een van de Amsterdamse markten.

Genoemde Personen 4

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 10

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper
Bot, andere dan Noordzeebot *0.15* [hs]
Edelkarper (levend) *0.45* [hs]
Grossiers en personeel f 642.-
A. Geboorte f. 9.600.-
P.H. Passchier " 4.160.-
Snoek en barbeel *0.12* [hs]
Voorn en kolblei beneden 20 cm en serpeling
M. Sicma *0.20* [hs]

Gerelateerde Documenten 6