Typoscript (vermoedelijk een doorslag of kopie) van een ambtelijke oproepbrief.
Origineel
Typoscript (vermoedelijk een doorslag of kopie) van een ambtelijke oproepbrief. 10 november 1941. De Directeur (van een niet nader genoemde gemeentelijke dienst, mogelijk de Gemeentereiniging of Marktwezen). HG.
[handgeschreven:] Verzonden 10/11
den Heer J. Brilleslijper,
Nieuwe Uilenburgerstraat 82 hs,
Amsterdam-Centrum.
Nº 66/25/1 M.1941 10 November 1941.
Hiermede verzoek ik U zich een dezer dagen te willen vervoegen bij den bedrijfschef van mijn dienst, die kantoorhoudt in de Centrale Hal, No.H.69, des voormiddags tusschen 9 en 10 uur.
De Directeur, Het betreft een korte, zakelijke oproep aan de heer J. Brilleslijper om zich te melden bij een "bedrijfschef". De toon is formeel-ambtelijk, kenmerkend voor de vroege oorlogsjaren in Nederland. De locatie waar de geadresseerde zich moet melden, de "Centrale Hal" (waarschijnlijk de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat), duidt op een werkgerelateerde of administratieve kwestie binnen een gemeentelijke dienst.
Opvallend is de geadresseerde: de familie Brilleslijper was een bekende Joodse familie in Amsterdam (bekend van onder anderen de zussen Janny en Lientje Brilleslijper). Het adres, Nieuwe Uilenburgerstraat 82, lag in het hart van de oude Jodenbuurt. Het document dateert van november 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de greep op de Joodse bevolking in Amsterdam steeds verder verstevigde. In deze fase van de bezetting werden Joodse burgers via diverse administratieve wegen opgeroepen voor registratie, tewerkstelling of "controle".
Hoewel de brief zelf een routineuze ambtelijke indruk maakt, krijgt deze in de context van de Holocaust een beladen betekenis. De "Centrale Hal" speelde in Amsterdam een rol in de voedselvoorziening en distributie, maar later ook als locatie waar Joodse burgers geconfronteerd werden met de beperkingen en uitsluiting van hun werkzaamheden voor de stad. De geadresseerde, Joseph Brilleslijper (geboren in 1891), overleefde de oorlog niet; hij werd in 1943 in Sobibor vermoord. Dit document vormt daarmee een papieren spoor van de bureaucratische processen die voorafgingen aan de uiteindelijke deportaties. J. Brilleslijper Marktwezen