Administratieve notitie / Beschikking
Origineel
Administratieve notitie / Beschikking 15 november 1941 (stempel), tekst verwijst naar oktober 1941. [Stempel linksboven]
B I J B L A D V A N:
M. No. 66/26/1 1941.
DOORGEZONDEN: 15/11 - '41.
[Handgeschreven tekst bovenin, deels in rood]
66/26/2 WLV
na 1 bet '41 nil
nu op C.M. [onleesbare initialen]
Vs 29/11-'41
J. Brilleslipper
plaats in de hal no. 39.
kalenderjaar 1941. f 500.=
~~verzoekt~~ vraagt restitutie van 1 October 1941 af
Hij heeft echter van het te betalen bedrag à f 41.67
over maand October f 21.67 betaald.
Indien de heer Brilleslipper zijn plaats in October 1941
niet meer bezet heeft zou de ^terugbetaling^ 1/4 van
f 500.- moeten bedragen. (bijv. geval Kloots) en
zou hij f 121.67 moeten terugontvangen.
Heeft hij echter wel in de maand October van zijn
plaats gebruik gemaakt, dan moet de terugbetaling
1/6 van f 500.= f 83.33. en zou hij nog f 20 schuldig
zijn.
[Aantekening linksonder, deels over stempel]
Acc.
als Kloots
aan W.H.G. [onleesbare initialen]
Voorstellen f 125.- terugbetaling te verlenen
en f 21.67 te restitueeren. Volgt motivatie
id. geval Kloots (Σ)
[Gedrukte tekst onderaan]
Alg. Zaken Model No. 14 (modificatie)
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een financiële afwikkeling rondom de huur van een standplaats ("plaats in de hal no. 39"). De huurder, J. Brilleslipper, vraagt om teruggave van huurgeld vanaf 1 oktober 1941. De jaarhuur bedroeg 500 gulden.
De berekening is complex:
1. Scenario 1 (niet bezet in oktober): Restitutie over het gehele vierde kwartaal (1/4 van f 500 = f 125). Omdat hij al f 21,67 had aanbetaald voor oktober, wordt er een rekensom gemaakt waarbij hij f 121,67 zou terugkrijgen (mogelijk f 100 voor nov/dec plus de gedane aanbetaling minus een kleine post).
2. Scenario 2 (wel bezet in oktober): Restitutie over november en december (1/6 van f 500 = f 83,33). Omdat hij voor oktober nog f 20,- schuld had (f 41,67 maandhuur minus f 21,67 betaald), zou dit verrekend worden.
Uiteindelijk wordt geadviseerd om het "geval Kloots" te volgen: een volledige restitutie van f 125,- voor het kwartaal, plus het terugbetalen van de reeds voldane f 21,67 voor oktober. Het document dateert uit november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Administratieve processen gingen in deze periode gewoon door, vaak met een grote nadruk op precedentwerking (zoals de verwijzing naar de eerdere casus "Kloots").
De naam "Brilleslipper" is een specifiek Joodse achternaam die veelvuldig voorkwam in Amsterdam. Gezien de datum (eind 1941) vonden er in deze periode veel beperkende maatregelen plaats voor Joodse ondernemers en marktkooplieden. Het is zeer waarschijnlijk dat het opgeven van de standplaats in de hal verband hield met de anti-Joodse verordeningen van de bezetter, waardoor Joden uit het economische leven werden verbannen. Dit werpt een tragisch licht op de zakelijke en gortdroge toon van deze administratieve afhandeling. J. Brilleslipper M. No Marktwezen