Getuigenverklaring / Proces-verbaal (fragment).
Origineel
Getuigenverklaring / Proces-verbaal (fragment). 15 september 1941 (betreft de gebeurtenissen op deze datum). ...daarop aangebrachte merk van Braas afkomstig bleken te zijn, heb ik aan Nijland f 15,- uitbetaald. Eenige ogenblikken later, nadat Nijland verdwenen was, verscheen Tolman met 19 ledige zakken, eveneens van Braas, aan het pakhuis. Ook deze zakken heb ik aangenomen en aan Tolman hiervoor f 19,- uitbetaald. Eerst na afloop van de markt, om circa 9.30 uur des voormiddags vernam ik van Braas, dat hij 32 zakken vermiste van zijn vrachtauto, welke achter pakhuis D 15 geparkeerd stond. De 32 door mij op 15 September 1941 in ontvangst genomen zakken heb ik reeds bij een andere partij gevoegd van dezelfde soort en zijn door Braas weer medegenomen naar Noord-Scharwoude."
Hierna hoorde ik, verbalisant, den hiervoor genoemden Nijland, die mij als volgt verklaarde: "Sinds eenigen tijd ben ik zonder werk. Ten einde iets te kunnen verdienen, heb ik mij op het terrein van de Centrale Markt begeven op 15 September 1941. Hoewel ik niet in het bezit ben van een toegangskaart voor de Centrale Markt, gelukte mij dit, doordat ik mij op een vrachtauto wist te verbergen tusschen ledige kisten en zoo ongezien de controle bij het toegangshek te passeeren. Om ongeveer 9 uur v.m. bevond ik mij ter hoogte van pier D van de Centrale Markt en werd aldaar aangesproken door een mij van aanzien bekend persoon, voor wien ik wel eens meer een karweitje gedaan had. Deze persoon vroeg mij of ik voor hem 15 ledige zakken wilde inleveren bij grossier Braas op pier D. Hiervoor zou ik f 15,- ontvangen, welke ik dan aan dezen persoon moest afdragen. Ik stemde hierin toe en heb toen aan Bruines 15 zakken afgegeven, welke zakken ik op mijn beurt mee had gekregen van mijn onbekenden opdrachtgever. Nadat ik van Bruines de f 15,- had ontvangen, heb ik deze aan mijn opdrachtgever, die bij het voorgedeelte van pier D op mij wachtte, overhandigd. Daarna verzocht hij mij om een anderen jongeman te zoeken, die voor hem nu 19 ledige zakken in moest leveren bij Braas. Hierop gaf hij mij 19 ledige zakken eveneens voorzien van den merk Braas en zeide mij tevens, dat ik aan den jongeman, die dit wilde doen, f 3,- voor zijn moeite moest geven. Op pier D ontmoette ik Tolman, met wien ik vroeger gelijk had gewerkt bij het Dagblad "De Standaard" en van wien ik wist, dat hij nu bij een groentewinkelier in dienst was. Ik vroeg aan Tolman of hij voor zijn baas wel eens ledige emballage moest inleveren bij Braas, waarop hij mij bevestigend antwoordde. Ik vroeg Tolman hierna, of hij de 19 ledige zakken, welke ik bij mij had, wilde inleveren bij Braas en zeide hem, dat hij dan f 3,- voor zijn moeite zou krijgen. Tolman ging hierop in en heeft toen de ledige zakken ingeleverd bij Braas. Nadat hij eerst aan mij de f 19,-, die hij ontvangen had aan mij had overgegeven, heb ik hem hiervan f 3,- uitbetaald. Vervolgens gaf ik de f 16,- weer aan mijn opdrachtgever, van wien ik op mijn beurt f 2,50 heb ontvangen. Nadien heb ik voor hem geen werk meer verricht. Zooals ik thans van U verneem, vermist Braas 32 ledige zakken. Ik kan U echter verklaren, dat ik ze niet heb weggenomen. Op welke wijze mijn opdrachtgever aan de zakken was gekomen weet ik niet. Ik begrijp nu wel, dat hij aan Tolman en mij wel een groot bedrag heeft gegeven voor onze moeite, doch toen het geval zich voordeed, heb ik hieraan niet gedacht".
Vervolgens hoorde ik, verbalisant, Tolman, die mij desgevraagd als volgt verklaarde: "Ik ben als knecht in dienst bij een groentewinkelier en bevond mij op Maandag 15 September 1941 omstreeks 9 uur des voormiddags op pier D van de Centrale Markt, toen ik aldaar werd aangesproken door Nijland, met wien ik vroeger heb gewerkt bij het dagblad "De Standaard". Nijland vroeg mij, of ik voor mijn baas wel eens ledige emballage moest inleveren bij grossier Braas op pier D. Toen ik hem hierop bevestigend antwoordde, verzocht hij mij om bij Braas 19 ledige zakken in te leveren, terwijl ik voor mijn moeite van hem, Nijland, f 3,- zou ontvangen. Ik stemde hierin toe en heb van Nijland 19 zakken in ontvangst genomen en deze ingeleverd aan de knecht van Braas. Van dezen knecht ontving ik f 19,- welke ik aan... Dit document bevat getuigenverklaringen betreffende een geraffineerde vorm van diefstal en oplichting op de Centrale Markt in september 1941. De kern van de zaak is de diefstal van 32 lege zakken van de vrachtauto van grossier Braas. Een onbekende derde partij heeft deze zakken gestolen en vervolgens via tussenpersonen (Nijland en Tolman) weer teruggemeld (verkocht) aan het pakhuis van de rechtmatige eigenaar.
Nijland, een werkloze man die illegaal het terrein heeft betreden, fungeert als tussenpersoon. Hij wordt benaderd door een "bekende" om de zakken in te leveren voor een vergoeding. Nijland schakelt op zijn beurt Tolman in voor een deel van de zakken. De absurditeit van de situatie is dat de grossier (via zijn knecht Bruines) betaalt voor zijn eigen gestolen eigendom. Nijland en Tolman beweren te goeder trouw te hebben gehandeld, hoewel Nijland achteraf toegeeft dat de vergoeding (f 3,- op een bedrag van f 19,-) verdacht hoog was voor een simpel karweitje. Het document dateert uit 15 september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Deze periode kenmerkte zich door toenemende schaarste en de invoer van het distributiestelsel. Verpakkingsmaterialen zoals jute zakken waren kostbaar en schaars; hergebruik was de norm. De hoge werkloosheid dwong mensen zoals Nijland tot het aannemen van dubieuze "karweitjes" op de zwarte markt of de randen daarvan.
De vermelding van de Centrale Markt duidt op het logistieke hart van de voedselvoorziening (waarschijnlijk in Amsterdam). De referentie naar het dagblad "De Standaard" (een antirevolutionair, protestants blad) geeft een klein inkijkje in de sociale achtergrond van de betrokkenen. De zaak illustreert de informele economie en de criminaliteit die ontstond door de schaarste in oorlogstijd, waarbij gestolen goederen direct weer in het reguliere circuit werden teruggebracht. Nijland (werkloze) Tolman (knecht bij groentewinkelier) Braas (grossier) Bruines (magazijnbediende/ontvanger) een onbekende opdrachtgever.