Proces-verbaal van aanhouding
Origineel
Proces-verbaal van aanhouding 15 september 1941 [Linksboven:]
Gezien [Handtekening]
STAD AMSTERDAM.
Marktwezen No. 77/59/2 M
POLITIE EN AMBTENAAR.
2e sectie 2e afdeeling.
[Linkerkolom:]
Aanhouding van Jan Vermeeren,
oud 18 jaar, koopman, wonende
Schippersstraat 5 III te Am-
sterdam-Centrum, verdacht van
diefstal van een kar met ledi-
ge kisten, gepleegd op de Cen-
trale Markt te Amsterdam, ten
nadeele van Johannes Frederik
Stijnenbergen, oud 35 jaar,
koopman, wonende Tuinstraat
165 huis te Amsterdam-Centrum.
[Rechterkolom / Hoofdtekst:]
PROCES-VERBAAL.
Ik, ondergeteekende, Martinus Cornelis Groot, ambtenaar bij het Marktwezen te Amsterdam, tevens onbezoldigd veldwachter dezer gemeente, dienstdoende op de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat alhier, verklaar het navolgende: "Op Maandag, 15 September 1941 eenenveertig omstreeks 8.45 uur des voormiddags bevond ik mij met het toezicht belast bij het uitgangshek van de Centrale Markt, toen ik zag, dat een mij onbekend persoon, die mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd:
JAN VERMEEREN,
geboren te Amsterdam, 23 Maart 1923, koopman en wonende Schippersstraat 5 III te Amsterdam-centrum en die als bestuurder was gezeten op een tweewielig damesrijwiel, hiermede met een behoorlijke vaart kwam rijden, komende uit de richting van de Hal op de Centrale Markt, gaande in de richting van het uitgangshek, waar ik mij bevond. Voorts zag ik, dat Vermeeren hierbij werd nagezet door een mij bekend persoon, die mij later desgevraagd opgaf te zijn genaamd: Johannes Frederik Stijnenbergen, oud 35 jaar, koopman en wonende Tuinstraat 165 huis te Amsterdam-Centrum, welke Stijnenbergen, wijzende op Vermeeren, met luider stem herhaalde malen riep: "Houd den dief". Onmiddellijk ben ik, verbalisant, bij het uitgangshek op den rijweg gaan staan en gaf aan Vermeeren, die inmiddels tot op ongeveer 10 meter bij het uitgangshek genaderd was, door het opsteken van mijn hand en het hem met luider stem toeroepen: "Halt, afstappen" te kennen, dat hij met zijn rijwiel moest stoppen. In plaats van aan mijn bevel gevolg te geven, zette hij blijkbaar opzettelijk, meer vaart, terwijl hij mij toeriep: "Baan, baan" dochbij met dezelfde snelheid tegen mij aanrijdende. Hoewel wij beiden als gevolg hiervan op den grond vielen, gelukte het mij toch, Vermeeren bij zijn kleeding vast te grijpen en ondanks zijn hevig verzet, vast te houden. Inmiddels was ook Stijnenbergen ter plaatse verschenen, die mij thans mededeelde, dat hij Vermeeren op pier 8 van de Centrale Markt had aangetroffen met een handkar, geladen met ledige kisten, welke handkar en kisten aan hem, Stijnenbergen, toebehoorden. Deze handkar had hij dienenzelfden ochtend gemist van de Centrale Markt, alwaar hij haar op het bedoelde parkeerterrein op Maandag, 15 September 1941 had neergezet. Naar aanleiding van deze verklaring heb ik, verbalisant, Vermeeren voorloopig overgebracht naar de politieloge van de Centrale Markt, doch hem ongeveer een kwartier later overgeleverd aan Barend Velthuis, eveneens ambtenaar bij het Marktwezen, speciaal belast met de behandeling van dergelijke gevallen, die ook dit geval verder in onderzoek heeft genomen. Van de resultaten van dit onderzoek is later door Velthuis proces-verbaal opgemaakt.
Voorts vermeld ik nog, dat als gevolg van bovengenoemde aanrijding van mijn rechterschoen de zool van het bovenleer is afgerukt, waardoor ik deze schoen moet laten repareeren.
En heb ik hiervan dit proces-verbaal op den door mij afgelegden ambtseed opgemaakt, geteekend en gesloten te Amsterdam, September 1941 eenenveertig.
De ambtenaar bij het Marktwezen,
[Handtekening: MC Groot]
(M.C. Groot)
Gezien:
De Commissaris van Politie, Het document is een formeel proces-verbaal waarin de aanhouding op heterdaad van een diefstalverdachte wordt beschreven. De tekst is kenmerkend voor de ambtelijke taal van de jaren '40, met archaïsche spelling (zoals "eenenveertig", "nadeele", "rijwiel"). De verbalisant, M.C. Groot, beschrijft hoe hij de verdachte Jan Vermeeren fysiek moest overmeesteren nadat deze een stopteken negeerde en op hem inreed. Een opvallend detail is de vermelding van de schade aan de rechterschoen van de ambtenaar, wat duidt op de intensiteit van de worsteling en waarschijnlijk diende als basis voor een onkostendeclaratie of schadeclaim. De zaak werd direct overgedragen aan een gespecialiseerde recherche-afdeling binnen het Marktwezen. Dit proces-verbaal is opgesteld in september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt in de Jan van Galenstraat (de huidige Food Center Amsterdam) was en is een vitale locatie voor de voedseldistributie in de stad. Tijdens de oorlogsjaren was er sprake van toenemende schaarste, waardoor diefstal van goederen — zelfs van schijnbaar minder waardevolle zaken zoals een handkar met lege kisten — streng werd aangepakt. Het "Marktwezen" beschikte over eigen beëdigde ambtenaren en onbezoldigd veldwachters om toezicht te houden op de eerlijke handel en de veiligheid op het marktterrein te waarborgen. M.C. Groot Marktwezen Politie