Archief 745
Inventaris 745-364
Pagina 436
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Proces-verbaal (Politie Amsterdam / Marktwezen).

10 november 1941. Dossier: 77/74/5

Origineel

Proces-verbaal (Politie Amsterdam / Marktwezen). 10 november 1941. [Linksboven, gestempeld/getypt:]
PRO JUSTITIA.
Marktwezen No. 77/74/5 H.
POLITIE TE AMSTERDAM.
2e sectie 2e afdeeling.
No.

[Rechtsboven, handgeschreven:]
Hoofd kantoor

[Rechtsboven, getypt:]
PROCES-VERBAAL.

Proces-verbaal contra Johannes Schuleijn, oud 17 jaar, knecht wonende Tuinstraat 193 te Amsterdam-C. en contra Bertus Assink, oud 17 jaar, kruier, wonende Karthuizerstraat 8 te Amsterdam-C., verdacht, respectievelijk van diefstal van twee zakken aardappelen (70 kg.) en van medeplichtigheid aan dien diefstal, gepleegd op 10 November 1941 op de Centrale Markt te Amsterdam, ten nadeele van de "Amsterdamsche Combinatie van Aardappelgrossiers", gevestigd Centrale Markt, Jan van Galenstraat 16, alhier.

[Marge links:]
dh. gek.
mag

Ik, ondergeteekende, Martinus Cornelis Groot, ambtenaar bij het Marktwezen te Amsterdam, tevens onbezoldigd veldwachter dezer gemeente, dienstdoende op de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat alhier, verklaar het navolgende. Op Maandag 10 November 1941, omstreeks 12.30 uur n.m. bevond ik mij op de eerste verdieping van het trappenhuis in het Halgebouw van de Centrale Markt, van welke plaats ik een goed overzicht op het Westelijke gedeelte van het Marktterrein had. Aan het Westelijk gedeelte van het Halgebouw, stond een konvooi spoorwagens geladen met aardappelen. Bij een van deze wagons lag een partij zakken met aardappelen. Ik, verbalisant, zag van de plaats, waar ik mij op datum en tijd voornoemd, bevond, dat een mij onbekend persoon, die zich tusschen het Halgebouw en de spoorwagens bevond, tot twee maal toe onder een wagon doorkroop en van de besproken partij aardappelen een zak wegnam, deze zakken deponeerde op een driewielige bakfiets, welke eveneens tusschen het Halgebouw en de spoorwagens geparkeerd stond, waarna hij zich met de driewielige bakfiets verwijderde. Tevens zag ik, dat zich bij deze driewielige bakfiets nog een mij onbekend persoon bevond, die, nadat de eerste de zakken op de driewieler had geladen, met hem mede ging. Waar, hetgeen ik gezien had, mij verdacht voorkwam, heb ik beide personen met de driewielige bakfiets op het terrein van de Centrale Markt aangehouden en overgebracht naar het kaartenkantoor van de Centrale Markt, alwaar zij door mij voorloopig zijn gehoord, terwijl ik de zakken met aardappelen voorloopig in beslaggenomen heb. De persoon, die de zakken had weggenomen en opgeladen gaf mij desgevraagd op te zijn genaamd:

JOHANNES SCHULEIJN,
geboren te Amsterdam, 12 April 1924, knecht, wonende Tuinstraat 193 te Amsterdam-Centrum,
terwijl de andere persoon mij desgevraagd opgaf te zijn genaamd:
BERTUS ASSINK,
geboren te Amsterdam, 28 Februari 1924, kruier, wonende Karthuizerstraat 8 te Amsterdam-Centrum.

Schuleijn verklaarde mij desgevraagd als volgt: "Hedenmorgen heb ik met Assink een afspraak gemaakt om, indien mogelijk, op de Centrale Markt eenige zakken aardappelen weg te nemen. Deze zouden wij dan overbrengen naar de woning van Assink. Assink zou dan aan zijn ouders vertellen, dat hij de aardappelen gekocht had, om ze nu aan zijn ouders te koop aan te bieden. Het geld, dat hij hier eventueel voor zou ontvangen, zouden Assink en ik dan samen deelen. Eenige oogenblikken terug bevonden wij ons aan de aardappelenzijde van de Centrale Markt tusschen het Halgebouw en een konvooi spoorwagens. Tevens hadden wij een driewielige bakfiets bij ons. Aan de andere zijde van de wagon waar wij ons bevonden, lag op den rijweg een partij zakken met aardappelen. Ik ben toen tot tweemaal toe onder deze wagon doorgekropen en heb alzoo kans gezien twee zakken aardappelen weg te nemen en ze op de driewielige bakfiets te laden. In dien tijd was Assink bij de bakfiets blijven staan. Nadat ik de zakken had opgeladen, heb ik mij met Assink en de driewielige bakfiets verwijderd en wilden wij ons hiermede naar de woning van Assink begeven. Ik had van niemand toestemming gekregen de zakken aardappelen weg te nemen, noch daar op andere wijze over te beschikken."

[Marge links:]
/op
gek.
mag

Assink verklaarde mij als volgt: "Ik heb als kruier toegang tot de Centrale Markt. Hedenmorgen bevond ik mij op het terrein van de Centrale Markt en ontmoette daar Schuleijn. Deze vertelde mij, dat hij op het marktterrein een partij zakken met aardappelen wist te liggen en stelde mij voor om hiervan eenige zakken weg te nemen. Hierbij kwam ik met Schuleijn overeen, om, indien wij zakken aardappelen konden wegnemen, deze over te brengen naar mijn huis. Ik zou dan aan mijn...

[Document breekt hier af] Dit document is een getypt proces-verbaal uit de vroege oorlogsjaren in Amsterdam. Het beschrijft een klassiek geval van 'gelegenheidsdiefstal' van schaars goed.

  • De daders: Het gaat om twee jongemannen van 17 jaar oud. Hun beroepen (knecht en kruier) en hun woonplaatsen in de Jordaan (Tuinstraat en Karthuizerstraat) duiden op een arbeidersachtergrond.
  • De werkwijze: De diefstal vindt plaats op de Centrale Markt (tegenwoordig Food Center Amsterdam), een cruciaal punt voor de voedseldistributie. De tactiek—het onder de treinwagons doorkruipen om bij de partijen van de groothandel te komen—is riskant maar effectief.
  • Motief: Hoewel het proces-verbaal spreekt over het 'verkopen' aan de ouders om het geld te delen, moet dit gezien worden in de context van de toenemende voedselschaarste in 1941. Twee zakken van 70 kg vertegenwoordigen een aanzienlijke waarde op de zwarte markt of een belangrijke voedselvoorraad voor eigen gebruik.
  • Administratieve details: In de kantlijn staan aantekeningen zoals "mag" en "gek." (gezien/gekeurd), wat wijst op een interne beoordeling door een officier van justitie of een hoofdcommissaris voor verdere vervolging. Het document dateert van 10 november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een kanteljaar: de Februaristaking was eerder dat jaar neergeslagen en de schaarste aan voedsel en brandstof begon nijpend te worden voor de Amsterdamse bevolking.

  • Centrale Markt: De Centrale Markthallen waren tijdens de oorlog een strategisch object. De controle op diefstal was streng, omdat de distributie van voedsel onder toezicht stond van de bezetter en de Nederlandse distributieautoriteiten.

  • Marktwezen: De ambtenaren van het Marktwezen traden vaak op als hulppolitie (onbezoldigd veldwachter) om de orde en de goederenstroom op de marktterreinen te bewaken.
  • Criminaliteit in oorlogstijd: Diefstal van voedsel werd in de loop van de oorlog steeds zwaarder bestraft. Hoewel deze jongens pas 17 waren, konden dergelijke vergrijpen leiden tot tuchthuisstraffen of, later in de oorlog, zelfs tewerkstelling. De gedetailleerde bekentenis die in het document is opgenomen, laat weinig ruimte voor verweer. Marktwezen Politie

Samenvatting

Dit document is een getypt proces-verbaal uit de vroege oorlogsjaren in Amsterdam. Het beschrijft een klassiek geval van 'gelegenheidsdiefstal' van schaars goed.

  • De daders: Het gaat om twee jongemannen van 17 jaar oud. Hun beroepen (knecht en kruier) en hun woonplaatsen in de Jordaan (Tuinstraat en Karthuizerstraat) duiden op een arbeidersachtergrond.
  • De werkwijze: De diefstal vindt plaats op de Centrale Markt (tegenwoordig Food Center Amsterdam), een cruciaal punt voor de voedseldistributie. De tactiek—het onder de treinwagons doorkruipen om bij de partijen van de groothandel te komen—is riskant maar effectief.
  • Motief: Hoewel het proces-verbaal spreekt over het 'verkopen' aan de ouders om het geld te delen, moet dit gezien worden in de context van de toenemende voedselschaarste in 1941. Twee zakken van 70 kg vertegenwoordigen een aanzienlijke waarde op de zwarte markt of een belangrijke voedselvoorraad voor eigen gebruik.
  • Administratieve details: In de kantlijn staan aantekeningen zoals "mag" en "gek." (gezien/gekeurd), wat wijst op een interne beoordeling door een officier van justitie of een hoofdcommissaris voor verdere vervolging.

Historische Context

Het document dateert van 10 november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een kanteljaar: de Februaristaking was eerder dat jaar neergeslagen en de schaarste aan voedsel en brandstof begon nijpend te worden voor de Amsterdamse bevolking.

  • Centrale Markt: De Centrale Markthallen waren tijdens de oorlog een strategisch object. De controle op diefstal was streng, omdat de distributie van voedsel onder toezicht stond van de bezetter en de Nederlandse distributieautoriteiten.
  • Marktwezen: De ambtenaren van het Marktwezen traden vaak op als hulppolitie (onbezoldigd veldwachter) om de orde en de goederenstroom op de marktterreinen te bewaken.
  • Criminaliteit in oorlogstijd: Diefstal van voedsel werd in de loop van de oorlog steeds zwaarder bestraft. Hoewel deze jongens pas 17 waren, konden dergelijke vergrijpen leiden tot tuchthuisstraffen of, later in de oorlog, zelfs tewerkstelling. De gedetailleerde bekentenis die in het document is opgenomen, laat weinig ruimte voor verweer.

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Brandstof Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Vlees Vleeswaren: Wild Zuivel & Eieren: Eieren Zuivel & Eieren: Room Zuivel & Eieren: Zuivel

Thema's

Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen Politie

Gerelateerde Documenten 6