Handgeschreven proces-verbaal of intern rapport van een diefstalonderzoek.
Origineel
Handgeschreven proces-verbaal of intern rapport van een diefstalonderzoek. Gedateerd op 31 december 1941, met administratieve verwerking tot 5 januari 1942. Onderzoek diefstal
N° 77/97/1 M. 1941 31/12
Aan Den Heer
Brouwer Bedrijfchef b.m.
Rapport.
Serns, Ferdinand,
Philippus, geboren 18 November 1920 te A’dam
Woonplaats Orteliusstraat 354 II, heeft
tegen ondergetekende de navolgende ver-
klaring afgelegd. Hedenmorgen kwam ik
met de bedoeling op de Markt om lege
kisten bij een of anderen grossier weg te nemen.
Waarop ik aan de achterkant van grossier
Nooy’s pakhuis een partij zag staan, hiermede
bezig zijnde deze op mijn handkar te laden,
werd ik ontdekt door het personeel van voornoemde
grossier waarop ik aangewezen ben geworden en
aan de bedrijfchef werd overgegeven. Ook geef
ik toe gisteren morgen 37 kisten bij de zelfde
grossier te hebben ontvreemd.
[In rood potlood/inkt en stempels:]
77/97/2 M
2/1/42 [paraaf]
Vrs [?]
Pol. ontheff. aangifte nog 30 December 1941
14 dagen
vonnis Bn [?] voor
onbepaalden tijd.
[Handtekening, mogelijk: A. (...)thals]
Contr.
31/12 41 [paraaf]
m.i.v. 5/1-1942 Het document is een bekentenis van een jonge man, Ferdinand Philippus Serns, die op heterdaad is betrapt bij het stelen van lege kisten op een marktterrein. Hij verklaart dat hij met de opzet naar de markt kwam om te stelen en geeft tevens een eerdere diefstal van 37 kisten van de dag ervoor toe.
Opvallende details:
* De dader: Een 21-jarige man wonend in de Orteliusstraat in Amsterdam-West.
* De benadeelde: Grossier Nooy, destijds een bekende naam in de Amsterdamse groothandel.
* De context van de diefstal: Het stelen van lege kisten lijkt triviaal, maar in oorlogstijd hadden dergelijke materialen (hout) en de statiegeldwaarde of herbruikbaarheid ervan een aanzienlijke waarde.
* Administratieve afhandeling: De rode aantekeningen onderaan lijken te wijzen op de juridische gevolgen. Er wordt gesproken over "14 dagen" en "vonnis", wat suggereert dat de zaak snel is afgehandeld met een korte gevangenisstraf of heropvoedingsmaatregel. Dit document stamt uit de winter van 1941-1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de schaarste aan goederen toe, wat leidde tot een stijging van kleine criminaliteit op markten. De Centrale Markthallen in Amsterdam waren een vitaal knooppunt voor de voedselvoorziening en stonden onder streng toezicht.
De "Bedrijfchef" aan wie het rapport is gericht, was waarschijnlijk verantwoordelijk voor de ordehandhaving op het marktterrein. De snelheid waarmee dergelijke vergrijpen werden gerapporteerd en bestraft (bekentenis op 31/12, verwerking op 2/1 en 5/1) is kenmerkend voor de strakke handhaving in die periode. De vermelding "Pol. ontheff." zou kunnen duiden op een overdracht van de interne marktbeveiliging naar de reguliere politie. Brouwer (De heer) Nooy (Grossier) Politie