Archief 745
Inventaris 745-275
Pagina 349
Dossier 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijk schrijven / Adviesbrief.

7 februari 1939. Van: Een functionaris van de Dienst van het Marktwezen (handtekening onduidelijk).

Origineel

Ambtelijk schrijven / Adviesbrief. 7 februari 1939. Een functionaris van de Dienst van het Marktwezen (handtekening onduidelijk). Noot: De blauwe toevoegingen in het handschrift zijn tussen vierkante haken weergegeven.

Advies op No 25/11/11 39.

Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.

In verband met bijgaand om advies gezonden schrijven van den rechtkundigen adviseur van M. Koelwijn, pl. 197 Alb. Cuypstr. bericht ik U, dat het de bedoeling van genoemden adviseur is gegevens te verkrijgen van den zwager van de vrouw, waarmede M Koelwijn in concubinaat leeft, nl. den heer E. van Erfen, pl. 303 A.C.

Deze gegevens zijn mij eenige maanden geleden verzocht; doch niet verstrekt en heb ik den heer Koelwijn geadviseerd zich met een dergelijk verzoek te wenden tot den Heer Directeur v/h Marktwezen, alhier.

[Jer. Doesstraat 155 II]
Evert van Erfen, geboren 12 Nov. 1902 heeft zich op 7 Maart 1930 laten inschrijven op de sollicitantenlijst der Albert Cuypstraatmarkt (Zie No soll. 1241).
Op 20 Maart 1930 is hem een voorkeurskaart uitgereikt.
Vanaf 20 Maart 1930 tot toekenning vaste plaats op 3 October 1930 heeft hij volgens de hier aanwezige presentielijstgegevens vrijwel dagelijks een plaats bezet.
Van 4 October 30 tot heden bezoekt hij dagelijks de markt als vaste plaatshouder.

Amsterdam, 7 Febr. 39
[Handtekening] Dit document is een intern administratief verslag binnen de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen. Het dient om de inspecteur te informeren over de status en historie van een specifieke marktkoopman, Evert van Erfen.

De aanleiding is een verzoek van de juridisch adviseur van een andere marktkoopman, M. Koelwijn (plaats 197). Koelwijn leeft ongehuwd samen ("in concubinaat") met een vrouw wiens zwager Evert van Erfen is. Het lijkt erop dat er een juridisch of zakelijk belang is bij het vaststellen van de marktstatus van Van Erfen. De schrijver van de brief heeft eerder geweigerd deze informatie direct aan Koelwijn te geven en heeft hem naar de officiële kanalen verwezen.

De brief geeft een gedetailleerd overzicht van de loopbaan van Van Erfen op de Albert Cuypmarkt:
* 1902: Geboortejaar van Van Erfen.
* Maart 1930: Inschrijving op de wachtlijst en toekenning van een voorkeurskaart.
* Maart - Oct 1930: Een periode waarin hij als "losse" koopman bijna dagelijks aanwezig was om zijn recht op een vaste plek op te bouwen.
* 3 oktober 1930: De officiële toekenning van zijn vaste staanplaats.
* 1939: Op het moment van schrijven is hij nog steeds dagelijks actief als vaste plaatshouder. Het document biedt een interessant inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten, specifiek de Albert Cuypmarkt, in de jaren '30. De markten waren essentieel voor de voedselvoorziening en werkgelegenheid, en de toewijzing van "vaste plaatsen" was een bureaucreactisch proces gebaseerd op aanwezigheid en anciënniteit (bijgehouden in presentielijsten).

De term "concubinaat" in een officieel document typeert de tijdgeest; ongehuwd samenwonen werd door de overheid geregistreerd en kon van invloed zijn op juridische of zakelijke verhoudingen. De blauwe aantekening "Jer. Doesstraat 155 II" verwijst naar de Jeronymus Doesstraat, een zijstraat van de Albert Cuypstraat, wat aantoont dat marktkooplieden vaak in de directe nabijheid van hun werkplek woonden. Het jaartal 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, markeert het einde van een periode waarin de marktadministratie op deze traditionele wijze functioneerde.

Samenvatting

Dit document is een intern administratief verslag binnen de Amsterdamse Dienst van het Marktwezen. Het dient om de inspecteur te informeren over de status en historie van een specifieke marktkoopman, Evert van Erfen.

De aanleiding is een verzoek van de juridisch adviseur van een andere marktkoopman, M. Koelwijn (plaats 197). Koelwijn leeft ongehuwd samen ("in concubinaat") met een vrouw wiens zwager Evert van Erfen is. Het lijkt erop dat er een juridisch of zakelijk belang is bij het vaststellen van de marktstatus van Van Erfen. De schrijver van de brief heeft eerder geweigerd deze informatie direct aan Koelwijn te geven en heeft hem naar de officiële kanalen verwezen.

De brief geeft een gedetailleerd overzicht van de loopbaan van Van Erfen op de Albert Cuypmarkt:
* 1902: Geboortejaar van Van Erfen.
* Maart 1930: Inschrijving op de wachtlijst en toekenning van een voorkeurskaart.
* Maart - Oct 1930: Een periode waarin hij als "losse" koopman bijna dagelijks aanwezig was om zijn recht op een vaste plek op te bouwen.
* 3 oktober 1930: De officiële toekenning van zijn vaste staanplaats.
* 1939: Op het moment van schrijven is hij nog steeds dagelijks actief als vaste plaatshouder.

Historische Context

Het document biedt een interessant inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten, specifiek de Albert Cuypmarkt, in de jaren '30. De markten waren essentieel voor de voedselvoorziening en werkgelegenheid, en de toewijzing van "vaste plaatsen" was een bureaucreactisch proces gebaseerd op aanwezigheid en anciënniteit (bijgehouden in presentielijsten).

De term "concubinaat" in een officieel document typeert de tijdgeest; ongehuwd samenwonen werd door de overheid geregistreerd en kon van invloed zijn op juridische of zakelijke verhoudingen. De blauwe aantekening "Jer. Doesstraat 155 II" verwijst naar de Jeronymus Doesstraat, een zijstraat van de Albert Cuypstraat, wat aantoont dat marktkooplieden vaak in de directe nabijheid van hun werkplek woonden. Het jaartal 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, markeert het einde van een periode waarin de marktadministratie op deze traditionele wijze functioneerde.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6