Zakelijke verklaring op voorbedrukt briefpapier.
Origineel
Zakelijke verklaring op voorbedrukt briefpapier. 26 februari 1942. C. de Jong, Beëedigd Makelaar in Groenten, Fruit, Aardappelen, Conserven en Gezouten Groenten. C. DE JONG - AMSTERDAM
Beëedigd Makelaar in Groenten, Fruit, Aardappelen,
Conserven en Gezouten Groenten
KANTOOR EN VERKOOP: CENTRALE MARKT-HAL 20
Telefoon Kantoor No. 85338, Na 18 uur No. 84040
Bankier: Nederlandsche Middenstandsbank. Bijkantoor
J. P. Heyestraat Postgiro 12700
AMSTERDAM, 26 Februari 1942.
L.S.
Ondergeteekende verklaart dat Mevrouw
M. Klijnkramer-Isaac gedurende het jaar 1941 ge-
regeld bij hem haar inkoopen heeft gedaan.
Hoogachtend,
[Handtekening: C. de Jong]
[Stempel: C. DE JONG / CENTRALE MARKT-HAL / AMSTERDAM - W.] * Verschijningsvorm: Het document is een getypte verklaring op representatief briefpapier van een Amsterdamse makelaar. Er is gebruikgemaakt van een paars typelint, wat in die periode gebruikelijk was. De handtekening en de stempel bevestigen de authenticiteit van de verklaring.
* Inhoud: De tekst is kort en zakelijk. Het dient als officieel bewijs dat de genoemde persoon (Mevrouw M. Klijnkramer-Isaac) in het voorgaande jaar (1941) een regelmatige klant was.
* Toon: Formeel en objectief. * Historische periode: Het document dateert van februari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Sociale context: De naam 'Isaac' in de achternaam van de vrouw duidt op een Joodse achtergrond. In deze fase van de bezetting werden de anti-Joodse maatregelen steeds strenger. Joodse burgers moesten voor tal van administratieve zaken (zoals voedseldistributie, vergunningen of registraties bij de Zentralstelle für jüdische Auswanderung) aantonen dat zij deel uitmaakten van het normale economische verkeer of over bepaalde middelen beschikten.
* Locatie: De Centrale Markthal in Amsterdam-West was het hart van de stedelijke voedseldistributie. Een verklaring van een 'beëedigd makelaar' had in die tijd aanzienlijk gewicht bij officiële instanties. Het document is waarschijnlijk bewaard gebleven als onderdeel van een dossier betreffende de vervolging of de poging tot vrijstelling van deportatie van de familie Klijnkramer.