Archief 745
Inventaris 745-369
Pagina 61
Dossier 2C
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtsbericht / Rapport van de Dienst van het Marktwezen Amsterdam.

11 april 1942.

Origineel

Ambtsbericht / Rapport van de Dienst van het Marktwezen Amsterdam. 11 april 1942. [Getypte tekst]

R A P P O R T
No 2 B / 25/1 M. 1942 13/4

B.H.M. van der Meer, oud 29 jaar en wonende Boerenwetering 48 alhier, verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit. Hij verklaart van 1926 tot heden in ~~de~~ het tuinbouwbedrijf werkzaam te zijn geweest als personeel bij zijn vader, tuinder H.J.B. van der Meer en bij tuinder J.G. Ruitenbeek, hetgeen door beiden werd bevestigd. Van der Meer overhandigde mij een verklaring van Ruitenbeek en van Dinkgreve, voorzitter van de Tuinders Veiling Vereeniging voor Amsterdam en Omstreken, waarbij zijn verklaring wordt bevestigd. Als personeel van zijn vader heeft van der Meer toegang gehad tot de Centrale Markt in 1937. Van der Meer wil thans voor eigen rekening kleinhandel gaan drijven met groenten en daartoe een plaats aanvragen op een der dagmarkten. Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft van der Meer de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.

Amsterdam 11 April 1942
Controleur,

Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.

[Handtekening: Fellthuis]

[Handgeschreven kanttekeningen]

(Links onder)
Vragenlijst afstempelen en doorzenden naar Den Haag.
Akkoord.

(Rechts onder)
Aanname formulier naar H.O.B.C. met rapport contr. Fellthuis en bewijzen van vroeger hiertoe.
[Onleesbare paraaf]
Jacc. Dit document is een ambtelijk rapport van een controleur van het Amsterdamse Marktwezen. De 29-jarige B.H.M. van der Meer vraagt toestemming om als zelfstandig groenteboer op de markt te mogen staan.

Kernpunten uit het rapport:
1. Ervaring: De aanvrager heeft ruim 16 jaar ervaring (sinds 1926) in de tuinbouwsector, werkend voor zijn vader en een andere tuinder.
2. Bewijslast: Hij heeft schriftelijke verklaringen ingediend van zijn voormalige werkgevers en de voorzitter van de Veilingvereniging om zijn vakbekwaamheid aan te tonen.
3. Toegang: Er wordt specifiek vermeld dat hij in 1937 al toegang had tot de Centrale Markt, wat zijn status als 'ingewijde' in de branche bevestigt.
4. Oordeel: De controleur acht de aanvraag legitiem en de verstrekte informatie naar waarheid ingevuld.

De handgeschreven notities wijzen op de bureaucratische afhandeling: het dossier moest voor definitieve goedkeuring worden doorgezonden naar Den Haag (waarschijnlijk naar het overkoepelende Rijksbureau of de relevante vakgroep). Het document dateert van april 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de distributie van voedsel strikt gereguleerd en was de handel in groenten en fruit aan strenge vergunningen onderworpen.

  • Vestigingswetgeving: Tijdens de bezetting werden de regels voor het starten van een eigen bedrijf aangescherpt. Men moest aantonen over voldoende vakkennis te beschikken. Dit rapport dient als bewijs voor die vakkennis.
  • Locatie: De Boerenwetering in Amsterdam was destijds een belangrijke aanvoerroute voor tuinbouwproducten per schuit richting de stad.
  • Bureaucratie: De verwijzing naar "Den Haag" in de kantlijn duidt op de centralisatie van het bestuur onder de bezetter. Veel economische beslissingen en erkenningen van handelaren werden op nationaal niveau getoetst door de zogenaamde 'Vakgroepen' of de 'Centrale Organisaties' die door de bezetter waren ingesteld om de economie te controleren.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk rapport van een controleur van het Amsterdamse Marktwezen. De 29-jarige B.H.M. van der Meer vraagt toestemming om als zelfstandig groenteboer op de markt te mogen staan.

Kernpunten uit het rapport:
1. Ervaring: De aanvrager heeft ruim 16 jaar ervaring (sinds 1926) in de tuinbouwsector, werkend voor zijn vader en een andere tuinder.
2. Bewijslast: Hij heeft schriftelijke verklaringen ingediend van zijn voormalige werkgevers en de voorzitter van de Veilingvereniging om zijn vakbekwaamheid aan te tonen.
3. Toegang: Er wordt specifiek vermeld dat hij in 1937 al toegang had tot de Centrale Markt, wat zijn status als 'ingewijde' in de branche bevestigt.
4. Oordeel: De controleur acht de aanvraag legitiem en de verstrekte informatie naar waarheid ingevuld.

De handgeschreven notities wijzen op de bureaucratische afhandeling: het dossier moest voor definitieve goedkeuring worden doorgezonden naar Den Haag (waarschijnlijk naar het overkoepelende Rijksbureau of de relevante vakgroep).

Historische Context

Het document dateert van april 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de distributie van voedsel strikt gereguleerd en was de handel in groenten en fruit aan strenge vergunningen onderworpen.

  • Vestigingswetgeving: Tijdens de bezetting werden de regels voor het starten van een eigen bedrijf aangescherpt. Men moest aantonen over voldoende vakkennis te beschikken. Dit rapport dient als bewijs voor die vakkennis.
  • Locatie: De Boerenwetering in Amsterdam was destijds een belangrijke aanvoerroute voor tuinbouwproducten per schuit richting de stad.
  • Bureaucratie: De verwijzing naar "Den Haag" in de kantlijn duidt op de centralisatie van het bestuur onder de bezetter. Veel economische beslissingen en erkenningen van handelaren werden op nationaal niveau getoetst door de zogenaamde 'Vakgroepen' of de 'Centrale Organisaties' die door de bezetter waren ingesteld om de economie te controleren.

Locaties

De Boerenwetering in Amsterdam was destijds een belangrijke aanvoerroute voor tuinbouwproducten per schuit richting de stad.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 6