Archief 745
Inventaris 745-369
Pagina 67
Dossier 2C
Jaar 1942
Stadsarchief

Officieel ambtelijk rapport met handgeschreven kanttekeningen.

23 april 1942 (met annotaties tot 25 april 1942).

Origineel

Officieel ambtelijk rapport met handgeschreven kanttekeningen. 23 april 1942 (met annotaties tot 25 april 1942). (Linksboven, paars stempel/kenmerk:)
Nº 2 B/27/1 M. 1942 23/4

(Midden boven, getypt:)
R A P P O R T

(Rechtsboven, handgeschreven in inkt:)
Vragenlijst stempelen en doorzenden naar Den Haag
Accoord. [onleesbare signatuur] 25/4 '42.

(Getypte tekst:)
H. Baars, oud 25 jaar en wonende Rombout Hogerbeetsstraat 71 alhier, verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit. Hij verklaart van 1934 in de betrokken kleinhandel werkzaam te zijn als personeel van zijn vader, kooper J. Baars, hetgeen mij bij onderzoek huist [sic] is gebleken. Als personeel van zijn vader heeft hij toegang tot de Centrale Markt sinds 1934. Zijn vader heeft een groentezaak, gevestigd Alb: Cuypstraat 82 alhier. Baars wil thans voor eigen rekening zaken gaan doen en overweegt daartoe het bezitten van een plaats op de dagmarkt aan de Alb/Cuypstraat. Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft Baars de vragen van zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.

Amsterdam 23 April 1942
Controleur,
[Handtekening: Felthuijs]

(Linkermarge, handgeschreven in inkt:)
Felthuijs deze zaak is toch gesloten? Rapport is dan niet volledig [onleesbare signatuur] 25/4 '42

(Onderaan, handgeschreven in inkt en rood potlood:)
Den Heer bedrijfschef v/h Marktwezen
aanv. rapp. 22-4-42
Baars Sr is gestraft door den Prijsrechter!
Tot wanneer?
Moet m.i. niet zóó worden erkend om zaken v/vader verder te drijven!
[Initialen/Paraaf] Het document betreft een screening van de 25-jarige H. Baars voor een zelfstandige marktvergunning op de Albert Cuypmarkt. Hoewel de controleur (Felthuijs) aanvankelijk een positief advies geeft omdat de aanvraag feitelijk juist lijkt, ontstaat er onenigheid in de ambtelijke hiërarchie.

Uit de handgeschreven notities blijkt dat de vader van de aanvrager, J. Baars, een straf heeft gekregen van de "Prijsrechter". Dit wijst op een overtreding van de prijsvoorschriften of handel in de zwarte markt, wat tijdens de bezettingsjaren streng werd gecontroleerd. De leidinggevende (waarschijnlijk de bedrijfschef) vreest dat de zoon slechts als stroman fungeert om de gesanctioneerde handel van de vader voort te zetten. Er wordt expliciet getwijfeld aan de volledigheid van het rapport en de wenselijkheid van de erkenning. Dit document is een treffend voorbeeld van de economische regulering in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog (april 1942). Onder het regime van de Duitse bezetter was de schaarste groot en de distributie van levensmiddelen aan strikte regels gebonden.

  1. De Prijsrechter: Dit was een specifiek ambt ingesteld om economische delicten, zoals prijsopdrijving, snelrechtelijk af te handelen. Een veroordeling door de Prijsrechter had grote gevolgen voor de betrouwbaarheid van een ondernemer in de ogen van de overheid.
  2. Albert Cuypmarkt: De Albert Cuyp was ook toen al een essentieel handelsknooppunt in Amsterdam. Vergunningen waren schaars en de controle op wie deze mocht exploiteren was ideologisch en economisch geladen.
  3. Bureaucratie onder bezetting: Het document toont de spanning tussen de uitvoerende controleur en de controlerende instanties, waarbij een familieverband (vader-zoon) in tijden van repressie leidde tot extra argwaan en mogelijke uitsluiting van economisch verkeer.

Samenvatting

Het document betreft een screening van de 25-jarige H. Baars voor een zelfstandige marktvergunning op de Albert Cuypmarkt. Hoewel de controleur (Felthuijs) aanvankelijk een positief advies geeft omdat de aanvraag feitelijk juist lijkt, ontstaat er onenigheid in de ambtelijke hiërarchie.

Uit de handgeschreven notities blijkt dat de vader van de aanvrager, J. Baars, een straf heeft gekregen van de "Prijsrechter". Dit wijst op een overtreding van de prijsvoorschriften of handel in de zwarte markt, wat tijdens de bezettingsjaren streng werd gecontroleerd. De leidinggevende (waarschijnlijk de bedrijfschef) vreest dat de zoon slechts als stroman fungeert om de gesanctioneerde handel van de vader voort te zetten. Er wordt expliciet getwijfeld aan de volledigheid van het rapport en de wenselijkheid van de erkenning.

Historische Context

Dit document is een treffend voorbeeld van de economische regulering in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog (april 1942). Onder het regime van de Duitse bezetter was de schaarste groot en de distributie van levensmiddelen aan strikte regels gebonden.

  1. De Prijsrechter: Dit was een specifiek ambt ingesteld om economische delicten, zoals prijsopdrijving, snelrechtelijk af te handelen. Een veroordeling door de Prijsrechter had grote gevolgen voor de betrouwbaarheid van een ondernemer in de ogen van de overheid.
  2. Albert Cuypmarkt: De Albert Cuyp was ook toen al een essentieel handelsknooppunt in Amsterdam. Vergunningen waren schaars en de controle op wie deze mocht exploiteren was ideologisch en economisch geladen.
  3. Bureaucratie onder bezetting: Het document toont de spanning tussen de uitvoerende controleur en de controlerende instanties, waarbij een familieverband (vader-zoon) in tijden van repressie leidde tot extra argwaan en mogelijke uitsluiting van economisch verkeer.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 6