Handgeschreven brief/klacht.
Origineel
Handgeschreven brief/klacht. 29 mei 1942 (gebaseerd op stempel). Geachte Mijnheer
Met dat wil ik u eens vragen
of dat mag, dat Buis en Kooi
uit duivendrecht de groenten
bij de boeren uit de polder
elken ochtend vandaan halen
dan halen ze karren vol groenten
weg, als we dat allemaal
zouden doen dan zou de
markt niet noodig wezen, als hun
~~alles~~ dan maar alles bij de boeren
vandaan halen dan is erop de
markt geen groenten
Groetend
[Handtekening] De schrijver van deze brief dient een klacht in bij een onbekende instantie (waarschijnlijk de Crisis Controledienst of een marktmeester). De kern van de klacht is dat de firma of de heren "Buis en Kooi" uit Duivendrecht elke ochtend direct bij boeren in de polder grote hoeveelheden groenten opkopen ("karren vol").
De brievenschrijver stelt dat dit de functie van de centrale markt ondermijnt. Als iedereen rechtstreeks bij de bron zou kopen, zou de markt overbodig worden en belangrijker nog: er blijft op de markt niets meer over voor de gewone handel of consument. De tekst getuigt van frustratie over wat de schrijver ziet als oneerlijke handelspraktijken die de reguliere voedselvoorziening verstoren. De brief dateert uit mei 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en een streng distributiesysteem. Om de voedselvoorziening te beheersen, was het verplicht om producten via officiële kanalen (zoals veilingen en markten) te verhandelen.
Het direct opkopen bij boeren ("buitenom de markt") werd door de autoriteiten vaak gezien als illegale handel of zwarte handel. Dergelijke klachtbrieven kwamen in die tijd veelvuldig voor; burgers of concurrerende handelaren gaven elkaar aan wanneer zij vermoedden dat de regels werden ontdoken. De notitie onderaan "Geen adres!" suggereert dat de brief anoniem of onvolledig was verzonden, waardoor de autoriteiten geen antwoord konden sturen of de klager niet konden identificeren.