Ambtelijke correspondentie / brief.
Origineel
Ambtelijke correspondentie / brief. 29 oktober 1942. R'dam 29/10 1942
W. L. M. betr. [Initialen/kenmerk]
Onder terugzending
van het met Uw kantbrief
dd. 27 Oct. jl. om spoedig advies
ontvangen stuk No 921 I.M.
1942 hebben ondergetekenden de
eer U te berichten dat de winkelier
G. Tabak zich ook reeds op 19
Aug. jl met klachten over
de R. M. tot den Burg. heeft gewend.
(zie diens brief dd. 25 Sept.
jl. No 28/82/2 M ; uw nummer
277 I M 1942) - Zie A
Het betreft de verdeeling
van groenten over de verschil-
lende bevolkingscentra onder
de handelaren zullen binnen-
kort - zoo ons door den handel
werd medegedeeld - door middel van verdeelkantoren
en - Commissarissen van Regeerings-
wege voorbehoeften worden...
[Aantekening in de linker marge, in rood potlood verticaal geschreven:]
No 28/82/7
Uw nieuwe aanwijzing op de markt
niet aan te nemen zal 370 mensen
de handen onvrij maken voor verdere [werkzaamheden?] De brief betreft een ambtelijke afhandeling van een klacht van een winkelier, de heer G. Tabak. Hij beklaagde zich bij de burgemeester over de werkwijze van de "R. M." (vermoedelijk de Rijksmarktinstelling of een gerelateerd bureau voor de voedselvoorziening).
De kern van het schrijven gaat over de distributie van groenten. In de herfst van 1942 was de schaarste groot en werd de verdeling steeds strakker gereguleerd. De schrijver meldt dat de verdeling voortaan zal plaatsvinden via specifieke "verdeelkantoren" en onder toezicht van regeringscommissarissen.
De rode kanttekening is bijzonder interessant: het lijkt een waarschuwing aan een superieur dat het afwijzen van een bepaalde markt-aanwijzing direct negatieve gevolgen zal hebben voor een grote groep mensen (370 personen), wat duidt op de grote sociale en economische spanningen in die tijd. Dit document is een treffend voorbeeld van de Nederlandse bureaucratie onder de Duitse bezetting in 1942. De voedselvoorziening was in deze fase van de oorlog volledig gecentraliseerd onder het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVVO).
Winkeliers en handelaren moesten werken binnen een verstikkend web van regels, toewijzingen en distributiebonnen. Klachten over oneerlijke verdeling waren schering en inslag. De brief toont hoe dergelijke individuele klachten van burgers/ondernemers door de ambtelijke molen van Rotterdam gingen, waarbij voortdurend werd verwezen naar eerdere correspondentie en dossiernummers om de controle in de chaos te behouden. G. Tabak Rijksbureau
Samenvatting
De brief betreft een ambtelijke afhandeling van een klacht van een winkelier, de heer G. Tabak. Hij beklaagde zich bij de burgemeester over de werkwijze van de "R. M." (vermoedelijk de Rijksmarktinstelling of een gerelateerd bureau voor de voedselvoorziening).
De kern van het schrijven gaat over de distributie van groenten. In de herfst van 1942 was de schaarste groot en werd de verdeling steeds strakker gereguleerd. De schrijver meldt dat de verdeling voortaan zal plaatsvinden via specifieke "verdeelkantoren" en onder toezicht van regeringscommissarissen.
De rode kanttekening is bijzonder interessant: het lijkt een waarschuwing aan een superieur dat het afwijzen van een bepaalde markt-aanwijzing direct negatieve gevolgen zal hebben voor een grote groep mensen (370 personen), wat duidt op de grote sociale en economische spanningen in die tijd.
Historische Context
Dit document is een treffend voorbeeld van de Nederlandse bureaucratie onder de Duitse bezetting in 1942. De voedselvoorziening was in deze fase van de oorlog volledig gecentraliseerd onder het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVVO).
Winkeliers en handelaren moesten werken binnen een verstikkend web van regels, toewijzingen en distributiebonnen. Klachten over oneerlijke verdeling waren schering en inslag. De brief toont hoe dergelijke individuele klachten van burgers/ondernemers door de ambtelijke molen van Rotterdam gingen, waarbij voortdurend werd verwezen naar eerdere correspondentie en dossiernummers om de controle in de chaos te behouden.