Handgeschreven ambtelijke brief/notitie.
Origineel
Handgeschreven ambtelijke brief/notitie. 6 mei 1942 (genoteerd als 6/5/42). 3/7/~ 6/5/42
AB Ass. Zaken.
In bijlage dezes heb ik de eer U een
afschrift te doen toekomen van een rapport
van den Chef-Hulpopzichter-aflezer aan den
Vischafslag van mijn dienst, inzake dief-
stal van een kist ~~vis~~, ook van dezen afslag.
Beleefd verzoek ik U de verdere
behandeling van dezen diefstal op U te nemen.
[Paraaf / Signatuur] * Taalgebruik: Het document is geschreven in formeel, ambtelijk Nederlands met de destijds gangbare spelling (bijv. "dezen", "den", "Vischafslag"). De toon is uiterst beleefd ("heb ik de eer", "Beleefd verzoek ik U").
* Inhoud: De brief dient als geleidebrief voor een rapport over een diefstal. Een ondergeschikte (de Chef-Hulpopzichter-aflezer) heeft gerapporteerd over de diefstal van een kist bij de visafslag. De schrijver verzoekt de ontvanger om de juridische of politionele afhandeling van deze zaak over te nemen.
* Functies: De term "Hulpopzichter-aflezer" verwijst naar een specifieke functie bij een visafslag, waarbij een aflezer verantwoordelijk was voor het bijhouden van de veiling en de bijbehorende administratie.
* Correcties: In de zesde regel is het woord "vis" (of "visch") doorgehaald na het woord "kist". * Tijdsperiode: De datum 6 mei 1942 plaatst dit document midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogstijd ging de civiele administratie en de handhaving van kleine criminaliteit (zoals de diefstal van een kist bij een afslag) gewoon door volgens de bestaande ambtelijke procedures.
* Locatie: Hoewel een specifieke stad niet wordt genoemd, wijst de term "Vischafslag" op een kustplaats met een significante visserij-industrie, zoals Scheveningen, IJmuiden of Vlaardingen.
* Administratieve context: Het document illustreert hoe routinematige misdrijven binnen overheidsdiensten werden gecommuniceerd en overgedragen tussen verschillende afdelingen of instanties (waarschijnlijk van een gemeentelijke dienst naar de politie of het parket). Politie
Samenvatting
- Taalgebruik: Het document is geschreven in formeel, ambtelijk Nederlands met de destijds gangbare spelling (bijv. "dezen", "den", "Vischafslag"). De toon is uiterst beleefd ("heb ik de eer", "Beleefd verzoek ik U").
- Inhoud: De brief dient als geleidebrief voor een rapport over een diefstal. Een ondergeschikte (de Chef-Hulpopzichter-aflezer) heeft gerapporteerd over de diefstal van een kist bij de visafslag. De schrijver verzoekt de ontvanger om de juridische of politionele afhandeling van deze zaak over te nemen.
- Functies: De term "Hulpopzichter-aflezer" verwijst naar een specifieke functie bij een visafslag, waarbij een aflezer verantwoordelijk was voor het bijhouden van de veiling en de bijbehorende administratie.
- Correcties: In de zesde regel is het woord "vis" (of "visch") doorgehaald na het woord "kist".
Historische Context
- Tijdsperiode: De datum 6 mei 1942 plaatst dit document midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogstijd ging de civiele administratie en de handhaving van kleine criminaliteit (zoals de diefstal van een kist bij een afslag) gewoon door volgens de bestaande ambtelijke procedures.
- Locatie: Hoewel een specifieke stad niet wordt genoemd, wijst de term "Vischafslag" op een kustplaats met een significante visserij-industrie, zoals Scheveningen, IJmuiden of Vlaardingen.
- Administratieve context: Het document illustreert hoe routinematige misdrijven binnen overheidsdiensten werden gecommuniceerd en overgedragen tussen verschillende afdelingen of instanties (waarschijnlijk van een gemeentelijke dienst naar de politie of het parket).