Rapport
Origineel
Rapport 1 december 1942 Een controleur van de Centrale Markt (ondertekend door S. Althuis) De Bedrijfschef van de Centrale Markt [Bovenaan rechts, handgeschreven in inkt:]
Ph Jonkman
2/12 - '42
[geparafeerd]
[Gecentreerd, getypt:]
R_A_P_P_O_R_T _
[Getypte tekst:]
Op het achterterrein van de Centrale Markt(zoogenaamd Joodsch gedeelte
bevindt zich een standpijp van de waterleidng welke defect is. Blijk-
baar is de verbinding eenige centimeters onder den grond verbroken.
Wanneer en op welke wijze dit defect is ontstaan,is mij bij onderzoek
niet kunnen blijken.
[Rechtsonder, getypt:]
Amsterdam 1 December 1942
Controleur
[Linksonder, getypt:]
Den Heer Bedrijfschef
van de Centrale Markt
[Handgeschreven handtekening rechts:]
S. Althuis
[Handgeschreven aantekeningen in het midden, potlood/inkt:]
bm 745
bon aan G.W
en opgeven aan Gem. Ass. Bur.
4/12-'42
[geparafeerd]
Modelbriefje
[Linksonder, handgeschreven in rood potlood:]
3/17/1 * Taal en Spelling: Het document bevat een typefout in het woord "waterleidng" (ontbrekende 'i'). Verder wordt de toenmalige spelling gehanteerd (zoogenaamd, eenige, den grond).
* Inhoud: Het is een ambtelijk bericht over een technische storing (een gebroken waterleidingkoppeling onder de grond). De controleur stelt vast dat de oorzaak van het defect onbekend is.
* Administratieve verwerking: De handgeschreven kanttekeningen tonen de bureaucratische afhandeling aan. "G.W." staat zeer waarschijnlijk voor Gemeentewaterleidingen. Er wordt opdracht gegeven een "bon" te sturen en de schade te melden bij het "Gem. Ass. Bur." (Gemeentelijk Assistentie Bureau). De term "Modelbriefje" suggereert dat er een standaardformulier voor dergelijke meldingen moest worden gebruikt of aangemaakt. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De vermelding van het "zoogenaamd Joodsch gedeelte" van de Centrale Markt in Amsterdam is historisch significant. Vanaf begin 1941 werden Joodse handelaren door de bezetter steeds meer geïsoleerd en gesegregeerd. Op de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat werd een specifiek gedeelte aangewezen waar Joden nog mochten handelen, strikt gescheiden van de niet-Joodse handelaren.
De datum (december 1942) valt in een periode waarin de deportaties van Joden uit Amsterdam al in volle gang waren, waardoor de activiteit in dit "Joodse gedeelte" van de markt sterk was afgenomen of onder extreme druk stond. De zakelijke, bijna banale toon van het rapport over een defecte waterleiding contrasteert scherp met de tragische historische context van de locatie op dat moment.