Gedrukt jaarverslag (economisch/administratief).
Origineel
Gedrukt jaarverslag (economisch/administratief). [Pagina 2]
met een groep handelaren van de Centrale Markt een overeenkomst aangegaan voor het aanleggen van een voorraad stapel- en vatgroenten op de Centrale Markt. Deze opslag geschiedde geheel voor risico van den handel; daartegenover verplichtte de Gemeente zich een van te voren vastgesteld bedrag na afloop der transactie aan den handel te vergoeden voor gemaakte kosten, risico enz. Een en ander is geheel naar wensch verloopen.
De aanvoer van diverse soorten groenten en voornamelijk van fruit heeft in het algemeen den nadeeligen invloed van de oorlogsomstandigheden ondergaan.
De totale hoeveelheid groenten in 1940 aangevoerd op de Centrale Markt komt vrijwel overeen met die van het vorige jaar; de waarde was aanzienlijk hooger.
Van deze groenten was de herkomst, in procenten uitgedrukt, als volgt: Amsterdam en omstreken 35,3 (v.j. 40,2); Westland 12,1 (v.j. 11,5); Langendijk 11 (v.j. 10,1); De Streek 9,8 (v.j. 8,1); Bollenstreek 6,9 (v.j. 6,4); Kennemerland 5,2 (v.j. 5,8); Delftland 4 (v.j. 3,8); Purmerend 4,3 (v.j. 3,4); Friesland 3,9 (v.j. 2); Roelofarendsveen 3,3 (v.j. 3,2); diverse plaatsen binnenland 3,5 (v.j. 2,6); diverse plaatsen buitenland 0,7 (v.j. 2,9).
De aanvoeren uit het buitenland bestonden uit: asperges en tuinboonen (België); andijvie, komkommers en kropsla (Italië), tomaten (Canarische eilanden); uien (Egypte).
In onderstaand staatje zijn aangegeven de opbrengst van pakhuis- en kantoorhuren, benevens de heffingen van het plaatsgeld, entréegeld en zoogenaamd kadegeld over 1939 en 1940.
| Opbrengst | ||
|---|---|---|
| 1939 | 1940 | |
| Pakhuizen A, B, C, D en E ......................................... | ||
| Pakhuizen in de hal ..................................................... | f 124.527,94 | f 123.755,56 |
| Pakhuizen aardappelen | ||
| Kantoren ...................................................................... | „ 1.786,29 | „ 5.002,54 |
| Plaatsen in de hal ....................................................... | ||
| Plaatsen tuinders ........................................................ | „ 66.734,07 | „ 67.765,01 |
| Plaatsen bloemen ........................................................ | ||
| Plaatsen buiten de hal ................................................. | ||
| Kadegelden .................................................................. | „ 8.573,37 | „ 7.629,92 |
| Opbrengst toegangskaarten ........................................ | „ 41.419,75 | „ 39.647,96 |
Van de totale hoeveelheid fruit, in 1940 aangevoerd op de Centrale Markt waren de hoeveelheid zoowel als de waarde minder dan in 1939; hiervan was 72% (v.j. 57,8%) uit eigen land afkomstig en 28% (v.j. 42,2%) uit het buitenland.
De binnenlandsche aanvoeren waren, in procenten uitgedrukt, als volgt: 30 (v.j. 29,7) afkomstig uit Gelderland; 19,9 (v.j. 16,4) uit Utrecht; 17,6 (v.j. 18,2) uit Noordholland; 8,6 (v.j. 11,4) uit het Westland; 8,2 (v.j. 6,1) uit Zuidholland; 7,3 (v.j. 8,8) uit Zeeland; 3 (v.j. 3,2) uit Noord-Brabant; 5,4 (v.j. 6,2) uit Limburg.
De buitenlandsche aanvoeren waren, in procenten uitgedrukt, als volgt: 26,5 (v.j. 9,9) afkomstig uit Spanje; 50,7 (v.j. 36,2) uit Palestina; 4,6 (v.j. 17,1) uit Noord-Amerika; 11,8 uit Italië; 0,4 uit Jamaica; 0,7 uit Zuid-Afrika; 3,2 uit Argentinië; 2,1 uit diverse landen.
[Pagina 3]
Wat de buitenlandsche aanvoeren betreft werden ananassen aangevoerd uit West-Indië en Zuid-Afrika; appelen uit Italië, Noord-Amerika, Australië en Argentinië; bananen uit Jamaica, Santos, Noord-Afrika en de Canarische eilanden; citroenen uit Italië, Spanje, Palestina en Brazilië; dadels uit Tunis; druiven uit Frankrijk en Zuid-Afrika; kastanjes uit Frankrijk en Italië; kersen uit België; kokosnoten uit West-Indië en Ceylon; mandarijnen uit Italië, Spanje, Palestina en Egypte; noten uit Italië en Noord-Amerika; peren uit Italië, Zuid-Afrika, Noord-Amerika, Australië en Argentinië; perziken uit Italië en Zuid-Afrika; pompelmoezen uit Palestina; pruimen uit Italië en Zuid-Afrika; sinaasappelen uit Italië, Spanje, Palestina, Zuid-Afrika en Brazilië.
De totale hoeveelheid aardappelen, in 1940 aangevoerd op de Centrale Markt was, zoowel als de waarde daarvan, aanmerkelijk hooger dan in het vorige jaar.
De herkomst was, in procenten uitgedrukt, in hoofdzaak als volgt: Drente 11, Noord-holland 30,5 (v.j. 31,9), Westland 3 (v.j. 2), Zeeland 42,9 (v.j. 55,1), Friesland 12,2 (v.j. 9,2), Italië 0,1, diverse plaatsen 0,3 (v.j. 0,2).
De waarde van den aanvoer van bloemen in den zoogenaamden bloemenhoek op de Centrale Markt bedroeg minder dan het vorige jaar.
In het koelhuis werden de volgende soorten groenten en fruit opgeslagen: andijvie, asperges, augurken, bloemkool, champignons, doperwten, kantarellen (pfefferlingen), kropsla, peterselie, peulen, postelein, raapstelen, radijs, selderij, snijboonen, spercieboonen, spinazie, spitskool, spruitjes, tomaten, witlof, witlofpennen; aardbeien, amandelen, appelen, bessen, bramen, citroenen, dadels, druiven, frambozen, grape fruit, kersen, peren, perziken, pruimen, rozijnen, sinaasappelen, vijgen en walnoten. Verder nog bloemen, boter en conserven.
Brandstoffenmarkten.
In den loop van het verslagjaar werd de Oudeschans (oostzijde) van de brug bij de Nieuwe Batavierstraat tot de Oosterschekade, aangewezen als tijdelijke hulpmarkt van de brandstoffenmarkt. De duur van de bestaande tijdelijke hulpmarkten werd voor ten hoogste met één jaar verlengd.
De opbrengst aan marktgeld bedroeg f 19.502,95 (v. j. f 20.941,64).
In het verslagjaar werd aan de brandstoffenmarkten van schuiten met 1000 kg laadvermogen liggeld geheven voor het gebruik van gemeentewater:
tegen het weektarief door 3970 schuiten (v.j. 4286 schuiten) met een totalen inhoud van 214.935 ton (v.j. 240.785 ton);
tegen het maandtarief door 62 schuiten (v.j. 127 schuiten) met een totalen inhoud van 4778 ton (v.j. 8340 ton);
tegen het jaartarief door 248 schuiten (v.j. 257 schuiten) met een totalen inhoud van 13.845 ton (v.j. 14.185 ton).
Vischmarkt.
De totale opbrengst der in het verslagjaar voor den afslag aangevoerde en dus van gemeentewege geveilde visch bedroeg minder dan het voorgaande jaar. In verband met de buitengewone omstandigheden was de aanvoer van diverse zeevischsoorten veel geringer.
Aan afslaggelden, aanvoergelden op het buitenterrein en entréegelden werd ontvangen f 13.370,06 (v. j. 15.999,88). * Economische verschuiving: Het document legt de overgang vast van de vooroorlogse handel naar de situatie tijdens het eerste jaar van de Duitse bezetting (1940). Hoewel de hoeveelheid groenten stabiel bleef, steeg de geldwaarde aanzienlijk (inflatie/schaarste).
* Import/Export dynamiek: Er is een duidelijke verschuiving zichtbaar in de fruitvoorziening. Het aandeel buitenlands fruit daalde van 42,2% naar 28%, terwijl het aandeel van Spanje en Palestina (toen nog een Brits mandaatgebied) opvallend hoog bleef ondanks de oorlog.
* Logistiek: De brandstoffenmarkt (voornamelijk kolen/turf) vertoont een daling in het aantal schuiten en tonnage, wat duidt op beginnende brandstofschaarste of transportbeperkingen.
* Terminologie: Gebruik van de afkorting "v.j." (vorig jaar) en het guldenteken "f" (florijn). De spelling is de toenmalige standaard (bijv. "visch", "zoogenaamd", "buitenlandsche"). Dit document is een uittreksel uit een officieel Amsterdams jaarverslag over het marktwezen in 1940. De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam (geopend in 1934). Het verslag illustreert hoe de voedselvoorziening in de stad direct beïnvloed werd door de Tweede Wereldoorlog. De aanvoer van "zeevisch" liep terug omdat de visserij op de Noordzee door oorlogshandelingen en vorderingen van schepen nagenoeg stil kwam te liggen. Ook de vermelding van het aanleggen van noodvoorraden ("stapel- en vatgroenten") door de gemeente getuigt van de voorbereiding op en de reactie op de oorlogssituatie.