Administratief voorblad of bijblad van een dossierstuk.
Origineel
Administratief voorblad of bijblad van een dossierstuk. (Bovenaan, boven het kader):
7/2/1-142
(In het kader linksboven):
BIJBLAD VAN:
M. No. 8A 6/2 1942 [handgeschreven over voorgedrukte stippellijn]
DOORGEZONDEN: [doorgestreept met rode lijnen] 12/1-142 [handgeschreven]
(Direct onder het kader):
12/1-142
(Rechtsboven, handgeschreven in rode inkt):
Hr. Müller besproken door m. [onderstreept]
(Linksonder, gedrukte tekst):
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Administratieve functie: Dit blad fungeerde als een registratie- en routeformulier om de beweging van een specifiek document binnen een archief of organisatie te volgen. Het verbindt verschillende dossiernummers of kenmerken (7/2/1-142, 8A 6/2 en 12/1-142).
* Wijzigingen: De doorhaling bij "DOORGEZONDEN" en de herhaling van het nummer "12/1-142" onder het kader duiden op een correctie of een verandering in de status van het document op 12 januari 1942.
* Handgeschreven notitie: De aantekening in rode inkt ("Hr. Müller besproken door m.") is een zogenaamde 'minuut' of ambtelijke notitie. Het geeft aan dat de inhoud van het dossier is besproken met of door een persoon genaamd Müller. Gezien de datum en de naam zou dit kunnen verwijzen naar een Duitse functionaris werkzaam binnen het bezettingsbestuur.
* Drukwerk: De code linksonder ("10-1937") geeft aan dat deze specifieke partij formulieren is gedrukt in oktober 1937, wat aantoont dat vooroorlogse voorraden tijdens de bezetting werden opgebruikt. Dit document stamt uit januari/februari 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse bureaucratie bleef tijdens de bezetting grotendeels functioneren onder toezicht van de Duitsers. Het departement van "Algemene Zaken" speelde hierbij een centrale rol in de coördinatie. De verwijzing naar "Hr. Müller" is kenmerkend voor de toenemende invloed en aanwezigheid van Duitse beambten (of Nederlanders werkzaam voor de bezetter) in de ambtelijke hiërarchie. Dergelijke bijbladen zijn essentieel voor archivarissen om de oorspronkelijke ordening en de behandelgeschiedenis van dossiers te reconstrueren. M. No
Samenvatting
- Administratieve functie: Dit blad fungeerde als een registratie- en routeformulier om de beweging van een specifiek document binnen een archief of organisatie te volgen. Het verbindt verschillende dossiernummers of kenmerken (7/2/1-142, 8A 6/2 en 12/1-142).
- Wijzigingen: De doorhaling bij "DOORGEZONDEN" en de herhaling van het nummer "12/1-142" onder het kader duiden op een correctie of een verandering in de status van het document op 12 januari 1942.
- Handgeschreven notitie: De aantekening in rode inkt ("Hr. Müller besproken door m.") is een zogenaamde 'minuut' of ambtelijke notitie. Het geeft aan dat de inhoud van het dossier is besproken met of door een persoon genaamd Müller. Gezien de datum en de naam zou dit kunnen verwijzen naar een Duitse functionaris werkzaam binnen het bezettingsbestuur.
- Drukwerk: De code linksonder ("10-1937") geeft aan dat deze specifieke partij formulieren is gedrukt in oktober 1937, wat aantoont dat vooroorlogse voorraden tijdens de bezetting werden opgebruikt.
Historische Context
Dit document stamt uit januari/februari 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse bureaucratie bleef tijdens de bezetting grotendeels functioneren onder toezicht van de Duitsers. Het departement van "Algemene Zaken" speelde hierbij een centrale rol in de coördinatie. De verwijzing naar "Hr. Müller" is kenmerkend voor de toenemende invloed en aanwezigheid van Duitse beambten (of Nederlanders werkzaam voor de bezetter) in de ambtelijke hiërarchie. Dergelijke bijbladen zijn essentieel voor archivarissen om de oorspronkelijke ordening en de behandelgeschiedenis van dossiers te reconstrueren.