Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag op dun papier).
Origineel
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag op dun papier). 12 maart 1942. J.J. Sieburgh. Den Beauftragten des Reichskommissars für die Stadt Amsterdam (De Gevolmachtigde van de Rijkscommissaris voor de stad Amsterdam). HG.
Den Beauftragten des
Reichskommissars für
die Stadt Amsterdam,
Museumplein 19,
Amsterdam-Zuid.
12 Maart 1942.
Für Ihre freundliche Einladung zur Eröffnung der Ausstel-
lung neuzeitliche Wandteppiche, sage ich Ihnen verbindlichen Dank
und werde derselben gerne Folge leisten.
(J.J.Sieburgh) * Vorm: Het document is een sober, zakelijk schrijven op grijsachtig doorslagpapier. Rechtsboven staan de initialen "HG.", wat mogelijk verwijst naar een archiefcode of de initialen van een secretaris/typist.
* Inhoud: De tekst is een zeer formele en beleefde bevestiging van aanwezigheid bij de opening van een tentoonstelling genaamd "neuzeitliche Wandteppiche" (moderne wandtapijten).
* Taalgebruik: Opvallend is dat de brief in het Duits is gesteld, maar dat de maand in de datumnotatie op zijn Nederlands is gespeld ("Maart" in plaats van het Duitse "März"). Dit duidt op een Nederlandse afzender die correspondeert met de bezettingsautoriteiten.
* Personen: J.J. Sieburgh (Johannes Jacobus Sieburgh) was indertijd een hoge ambtenaar/architect bij de Publieke Werken van Amsterdam. Hij onderhield in die hoedanigheid contacten met de Duitse bezetter over stedenbouwkundige en culturele zaken. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De geadresseerde, de "Beauftragte" in Amsterdam, was Hans Böhmcker. Hij was de directe vertegenwoordiger van Rijkscommissaris Arthur Seyss-Inquart in de stad en hield toezicht op het gemeentebestuur.
De locatie "Museumplein 19" was het zenuwcentrum van de Duitse civiele administratie in Amsterdam. Dat Sieburgh werd uitgenodigd voor een tentoonstelling van wandtapijten past in het beleid van de bezetter om het culturele leven te controleren en te gebruiken voor propaganda, waarbij vaak de nadruk werd gelegd op kunstvormen die pasten binnen de nationaalsocialistische esthetiek of de 'Germaanse' traditie. De brief illustreert de formele interactie tussen de Nederlandse bureaucratie en de bezettingsmacht in het voorjaar van 1942. J.J. Sieburgh (Johannes Jacobus Sieburgh) was indertijd een hoge ambtenaar/architect bij de Publieke Werken van Amsterdam. Hij onderhield in die hoedanigheid contacten met de Duitse bezetter over stedenbouwkundige en culturele zaken.