Handgeschreven verslag/notulen van besprekingen.
Origineel
Handgeschreven verslag/notulen van besprekingen. [Margriet linksboven:] MAART
3 ~~Februari~~ 1942 : Bespreking Directeur, H.H. Lieburgh, Broerse en Van Duinhoven van Marktwezen F. van Meurs, Jarrossonius en Brienen.
Ombouw tuindersauto's.
Wachtende op Jhr. Roëll komt er telefonisch bericht, dat deze is verhinderd.
Jhr. Roëll adviseert telefonisch zich voor wat financiering betreft, te wenden tot H. Dolman van Dept. v. Financiën.
Besloten wordt, thans in ieder geval reeds te beginnen met het opzetten van een calculatie en een organisatie omdat men ten slotte toch met een plan bij den Middenstandsbank moet komen.
Verder zullen 4 ~~Februari~~ MAART de H.H. Bol, Casteleyn c.s., dat zijn de tuinders, die thans het asvervoer hebben georganiseerd, worden opgeroepen om een en ander te bespreken.
In eerste plaats moet getracht worden te bereiken, dat de tuinders, die zelf direct den ombouw kunnen bekostigen, hiertoe aan te sporen, omdat dan Sibberg kan beginnen met ombouwen.
Vervolgens wordt de volgende leiddraad opgezet (zie apart getypte opstelling)
4 Maart 1942. Zelfde Heeren als boven + Dijkgraaf, Bouten, Holla, Schreurs, Bol, Casteleyn, Geerts.
Directeur geeft uiteenzetting zie boven.
Schreurs dus crediet met afbetaling in termijnen.
Als situatie verandert en er weer benzine komt, krijgen dan degenen, die nog niet alle termijnen hebben afgelost, kwijtschelding?
Neen, alles moet geheel worden afbetaald.
De tuinders maken groot bezwaar tegen financiering; kunnen de tuinders nimmer betalen. Men zet uiteen, dat 1 auto voor 1 rit naar de markt 6 uur in gebruik is.
Stel 200 kisten per auto à 4 ct. per kist vracht = f. 8.= opbrengst. Hiermit kunnen de kosten voor personeel, afschrijving, aflossing, rente e.d. niet worden betaald. Bovendien soms opbrengst spinazie 1 cent voor gehele kist. Dit document biedt een inkijkje in de logistieke en financiële problemen van de Nederlandse tuinbouwsector tijdens de Duitse bezetting. Vanwege de vordering van brandstoffen (benzine) door de bezetter, moesten particuliere voertuigen worden omgebouwd om op alternatieve brandstoffen te rijden, meestal houtgasgeneratoren.
De kern van het conflict in dit verslag is economisch:
1. De Overheid/Directie: Wil de ombouw centraliseren, plannen maken voor de Middenstandsbank en tuinders dwingen of aansporen om de kosten zelf te dragen.
2. De Tuinders: Zij wijzen op de onmogelijkheid om deze investering terug te verdienen. De rekenmethode onderaan het document toont aan dat de marges flinterdun waren. Een opbrengst van 8 gulden per rit was onvoldoende om de vaste lasten, laat staan de lening voor een dure ombouw, te dekken. De angst voor een plotselinge terugkeer naar benzine (waarbij de investering in de ombouw waardeloos zou worden) wordt expliciet benoemd. In 1942 was de schaarste in Nederland alomtegenwoordig. De "ombouw" waarover gesproken wordt, verwijst naar de installatie van gasgeneratoren op vrachtwagens en auto's. Bedrijven zoals 'Sibberg' (mogelijk een lokale carrosseriebouwer of garage) voerden dit werk uit. De genoemde "Middenstandsbank" (nu onderdeel van ING) was destijds de aangewezen instantie voor kredieten aan kleine ondernemers. De vermelding van "spinazie 1 cent voor gehele kist" illustreert de diepe economische malaise en de soms absurd lage veilingprijzen voor producten die niet naar de export (Duitsland) gingen.