Ambtelijk rapport van de Centrale Crisis Controle Dienst (CCCD).
Origineel
Ambtelijk rapport van de Centrale Crisis Controle Dienst (CCCD). 25 april 1942 (betreft inspectie op 21 april 1942). W. v. d. Zee (IJmuiden) en A. Hoogervorst (Amsterdam), controleurs bij de CCCD, Afdeling Peulvruchten en Visserij. De Directie van het Gemeentelijk Marktwezen te Amsterdam. [Stempel/kenmerk rechtsboven:]
No 46A / 97 / M. 1942 20/4
381 [in blauw potlood]
[Linkermarge, handgeschreven notitie:]
afschrift rapport
doorsturen aan
Ned. Ver. Centr.
met
opmerking
of het
gewenscht is,
dat vanwege
Centrale
tegen
Wynschenk
maatregelen
worden
genomen
D.
[Hoofdtekst:]
Centrale Crisis Controle dienst
Afd. Peulvruchten en Visscherij
Amsterdam 25 April 1942
Aan
De Directie v/h Gemeentelijk Marktwezen
te Amsterdam.
Ambtelijk rapport
Ondergeteekenden, W. v. d. Zee, wonende te IJmuiden,
Matroosstraat 16, en A. Hoogervorst, wonende te Amsterdam,
Tolstraat 62 III, beiden Controleurs.
Crisiswet 1933, tevens aangewezen als opsporingsambtenaar
inzake het Prijsbeheersingsbesluit bij beschikking
van den Gemachtigde voor de Prijzen d.d. 18 Juni 1941, verklaren:
Op Dinsdag den 21sten April 1942, des na-
middags te ongeveer 12 uur en 10 minuten bevonden
wij ons, in een ongenummerde lokaliteit, of een voormaligen
speeltuin aan de Gaaspstraat, thans aangewezen
als marktplaats voor Joodsche kooplieden, gelegen
binnen de Gemeente A'dam.
Wij zagen daar op een der kramen of karren
een partij van circa 30 pond IJsselmeerbot.
De koopman die zich bij den kar of kraam
bevond, die ons desgevraagd mededeelde eigenaar
van genoemde IJsselmeerbot te zijn, gaf ons desgevraagd
op te zijn:
Izak Locher
geb 3 October 1916 te A'dam, wonende te
A'dam, Gesellijnstraat 181 II, Nederlander,
van beroep visch koopman.
46A [rechtsonder] Dit rapport beschrijft een controlebezoek van de Centrale Crisis Controle Dienst (CCCD) op de speciaal voor Joden aangewezen markt in de Gaaspstraat in Amsterdam. De controleurs constateren de aanwezigheid van een partij van 30 pond IJsselmeerbot bij de koopman Izak Locher.
Hoewel het rapport zelf geen expliciete overtreding noemt anders dan de vaststelling van het bezit, duidt de marginale notitie op een breder onderzoek. Er wordt gesuggereerd om het rapport door te sturen naar de "Ned. Ver. Centr." (waarschijnlijk de Nederlandse Vereniging voor de Centrale van Visserijproducten) om te bepalen of er maatregelen genomen moeten worden tegen een zekere Wynschenk. Dit wijst op een mogelijke verdenking van illegale handel of prijsopdrijving (zwarte handel) buiten de officiële distributiekanalen om, wat in 1942 streng werd gecontroleerd door de Duitse bezetter en de Nederlandse crisisdiensten. 1. De CCCD: De Centrale Crisis Controle Dienst werd oorspronkelijk in de jaren '30 opgericht om de Crisiswetgeving te handhaven. Tijdens de bezetting werd deze dienst door de Duitsers ingezet om de distributie en prijsbeheersing strikt te controleren en de zwarte handel te bestrijden.
2. Joodse Markten: Vanaf september 1941 werden Joden in Amsterdam steeds meer geïsoleerd. Er werden drie specifieke locaties aangewezen waar Joden nog mochten handelen (Gaaspstraat, Waterlooplein en de Joubertstraat). Niet-Joden mochten deze markten niet bezoeken. De Gaaspstraat-markt bevond zich inderdaad op het terrein van een voormalige speeltuin.
3. Izak Locher: De genoemde Izak (Isaac) Locher (geboren 3 oktober 1916) was inderdaad een viskoopman. Uit historische bronnen (zoals het Joods Monument) blijkt dat hij de oorlog niet heeft overleefd; hij werd in juli 1943 in Sobibor vermoord.
4. Wynschenk: De naam Wynschenk in de marge verwijst waarschijnlijk naar Bernard Wynschenk, een destijds prominente Joodse visgroothandelaar die nauwlettend in de gaten werd gehouden door de bezettingsautoriteiten in verband met de visvoorraad in Amsterdam.