Archief 745
Inventaris 745-381
Pagina 178
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Brief (verzoekschrift)

20 mei 1942 Van: J. J. Haagedoorn, viswinkelier te Amsterdam Aan: Directeur van het Marktwezen, Amsterdam

Origineel

Brief (verzoekschrift) 20 mei 1942 J. J. Haagedoorn, viswinkelier te Amsterdam Directeur van het Marktwezen, Amsterdam No 46^A/114/4 M. 1942 22/5
Amsterdam 20 Mei 1942

Aan den Wel Edele Heer Direkteur v/h
Marktwezen

Wel Edele Heer.

Met deze wendt Ondergeteekende zich tot U.
Edele met het Vriendelijke Verzoek; daar hij
nu al pl.m. 4 weken is uitgesloten van aal en
garnalen om wederom in aanmerking te mogen
komen voor aal en garnalen daar ondergeteekende
in groote moeilijkheden komt te verkeeren gezien
zijn gezin bestaande uit man Vrouw en 4 kinderen
er erg onder te lijden hebben en groote kosten heb
aan Winkel en Woninghuur belasting enz. en
door dat mijn toewijzing is ingetrokken niet in staat
is die kosten op te brengen?

Hopende als dat U Edele mij voor algehele
ondergang wilt sparen: ik geef U de Heilige
Verzekering dat ik tot zulke dingen niet meer zal
overgaan! En Verzoek U Edele beleefd een Gunstig
antwoordt te mogen ontvangen waarvoor ik U bij
voorbaat beleefd dank zeg en teeken ik J. J. Haagedoorn
privé Van Hogendorpstraat 61 II
Winkel Van Limburgstirumstraat 33 Amsterdam (West) In deze brief verzoekt J. J. Haagedoorn, een vishandelaar uit Amsterdam-West, de Directeur van het Marktwezen om hem weer toe te laten tot de verkoop van aal en garnalen. Hij is op dat moment reeds vier weken uitgesloten van deze handel.

De toon van de brief is nederig en dwingend tegelijk ("Heilige Verzekering", "algehele ondergang"). Haagedoorn voert zware financiële en sociale motieven aan: hij heeft een gezin met vier kinderen en kan de vaste lasten van zijn winkel, woning en belastingen niet meer opbrengen zonder de inkomsten uit de verkoop van deze specifieke vissoorten.

Opvallend is de impliciete erkenning van een overtreding. Haagedoorn belooft plechtig "dat ik tot zulke dingen niet meer zal overgaan". Hoewel hij niet expliciet vermeldt wat er is gebeurd, suggereert dit een eerdere overtreding van de marktvoorschriften of distributieregels, wat in de bezettingstijd leidde tot uitsluiting van toewijzingen. De brief dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode van toenemende schaarste en strikte regulering van de voedselvoorziening via het distributiestelsel. Het 'Marktwezen' hield streng toezicht op de handel.

Winkeliers waren volledig afhankelijk van officiële 'toewijzingen' (toewijzing van handelswaar door de overheid). Wie zich niet aan de prijsvoorschriften hield of handelde op de zwarte markt, liep het risico zijn vergunning of toewijzing te verliezen. Voor een kleine zelfstandige in een volksbuurt als de Staatsliedenbuurt (waar de Van Limburg Stirumstraat ligt) betekende zo'n uitsluiting directe armoede voor het hele gezin. De brief illustreert de precaire overlevingsstrijd van kleine ondernemers tijdens de oorlogsjaren, waarbij men volledig was overgeleverd aan de gunst van ambtenaren. J. Haagedoorn U. Marktwezen

Samenvatting

In deze brief verzoekt J. J. Haagedoorn, een vishandelaar uit Amsterdam-West, de Directeur van het Marktwezen om hem weer toe te laten tot de verkoop van aal en garnalen. Hij is op dat moment reeds vier weken uitgesloten van deze handel.

De toon van de brief is nederig en dwingend tegelijk ("Heilige Verzekering", "algehele ondergang"). Haagedoorn voert zware financiële en sociale motieven aan: hij heeft een gezin met vier kinderen en kan de vaste lasten van zijn winkel, woning en belastingen niet meer opbrengen zonder de inkomsten uit de verkoop van deze specifieke vissoorten.

Opvallend is de impliciete erkenning van een overtreding. Haagedoorn belooft plechtig "dat ik tot zulke dingen niet meer zal overgaan". Hoewel hij niet expliciet vermeldt wat er is gebeurd, suggereert dit een eerdere overtreding van de marktvoorschriften of distributieregels, wat in de bezettingstijd leidde tot uitsluiting van toewijzingen.

Historische Context

De brief dateert van mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een periode van toenemende schaarste en strikte regulering van de voedselvoorziening via het distributiestelsel. Het 'Marktwezen' hield streng toezicht op de handel.

Winkeliers waren volledig afhankelijk van officiële 'toewijzingen' (toewijzing van handelswaar door de overheid). Wie zich niet aan de prijsvoorschriften hield of handelde op de zwarte markt, liep het risico zijn vergunning of toewijzing te verliezen. Voor een kleine zelfstandige in een volksbuurt als de Staatsliedenbuurt (waar de Van Limburg Stirumstraat ligt) betekende zo'n uitsluiting directe armoede voor het hele gezin. De brief illustreert de precaire overlevingsstrijd van kleine ondernemers tijdens de oorlogsjaren, waarbij men volledig was overgeleverd aan de gunst van ambtenaren.

Genoemde Personen 2

Locaties

Amsterdam (Van Limburg Stirumstraat / Van Hogendorpstraat)

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Garnalen Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 6