Handgeschreven verzoekschrift voor een vergunning.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift voor een vergunning. 21 mei 1942 (gebaseerd op het stempel "M. 1942 21/5"). H. v. Ekeren, wonende aan de Binnen Dommerstraat 3-huis te Amsterdam. [Stempel/notatie linksboven:] $N^o$ 46 A / 176/1
[Stempel/notatie rechtsboven:] M. 1942 21/5
Mijn Heer
hiermede vraag ik uw om
vergunning om mijn aal
te Rooken die ik ontvang
daar ik een standplaats
heeft op de Brug Prinse
gracht en de gerookte vis
is mijn hoofd bestaan mijn
Rooker is H. Dammen
Binne Oranjestraat $N^o$ 22 daar
heb ik altijd zelf gerookt
in afwachting
H v Ekeren
Binne Dommerstraat
$N^o$ 3 huis Centr.
Amsterdam
--- * Inhoud: De afzender, H. v. Ekeren, verzoekt de autoriteiten om een vergunning voor het roken van aal (paling). Hij legt uit dat hij een standplaats heeft op een brug over de Prinsengracht en dat de verkoop van gerookte vis zijn belangrijkste bron van inkomsten ("hoofd bestaan") is. Hij vermeldt tevens de locatie van de rokerij (bij H. Dammen in de Binnen Oranjestraat), waar hij voorheen blijkbaar zelf ook werkzaam was.
* Taalgebruik: Het document is geschreven in het Nederlands met enkele grammaticale en spellingsfouten die typerend zijn voor de gesproken taal van die tijd (bijv. "uw" in plaats van "u", "heeft" in plaats van "heb", en "Binne" in plaats van "Binnen"). Dit wijst op een schrijver uit de arbeidersklasse.
* Paleografie: Het handschrift is een cursief uit het midden van de 20e eeuw, over het algemeen goed leesbaar. De hoofdletters 'R' en 'B' zijn prominent aanwezig. * Historische context: Het document dateert uit mei 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van schaarste en strikte regulering van de voedselvoorziening en handel. Voor vrijwel elke bedrijfsmatige activiteit, zeker met betrekking tot voedselverwerking zoals het roken van vis, was een officiële vergunning vereist.
* Lokale context: De genoemde locaties (Prinsengracht, Binnen Oranjestraat, Binnen Dommerstraat) bevinden zich in het centrum van Amsterdam. De "standplaats op de brug" verwijst naar de traditionele Amsterdamse straathandel. Het document geeft een inkijkje in hoe kleine zelfstandigen probeerden hun nering voort te zetten onder de moeilijke omstandigheden van de bezettingsjaren. H. Dammen