Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag op dun papier).
Origineel
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag op dun papier). 23 mei 1942. Een onbekende "Directeur" (waarschijnlijk van een overheidsinstantie of distributiebureau); referentie "vD/B." en "46A/184/1 M.". Den heer P. Hansen, groothandelaar in visch te Enkhuizen. [Handgeschreven, linksboven:] Verzonden 27/5
[Rechtsboven:] vD/B.
[Rechtsboven, onder referentie:]
den heer P. Hansen,
Groothandelaar in visch,
Enkhuizen.
[Links:] 46A/184/1 M.
[Rechts:] 23 Mei 1942.
Hiermede verzoek ik U, mij te willen opgeven, welke hoeveelheden aal de kleinhandelaar J.J. Looyen Sr, geboren 6 Mei 1888, wonende te Amsterdam, in de jaren 1937, 1938, 1939 en 1940 van U heeft betrokken.
Van Uwe inlichtingen zal een vertrouwelijk gebruik worden gemaakt.
De Directeur, De brief is een formeel administratief verzoek om inlichtingen. De afzender, optredend als "De Directeur", vraagt een visgroothandelaar uit Enkhuizen om specifieke verkoopcijfers van een Amsterdamse kleinhandelaar (J.J. Looyen Sr.) over een periode van vier jaar (1937-1940).
Opvallend is de gedetailleerde identificatie van de kleinhandelaar (geboortedatum en woonplaats), wat wijst op een officieel onderzoek of een controle door een overheidsorgaan. De term "vertrouwelijk gebruik" suggereert dat de verzamelde informatie kan worden gebruikt in een juridische of strafrechtelijke context, of voor het vaststellen van quota.
Het taalgebruik is formeel en typisch voor die tijd (bijv. "visch", "Hiermede", "Uwe"). De handgeschreven aantekening "Verzonden 27/5" wijst op de administratieve verwerking van het document vier dagen na de type-datum. De datum van de brief, 23 mei 1942, plaatst dit document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de schaarste aan goederen groot en was het distributiestelsel volledig van kracht.
De autoriteiten (zoals de Crisis-Controle-Dienst of het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening) voerden strenge controles uit op de handel om "sluikhandel" (zwarte markt) tegen te gaan. Door de inkoopgegevens van vóór de oorlog (1937-1939) en het begin van de oorlog (1940) op te vragen, konden controleurs nagaan of een handelaar in de huidige oorlogsjaren (1942) eerlijke opgaves deed van zijn voorraden en omzet.
De keuze voor Enkhuizen als locatie voor de groothandelaar is logisch, aangezien dit een belangrijk centrum was voor de IJsselmeervisserij, waar de aal (paling) een essentieel handelsproduct was. Dit document is een klein radertje in de enorme bureaucratische machine die de Nederlandse voedselvoorziening tijdens de bezetting probeerde te reguleren en te controleren.