Getypte brief (doorslag op grijs/blauw papier).
Origineel
Getypte brief (doorslag op grijs/blauw papier). 30 mei 1942. Waarnemend Directeur van (vermoedelijk) de Visscherijcentrale. Den Heer V.N. de Bray, Transvaalkade 38 I, Amsterdam-Oost. [Handgeschreven in potlood]: Verzonden 30/5
HB.
den Heer V.N. de Bray,
Transvaalkade 38 I,
Amsterdam-O.
Wijk 20.
46A/233/2 M. 30 Mei 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 26 dezer deel ik U
mede, dat na onderzoek door de door de Visscherijcentrale inge-
stelde Commissie is gebleken, dat U niet voor een toewijzing van
versche visch in aanmerking kunt komen.
Aan Uw verzoek kan derhalve geen gevolg worden gegeven.
De Directeur, wnd, De brief is een formeel, ambtelijk schrijven waarin een verzoek van de heer V.N. de Bray wordt afgewezen. De heer De Bray had op 26 mei 1942 een brief gestuurd met een aanvraag voor een toewijzing van "versche visch" (verse vis). Een speciaal door de Visscherijcentrale ingestelde commissie heeft dit verzoek onderzocht en geoordeeld dat de aanvrager hiervoor niet in aanmerking komt. De toon van de brief is kortaf en beslist, kenmerkend voor de bureaucratie tijdens de bezettingsjaren. Het document is waarschijnlijk een kopie voor het archief, gezien de kleur van het papier en de handgeschreven notitie over de verzenddatum. Dit document stamt uit mei 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De **Visscherijcentrale** was een overheidsorgaan dat tijdens de oorlog de volledige controle had over de handel, distributie en prijzen van visproducten. Vanwege de schaarste was bijna alles op de bon en werden vergunningen voor de handel in of toewijzing van levensmiddelen strikt gereguleerd.
Het adres van de ontvanger, de Transvaalkade in Amsterdam-Oost, lag in een buurt met een grote Joodse populatie. In mei 1942 waren de anti-Joodse maatregelen in volle gang (zoals de invoering van de Jodenster op 3 mei 1942). Veel Joodse ondernemers en burgers werden in deze periode stelselmatig uitgesloten van economische activiteiten en toewijzingen van goederen. Hoewel de brief de reden van afwijzing niet expliciet noemt, past het in het beeld van de toenemende beperkingen en de centrale aansturing van de voedselvoorziening door de bezetter en de collaborerende instanties. De Bray (De heer) O.
Samenvatting
De brief is een formeel, ambtelijk schrijven waarin een verzoek van de heer V.N. de Bray wordt afgewezen. De heer De Bray had op 26 mei 1942 een brief gestuurd met een aanvraag voor een toewijzing van "versche visch" (verse vis). Een speciaal door de Visscherijcentrale ingestelde commissie heeft dit verzoek onderzocht en geoordeeld dat de aanvrager hiervoor niet in aanmerking komt. De toon van de brief is kortaf en beslist, kenmerkend voor de bureaucratie tijdens de bezettingsjaren. Het document is waarschijnlijk een kopie voor het archief, gezien de kleur van het papier en de handgeschreven notitie over de verzenddatum.
Historische Context
Dit document stamt uit mei 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Visscherijcentrale was een overheidsorgaan dat tijdens de oorlog de volledige controle had over de handel, distributie en prijzen van visproducten. Vanwege de schaarste was bijna alles op de bon en werden vergunningen voor de handel in of toewijzing van levensmiddelen strikt gereguleerd.
Het adres van de ontvanger, de Transvaalkade in Amsterdam-Oost, lag in een buurt met een grote Joodse populatie. In mei 1942 waren de anti-Joodse maatregelen in volle gang (zoals de invoering van de Jodenster op 3 mei 1942). Veel Joodse ondernemers en burgers werden in deze periode stelselmatig uitgesloten van economische activiteiten en toewijzingen van goederen. Hoewel de brief de reden van afwijzing niet expliciet noemt, past het in het beeld van de toenemende beperkingen en de centrale aansturing van de voedselvoorziening door de bezetter en de collaborerende instanties.