Archiefdocument
Origineel
Marktwezen [in rood onderstreept]
Amsterdam, 29-8-42
Nº 46^a/321/76 M. 1942 3/9
Rapport.
m. Insp. [paraaf]
Heden werd door mij op verzoek Hr. Duinhoven geïnformeerd bij de Politiekazerne Corn. Troostplein en Politiebureau Pieter Aertszstr. terzake inbeslaggenomen aal en paling.
[In de linkermarge:]
zou agent zijn van bureau stadhouderskade?
Bij beide instanties was daaromtrent niets bekend. Evenmin op de bureaux Reijnier Vinkeleskade en Stadhouderskade.
Gehoord: G. Poeste, Ruysdaelkade 197 II.
Deze verklaarde dat 2 agenten hadden genoteerd een zekere Karel Zwaan, die aal en paling zou bezorgen aan Rooseman van D.W. Het verhaal was eenigszins duister. Er zou niets in beslag genomen zijn.
Rooseman, Jacob Catsstraat 1, niet gehoord wegens afwezigheid.
Gedane mededeeling welke politie-instantie gegevens verstrekt heeft aan Marktwezen, teneinde na te gaan welke agenten de notities hebben gedaan. Dit document betreft een onderzoek van de Amsterdamse dienst Marktwezen naar een onduidelijke zaak rondom de handel in aal en paling. In augustus 1942, midden in de bezettingsperiode, was de handel in dergelijke goederen strikt gereguleerd en was er een levendige zwarte markt.
De inspecteur probeert te verifiëren of er daadwerkelijk vis in beslag is genomen door de politie. Ondanks bezoeken aan vier verschillende politiebureaus in Amsterdam-Zuid en West, blijkt er nergens een officiële melding van de inbeslagname te zijn. Een getuige (Poeste) suggereert dat twee agenten aantekeningen hebben gemaakt over een levering aan een zekere Rooseman van "D.W." (mogelijk Dienst der Watervoorziening of Dienst Wederopbouw). De inspecteur concludeert dat het verhaal "duister" is, wat wijst op een vermoeden van een niet-officiële (of mogelijk corrupte) handeling door de betreffende agenten, aangezien er geen vis is ingeleverd bij de centrale opslag. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was het Bureau Marktwezen belast met het toezicht op de distributie en prijsvorming van goederen. Inbeslagnames van schaarse levensmiddelen moesten volgens strikte procedures worden gerapporteerd en afgehandeld.
Dit rapport toont de bureaucratische frictie tussen de politie en economische controlediensten. Het feit dat agenten wel "notities hebben gedaan" maar er "niets bekend" is bij de instanties, duidt op de schimmige sfeer waarin de handel in schaarse goederen destijds plaatsvond. De genoemde locaties in de Pijp en Oud-Zuid waren indertijd brandpunten van zowel reguliere als illegale handel. D.W. Het G. Poeste Marktwezen Politie