Ambtelijk rapport/proces-verbaal van de Centrale Contrôle Dienst (CCD).
Origineel
Ambtelijk rapport/proces-verbaal van de Centrale Contrôle Dienst (CCD). 26 oktober 1942 (met latere aantekeningen van november 1942). 1 1/4 kg Wijting f 1.65 moest betalen. inplaats van
f 1.50 hoewel dit een prijs als van f 1.20 p/kg berekend
werd, terwijl dit maar mocht zijn 1 1/4 x f 1.10 =
f. 1.37 ½.
Hierop bericht de verkoper, althans de man die
in de winkel verantwoordelijk is, de persoon, die opgegeven
op gaf te zijn:
Huib Arie Bremken
geb 6 Januari 1893 te Utrecht, Ned. onderdaan,
wonende te Hillegersberg, Pr. Rotte kade 30 b (gem.
Rotterdam) filiaal houder van den "Mies"
te IJmuiden;
ziet op een vergissing en kan geen nadere verklaring
hiervoor geven.
desgevraagd bekende H. A. Bremken het te veel betaalde
bedrag f 0.27 ½ terug aan L. J. Molenaar voornoemd
terug.
Bremken was aan de prijs niet aangeslagen.
Terzake overtreding van:
1e. Art. 4 lid 1 van het Prijsminderingsbesluit;
2e. Art 4 van de Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch
heb ik H. A. Bremken een proces-verbaal aangezegd.
Uit het feit dat menschen die blijkbaar mijn naam en facie
nog weinig kennen, eigener beweging f 1.20 p/kg wilden
betalen is voor mij vast te staan dat de
prijs gewoonlijk werd gevraagd.
Hiervan is door mij op mijn ambtseed opgemaakt
dit ambtelijk rapport, gesteld en getekend te
Amsterdam 26 October 1942.
De Controleur Centrale Controledienst
(w.g.) A. Hogeveen
577
Door controleur
Hogeveen wordt
thans nagegaan of aan
Bremken in verband met
het hierboven gerapporteerde
ontslag is verleend bij
Maatsch. T.M.v.Z.
(Aantekening in rood potlood:)
Div. Repr.
Zoodra dit is gebeurd!
Ter zake informatie bij Hr. Paaschen CCD
v.w.b. betreft resultaat behandeling zaak door prijsrechter.
4-11-'42 (geparafeerd)
10-11-42
(Aantekening linksonder:)
Hr. Visser deelde mij mede dat
de zaak van Bremken nog niet door prijsrechter is behandeld.
10-11-42. * De Overtreding: De kern van het rapport is een prijs-overtreding. Een klant moest f 1,65 betalen voor 1,25 kg wijting, terwijl de wettelijk vastgestelde prijs f 1,10 per kilo was (totaal f 1,37 ½). Er werd dus f 0,27 ½ te veel gerekend.
* Verweer: De verdachte, Bremken, voert aan dat het een vergissing was. Controleur Hogeveen trekt dit in twijfel; hij merkt op dat klanten die hem niet kennen als controleur, uit zichzelf de te hoge prijs al wilden betalen, wat suggereert dat deze te hoge prijs de standaardpraktijk in de winkel was.
* Juridische Context: Er wordt verwezen naar het 'Prijsminderingsbesluit' en de 'Prijzenbeschikking 1942 Zeevisch'. Dit waren instrumenten van de bezettingsmacht om inflatie en zwarte handel tegen te gaan en de voedselvoorziening beheersbaar te houden.
* Gevolgen: Naast het proces-verbaal onderzoekt de controleur of de werkgever (mogelijk de Transit Maatschappij voor Zeevisch) Bremken heeft ontslagen naar aanleiding van dit incident. De zaak wordt uiteindelijk doorverwezen naar de 'prijsrechter'. Dit document is een treffend voorbeeld van de economische controle tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De Centrale Contrôle Dienst (CCD) was belast met de opsporing van overtredingen van de distributie- en prijsvoorschriften. In een tijd van schaarste was prijsbeheersing essentieel om te voorkomen dat goederen enkel nog voor de rijken (via de zwarte markt) beschikbaar waren. De controleurs werkten vaak incognito, zoals blijkt uit de opmerking over het niet kennen van de 'facie' (het gezicht) van de controleur. De strikte handhaving leidde niet zelden tot ontslag van personeel, aangezien bedrijven zware boetes of sluiting riskeerden bij herhaalde overtredingen.