Ambtelijke brief/memorandum (doorslag of archiefexemplaar).
Origineel
Ambtelijke brief/memorandum (doorslag of archiefexemplaar). 24 december 1942. Onbekend (vermoedelijk een hoofd van een controledienst of marktwezen). VB/HB.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
46a/321/143c M 1. 24 December 1942.
afvoering verdeel-
lijst L.C. Brave.
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen toekomen afschrift van een rapport d.d. 12 December jl. van den contrôleur Reyinga van mijn dienst en een aanvullend rapport van den Inspecteur De Haer, betreffende den vischkoopman L.C. Brave, wonende Anjeliersstraat 126 III. Uit dit rapport blijkt, dat Brave mosselen heeft verkocht boven den daarvoor vastgestelden prijs, terwijl hij zijn toewijzing zoetwatervisch door zijn stiefvader op het Mosplein heeft laten verkoopen. In verband met deze overtredingen is Brave dezerzijds voorloopig van de verdeeling van mosselen en visch uitgesloten.
Naar aanleiding hiervan heeft Brave zich schriftelijk tot mij gewend; van zijn brief doe ik U in bijlage dezes afschrift toekomen. Brave, te mijnen kantore gehoord, erkende de mosselen tegen 11 cent per kg. te hebben verkocht, in plaats van tegen 8 cent per kg. Dit zou echter te goeder trouw zijn geschied, terwijl Brave ook na de tusschenkomst van den marktambtenaar voor 11 cent is blijven verkoopen, terwille van den indruk tegenover het publiek. De toewijzing zoetwatervisch heeft hij door zijn stiefvader op de markt Mosplein later verkoopen, omdat hij nog niet in het bezit was van een weegschaal! Dit document betreft een disciplinaire maatregel tegen een Amsterdamse viskoopman tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de zaak is tweeledig:
1. Prijsopdrijving: L.C. Brave heeft mosselen verkocht voor 11 cent per kilo, terwijl de officieel vastgestelde prijs 8 cent was. Dit werd gezien als een ernstige overtreding van de distributievoorschriften.
2. Onreglementaire handel: Hij heeft zijn toegewezen quotum zoetwatervis niet zelf verkocht, maar dit overgelaten aan zijn stiefvader op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord).
De verdediging van Brave is opmerkelijk: hij claimt dat de prijsverhoging "te goeder trouw" was en dat hij de prijs niet meer omlaag durfde aan te passen nadat hij door een ambtenaar was aangesproken, uit angst voor gezichtsverlies tegenover zijn klanten. De illegale verkoop door zijn stiefvader wijt hij aan het feit dat hij zelf nog geen weegschaal bezat.
De consequentie is zwaar: Brave wordt voorlopig uitgesloten van de "verdeeling", wat betekent dat hij geen handel meer krijgt toegewezen en dus effectief zijn beroep niet meer kan uitoefenen. Het document dateert uit december 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste aan voedsel groot en was alles strikt gerantsoeneerd via het distributiestelsel.
- Prijsbeheersing: De bezetter en de Nederlandse overheid onder toezicht stelden maximumprijzen vast om zwarte handel en inflatie tegen te gaan. Overtredingen, hoe klein ook (zoals de 3 cent verschil in dit document), werden streng gestraft omdat ze het systeem ondermijnden.
- Wethouder voor de Levensmiddelen: In Amsterdam was dit tijdens de oorlog een cruciale functie, belast met de eerlijke verdeling van de schaarse goederen in de stad.
- Locatie: De genoemde locaties (Anjeliersstraat in de Jordaan en het Mosplein in Noord) plaatsen de gebeurtenissen in de context van de Amsterdamse volksbuurten, waar de druk van de voedselvoorziening dagelijks voelbaar was. De uitsluiting van de distributielijst betekende in feite een broodroof voor de betrokkene.