Handgeschreven brief met administratieve aantekeningen.
Origineel
Handgeschreven brief met administratieve aantekeningen. 9 juni 1942. A. de Munk Sr. (visverkoper). [Bovenaan de pagina:]
№ 46a/340/1 M. 1342 12/6 M.
46a/340/2 [in rood potlood]
Amsterdam 9 Juni ’42
Weledle Heer.
Ik ben nu 61 jaar en één van de oudste vischkoopers van de markt circa 35 jaar officieel. Nu zou ik u willen verzoeken of ik niet in aanmerking kan komen voor een dubbelen toewijzing, rauwe en gerookte aal want ik krijg nu maar 40 pond in de week Ik heb honderden ponden aal betrokken van Rooseman, Huip, Stevens en Molenaar. Hopende op een welwillend antwoord uwerzijds
Hoogachtend.
A. de Munk. Sr
2e Leliedwarsstraat 6 huis
Amsterdam.
C.
P.S. Ik was zelfrooker en heb nu een winkel en ventwijk.
[Onderaan de pagina, administratieve aantekeningen:]
Middelhuisje 13/6 '42
Van A.
46
[In rood:]
Verzoek meerdere malen in commissie behandeld, doch steeds afgewezen. 15-6-'42 detto * De kern van het verzoek: A. de Munk Sr., een ervaren visboer uit de Amsterdamse Jordaan (2e Leliedwarsstraat), vraagt om een verhoging van zijn wekelijkse rantsoen aal (paling). Hij onderbouwt zijn verzoek door te wijzen op zijn 35-jarige staat van dienst en het feit dat hij voorheen veel grotere hoeveelheden inkocht bij bekende leveranciers.
* Bedrijfsvoering: De schrijver geeft aan dat hij zowel een fysieke winkel als een "ventwijk" (verkoop langs de deur) heeft, en dat hij voorheen zelf vis rookte. Dit verklaart zijn behoefte aan zowel rauwe als gerookte aal.
* Resultaat: Onderaan het document staat de ambtelijke beslissing in rode inkt. Ondanks zijn anciënniteit en argumenten is het verzoek na behandeling in een commissie afgewezen. Dit was de definitieve beslissing op 15 juni 1942. Dit document is een treffend voorbeeld van de bureaucratische realiteit in Nederland tijdens de Duitse bezetting (1940-1945). Vanwege schaarste was de handel in vrijwel alle levensmiddelen strikt gereguleerd via een distributiesysteem en toewijzingen (quota).
Zelfstandige ondernemers zoals De Munk waren volledig afhankelijk van deze ambtelijke toewijzingen om hun bedrijf draaiende te houden. De afwijzing van zijn verzoek, ondanks zijn lange staat van dienst, illustreert de starheid van het systeem en de toenemende tekorten in 1942. De genoemde namen (Rooseman, Huip, etc.) verwijzen waarschijnlijk naar bekende groothandelaren of vissers uit die tijd. A. de Munk P.S. Ik