Officiële kennisgeving/brief van de gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële kennisgeving/brief van de gemeente Amsterdam. 12 oktober 1942. De Burgemeester van Amsterdam (Edward Voute). Den heer J. Smits, 2e Oosterparkstraat 153, Amsterdam. № 77/79/4 M. 1942 13/10
[Handgeschreven rechtsboven:] Markt
Aan
den heer J. Smits,
2e Oosterparkstraat 153,
A_L_H_I_E_R(O).
L.M. 54/33
-1942-
[Stempel links:] acc [geinitialeerd]
[Handgeschreven annotatie boven de datum, deels onleesbaar:] m. die / bedrij [...] / [geinitialeerd]
12 October 1942.
Ik deel U mede te hebben besloten, den termijn van veertien da-
gen, gedurende welken de Directeur van het Marktwezen U den toegang
tot de Centrale Markt heeft ontnomen wegens het U schuldig maken
aan vervalsching van een emballagebon ten nadeele van de Amsterdam-
sche Fustcentrale, voor vier maanden te verlengen, derhalve tot en
met 9 Februari 1943.
VM
De Burgemeester van Amsterdam,
(get.) Voute
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN * Onderwerp: De brief betreft een verlenging van een ontzegging van de toegang tot de Centrale Markt in Amsterdam.
* Overtreding: De heer J. Smits heeft zich schuldig gemaakt aan de vervalsing van een emballagebon (een bon voor verpakkingen zoals kratten of fusten) ten nadele van de Amsterdamsche Fustcentrale.
* Strafmaat: De oorspronkelijke schorsing van veertien dagen, opgelegd door de Directeur van het Marktwezen, wordt door de burgemeester verzwaard en verlengd met vier maanden, tot en met 9 februari 1943.
* Ondertekening: Het document is getekend (getypte kopie van de ondertekening) door Edward Voute (burgemeester) en J.F. Franken (gemeentesecretaris). De afkorting "ALHIER(O)" bij het adres duidt aan dat de geadresseerde in dezelfde stad (Amsterdam) woont, mogelijk met de toevoeging 'O' voor Amsterdam-Oost. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Edward Voute was in deze periode de door de bezetter aangestelde regeringscommissaris/burgemeester van Amsterdam. Hij stond bekend om zijn meegaande houding ten opzichte van de bezettingsmacht.
De Centrale Markt was in die tijd een cruciaal knooppunt voor de voedselvoorziening en distributie. Vanwege de oorlogsschaarste en de invoering van het distributiestelsel (bonnenkaarten) werd er streng toegezien op fraude met officiële documenten zoals emballagebonnen. Vervalsing van dergelijke bonnen werd gezien als een economisch delict dat de gecontroleerde distributie van goederen ondermijnde. De forse verlenging van de straf (van 14 dagen naar 4 maanden) illustreert het strikte beleid van het toenmalige stadsbestuur tegen dergelijke vergrijpen.