Archief 745
Inventaris 745-392
Pagina 180
Dossier 39
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven briefje / correspondentie.

Van: J. Brand. Aan: Mijnheer Ter Haar.

Origineel

Handgeschreven briefje / correspondentie. J. Brand. Mijnheer Ter Haar. Mijnheer Ter Haar met dese laat
ik weten dat ik het schrijven ont
vangen heb van de f 5.04 maar
dat ik van de week niet bij machtigt
ben om het af te lossen daar ik
een woens dag ben begonnen met
werk maar ik zal het een maan-
dag de 19 januari betalen en er
voor zorgen dat mijn afrekening
gelijk blijft Hopende dat het goed is
J. Brand Egelantiersstr: 166 III A In dit kort schrijven reageert J. Brand op een bericht ("het schrijven") van Mijnheer Ter Haar betreffende een te betalen bedrag van 5 gulden en 4 cent. Brand geeft aan dat hij dit bedrag deze week nog niet kan aflossen omdat hij pas die woensdag is begonnen met werken (en dus waarschijnlijk nog geen loon heeft ontvangen). Hij belooft de schuld op maandag 19 januari te voldoen en spreekt de intentie uit om zijn financiële verplichtingen verder correct na te komen ("dat mijn afrekening gelijk blijft"). Het handschrift is een vlot maar netjes cursief. De taal bevat archaïsche spelling en grammaticale constructies ("dese", "bij machtigt" in plaats van "bij machte"). De vermelding van de Egelantiersstraat plaatst het document in de Amsterdamse Jordaan, rond 1900 een typische volksbuurt. Voor een arbeider in die tijd was een bedrag van f 5,04 substantieel; het kon zomaar een derde tot de helft van een weekloon beslaan. De noodzaak om uitstel te vragen zodra men een paar dagen werk had gemist, illustreert de precaire financiële situatie van de arbeidersklasse in die periode.

Op basis van de kalender viel 19 januari op een maandag in de jaren 1885, 1891, 1897, 1903, 1914 en 1920. Gezien de schrijfstijl en de context van de sociale geschiedenis in de Jordaan is een datering rond de eeuwwisseling (ca. 1890-1915) het meest waarschijnlijk.

Samenvatting

In dit kort schrijven reageert J. Brand op een bericht ("het schrijven") van Mijnheer Ter Haar betreffende een te betalen bedrag van 5 gulden en 4 cent. Brand geeft aan dat hij dit bedrag deze week nog niet kan aflossen omdat hij pas die woensdag is begonnen met werken (en dus waarschijnlijk nog geen loon heeft ontvangen). Hij belooft de schuld op maandag 19 januari te voldoen en spreekt de intentie uit om zijn financiële verplichtingen verder correct na te komen ("dat mijn afrekening gelijk blijft"). Het handschrift is een vlot maar netjes cursief. De taal bevat archaïsche spelling en grammaticale constructies ("dese", "bij machtigt" in plaats van "bij machte").

Historische Context

De vermelding van de Egelantiersstraat plaatst het document in de Amsterdamse Jordaan, rond 1900 een typische volksbuurt. Voor een arbeider in die tijd was een bedrag van f 5,04 substantieel; het kon zomaar een derde tot de helft van een weekloon beslaan. De noodzaak om uitstel te vragen zodra men een paar dagen werk had gemist, illustreert de precaire financiële situatie van de arbeidersklasse in die periode.

Op basis van de kalender viel 19 januari op een maandag in de jaren 1885, 1891, 1897, 1903, 1914 en 1920. Gezien de schrijfstijl en de context van de sociale geschiedenis in de Jordaan is een datering rond de eeuwwisseling (ca. 1890-1915) het meest waarschijnlijk.

Kooplieden in dit dossier 1

M. Soep Uilenburg

Gerelateerde Documenten 6