Archief 745
Inventaris 745-392
Pagina 230
Dossier 27
Jaar 1942
Stadsarchief

Kopie of doorslag van een officiële aanmaning/dienstmededeling.

30 juli 1942. Van: De waarnemend Directeur van een Amsterdamse gemeentedienst (waarschijnlijk de Dienst der Markten).

Origineel

Kopie of doorslag van een officiële aanmaning/dienstmededeling. 30 juli 1942. De waarnemend Directeur van een Amsterdamse gemeentedienst (waarschijnlijk de Dienst der Markten). [Handgeschreven rechtsboven in potlood:]
I re . bv . Müller
HB.

[Handgeschreven middenboven in blauwe inkt:]
Intra [?]

[Getypte tekst:]
85/1/27 M. 30 Juli 1942.

  Hiermede breng ik onder Uw aandacht, dat U op 25 Juli j.l.

terzake van het plaatsen van kramen e.d. op de markten een be-
drag van / aan mijn dienst verschuldigd was.
Ik geef U thans alsnog de gelegenheid dit bedrag binnen
vier dagen na dato dezes te betalen bij den kassier van mijn
dienst, bij gebreke waarvan ik het Gemeentebestuur zal voorstel-
len de U verleende vergunning in te trekken.

                                      De Directeur,
                                      wnd.

Gezonden aan:
S.Abram, Joden Houttuinen 42 A, f 2,25
F.Wayeret, le Van der Helststraat 19 " 3,37
A.v.d.Berg, Borgerstraat 53 " 3,63
J.Fleysman, Lindengracht 158 II "24,52
Stoker-Tieman, Linnaeusdw.straat 12 "14,12
fa.B.Siebeler & Zn, Madurastraat 42 hs " 1,32 * Onderwerp: Het document betreft een laatste waarschuwing aan marktkooplieden die hun staangeld ("terzake van het plaatsen van kramen") van 25 juli 1942 nog niet hebben voldaan.
* Dwangmiddel: De directeur dreigt met het intrekken van de marktvergunning als er niet binnen vier dagen wordt betaald.
* Administratieve efficiëntie: In plaats van individuele brieven te archiveren, is hier een verzamellijst gebruikt met de namen, adressen en de specifieke verschuldigde bedragen (variërend van f 1,32 tot f 24,52).
* Geografische spreiding: De adressen beslaan verschillende delen van Amsterdam (Jordaan, de Pijp, Oud-West, Oost).
* Opmerkelijke details: De handgeschreven aantekening "Müller" kan verwijzen naar een specifieke ambtenaar die belast was met de afhandeling. * Tijdsgewricht: De brief is gedateerd 30 juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een cruciale en angstaanjagende periode voor de Joodse bevolking van Amsterdam; de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork waren slechts twee weken eerder, op 15 juli 1942, begonnen.
* Joodse marktkooplieden: Op de lijst staan namen en adressen die wijzen op Joodse ondernemers. "Joden Houttuinen" lag in het hart van de Joodse buurt. S. Abram en J. Fleysman zijn namen die in de Joodse gemeenschap veel voorkwamen. In 1941 waren Joodse marktkooplieden door de bezetter al geweerd van de reguliere markten en gedwongen hun nering te drijven op speciale "Joodse markten" (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat).
* Bureaucracy as usual: Het document illustreert de kille doorwerking van de gemeentelijke bureaucratie. Terwijl de Joodse bevolking werd opgejaagd en weggevoerd, bleef de gemeente Amsterdam strikt de regels handhaven voor het innen van kleine bedragen aan staangeld en het dreigen met intrekking van vergunningen van mensen die mogelijk al waren opgepakt of ondergedoken.
* Lotgevallen: Historisch onderzoek in archieven (zoals de Joodse Raad-kaarten) zou kunnen uitwijzen of de genoemde personen op deze lijst de oorlog hebben overleefd. Voor velen was het onbetaald laten van dergelijke zakelijke rekeningen in de zomer van 1942 een direct gevolg van de deportaties.

Samenvatting

  • Onderwerp: Het document betreft een laatste waarschuwing aan marktkooplieden die hun staangeld ("terzake van het plaatsen van kramen") van 25 juli 1942 nog niet hebben voldaan.
  • Dwangmiddel: De directeur dreigt met het intrekken van de marktvergunning als er niet binnen vier dagen wordt betaald.
  • Administratieve efficiëntie: In plaats van individuele brieven te archiveren, is hier een verzamellijst gebruikt met de namen, adressen en de specifieke verschuldigde bedragen (variërend van f 1,32 tot f 24,52).
  • Geografische spreiding: De adressen beslaan verschillende delen van Amsterdam (Jordaan, de Pijp, Oud-West, Oost).
  • Opmerkelijke details: De handgeschreven aantekening "Müller" kan verwijzen naar een specifieke ambtenaar die belast was met de afhandeling.

Historische Context

  • Tijdsgewricht: De brief is gedateerd 30 juli 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Dit was een cruciale en angstaanjagende periode voor de Joodse bevolking van Amsterdam; de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork waren slechts twee weken eerder, op 15 juli 1942, begonnen.
  • Joodse marktkooplieden: Op de lijst staan namen en adressen die wijzen op Joodse ondernemers. "Joden Houttuinen" lag in het hart van de Joodse buurt. S. Abram en J. Fleysman zijn namen die in de Joodse gemeenschap veel voorkwamen. In 1941 waren Joodse marktkooplieden door de bezetter al geweerd van de reguliere markten en gedwongen hun nering te drijven op speciale "Joodse markten" (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat).
  • Bureaucracy as usual: Het document illustreert de kille doorwerking van de gemeentelijke bureaucratie. Terwijl de Joodse bevolking werd opgejaagd en weggevoerd, bleef de gemeente Amsterdam strikt de regels handhaven voor het innen van kleine bedragen aan staangeld en het dreigen met intrekking van vergunningen van mensen die mogelijk al waren opgepakt of ondergedoken.
  • Lotgevallen: Historisch onderzoek in archieven (zoals de Joodse Raad-kaarten) zou kunnen uitwijzen of de genoemde personen op deze lijst de oorlog hebben overleefd. Voor velen was het onbetaald laten van dergelijke zakelijke rekeningen in de zomer van 1942 een direct gevolg van de deportaties.

Kooplieden in dit dossier 1

M. Soep Uilenburg

Gerelateerde Documenten 6