Archief 745
Inventaris 745-392
Pagina 456
Dossier 10
Jaar 1942
Stadsarchief

Archiefdocument

11 mei 1942

Origineel

11 mei 1942 4X / 11 Mei '42 Bespr. met RM.

Dhr. Schloss (Middenst. Bank)
Dijkstra, Draaisma. J. Krame, P. Brod,
Van der Horst, P. de Jong.

Conclusies.

Geregeld moet worden – Reglement;
1. Contante Betaling
2. Voorschrift verplichte verkoopnoties, ook bij contante betaling

Laten te regelen verplichte boekhouding
(Draaisma: Voorschrift Ingetekende biedt reeds dat men moet kunnen aantonen hoe men aan een prijs is gekomen)

Van een overeenkomst tusschen groot- & kleinhandel kan geen sprake zijn. (De medewerking kleinhandels organisaties althans bestuursleden voor het plan zijn). Evenmin overeenkomst tusschen groothandelaren onderling (momenteel geen voldoende belangstelling daar transacties reeds grootendeels contant geschieden & dit wel eerst later weer anders worden. Psychologisch thans geschikte tijd voor overheidsregeling. Zal dus geheel van Gemeentewege moeten worden voorgeschreven.

In Reglement te regelen:
1. Ieder kooper en verkooper is onderworpen aan de door BM

  1. Het document bevat de samenvattende conclusies van een bespreking over de economische ordening tijdens de bezettingsjaren. De kernpunten zijn:
  2. Stroomlijning van betalingen: Er wordt aangedrongen op een reglement voor contante betalingen en de verplichte uitgifte van verkoopnota's, zelfs bij contante transacties. Dit was een maatregel om prijsbeheersing te controleren en de zwarte handel tegen te gaan.
  3. Boekhoudplicht: Er wordt verwezen naar een opmerking van Draaisma dat men moet kunnen aantonen hoe een prijs tot stand is gekomen (kostprijsberekening).
  4. Onwil tot zelfregulering: De tekst stelt expliciet dat een vrijwillige overeenkomst tussen de groot- en kleinhandel niet haalbaar is. Omdat handelaren momenteel de voorkeur geven aan informele contante transacties, is er geen animo voor onderlinge afspraken.
  5. Overheidsingrijpen: Vanwege het gebrek aan medewerking vanuit de sector zelf, wordt geconcludeerd dat de regeling "van Gemeentewege" (door de lokale overheid/magistraat) dwingend moet worden opgelegd via een Bestuursmaatregel (BM). Dit document dateert van mei 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de controle op de Nederlandse economie en prijsvorming drastisch verscherpte. De "RM" in de aanhef kan verwijzen naar een Rijkscommissariaat of een specifieke Regeringsmaatregel.

De betrokkenheid van de "Middenstandsbank" wijst erop dat de maatregelen grote impact hadden op kleine ondernemers. De overgang van vrijwillige branche-afspraken naar gedwongen overheidsregels is typerend voor de gelijkschakeling en de distributie-economie tijdens de Tweede Wereldoorlog. De opmerking over de "psychologisch geschikte tijd" suggereert dat de overheid misbruik wilde maken van de chaotische marktomstandigheden om meer grip op de geldstromen te krijgen.

Samenvatting

Het document bevat de samenvattende conclusies van een bespreking over de economische ordening tijdens de bezettingsjaren. De kernpunten zijn:
1. Stroomlijning van betalingen: Er wordt aangedrongen op een reglement voor contante betalingen en de verplichte uitgifte van verkoopnota's, zelfs bij contante transacties. Dit was een maatregel om prijsbeheersing te controleren en de zwarte handel tegen te gaan.
2. Boekhoudplicht: Er wordt verwezen naar een opmerking van Draaisma dat men moet kunnen aantonen hoe een prijs tot stand is gekomen (kostprijsberekening).
3. Onwil tot zelfregulering: De tekst stelt expliciet dat een vrijwillige overeenkomst tussen de groot- en kleinhandel niet haalbaar is. Omdat handelaren momenteel de voorkeur geven aan informele contante transacties, is er geen animo voor onderlinge afspraken.
4. Overheidsingrijpen: Vanwege het gebrek aan medewerking vanuit de sector zelf, wordt geconcludeerd dat de regeling "van Gemeentewege" (door de lokale overheid/magistraat) dwingend moet worden opgelegd via een Bestuursmaatregel (BM).

Historische Context

Dit document dateert van mei 1942, een periode waarin de Duitse bezetter de controle op de Nederlandse economie en prijsvorming drastisch verscherpte. De "RM" in de aanhef kan verwijzen naar een Rijkscommissariaat of een specifieke Regeringsmaatregel.

De betrokkenheid van de "Middenstandsbank" wijst erop dat de maatregelen grote impact hadden op kleine ondernemers. De overgang van vrijwillige branche-afspraken naar gedwongen overheidsregels is typerend voor de gelijkschakeling en de distributie-economie tijdens de Tweede Wereldoorlog. De opmerking over de "psychologisch geschikte tijd" suggereert dat de overheid misbruik wilde maken van de chaotische marktomstandigheden om meer grip op de geldstromen te krijgen.

Kooplieden in dit dossier 1

M. Soep Uilenburg

Gerelateerde Documenten 6