Getypte ambtelijke nota of concept-reglement (pagina 4).
Origineel
Getypte ambtelijke nota of concept-reglement (pagina 4). Vermoedelijk omstreeks 1939-1940 (gezien de referentie naar een advies uit februari 1939). -4-
haafd en dat de uitvoering ervan geheel in handen blijft van de te vormen betalingsorganisatie. Het ligt in de bedoeling van den groothandel om als bankinstelling in te schakelen de Nederlandsche Middenstandsbank, welke thans reeds op de Centrale Markt zoo’n uitgebreid werkterrein heeft gevonden. Hieronder zal ik derhalve de punten aangeven, waarmede naar mijn meening het Reglement op de Centrale Markt moet worden aangevuld; de uitvoering wordt onder toezicht van de Gemeente (i.c. mijn dienst) in handen gelegd van een Commissie uit den handel en de Gemeente treedt slechts op, wanneer ~~xxx~~ notoire wanbetalers van de markt moeten worden geweerd.
Ik acht het niet waarschijnlijk, dat tegen het door mij geopperde plan juridische bezwaren zouden bestaan en moge in dit verband bijv. verwijzen naar ^het^ destijds terzake uitgebrachte advies van een hoogleeraar d.d. 16 Februari 1939, waaruit ik aanhaal, dat een bepaald vraagpunt zou kunnen worden opgeworpen, "wanneer de Gemeente "bijv. voor alle transacties op de markt contante betaling dwingend "zou voorschrijven. Ook dan echter zou ik (de Hoogleeraar) de be-"voegdheid daartoe geen oogenblik in twijfel trekken."
De uitwerking der door mij hieronder aan te geven punten zoude ik, waar het hier ongetwijfeld over moeilijke juridische vraagstukken gaat, gaarne willen overlaten aan de deskundigen van Uwe Afdeeling en mogelijk ook andere, gemeentelijke juristen, terwijl het wellicht gewenscht zal zijn om over de aanvullingen van het Reglement daarna eveneens het oordeel in te winnen van den Gemeenteadvocaat.
Art. van het Reglement op de Centrale Markt zou ik willen aanvullen met de bepaling, dat aan verkoopers en koopers slechts toegang tot de Centrale Markt wordt verleend indien zij zich onderwerpen aan de op de markt geldende betalingsvoorschriften.
Na art. zou ik in het Reglement willen opnemen, dat het verkoopers verboden is aan koopers langer crediet te verleenen, dan gedurende de loopende kalenderweek en de eerste drie dagen der daarop volgende week, zodat des Woensdags alle vorderingen, die in de voorafgaande kalenderweek zijn ontstaan, moeten zijn betaald.
Indien de kooper op dezen Woensdag nalatig blijft om te betalen, is de verkooper verplicht hiervan aan den Directeur van het Marktwezen kennis te geven, die dan kooper en verkooper oproept.
Geeft een der partijen aan die oproeping geen gehoor dan worde hem den toegang tot de Centrale Markt ontzegd, totdat hij aan de ~~oproeping~~ ^oproeping^ gehoor heeft gegeven.
Indien de opgeroepen debiteur de vordering ontkent zal eerst door een gerechtelijk vonnis uitgemaakt moeten worden, dat de vordering vaststaat.
Indien de vordering vaststaat wordt zij of direct geheel voldaan of wel wordt een betalingsregeling getroffen.
Gedurende den tijd der "betalingsregeling" is het verkooper verboden op crediet te leveren en kooper om op crediet te koopen. (dus alleen contantzaken); ook van andere verkoopers verboden (allemaal) * Taalgebruik: Het document is gesteld in het vooroorlogse ambtelijk Nederlands (spelling-Marchant), herkenbaar aan woorden als "den", "verkoopers", "Hoogleeraar" en "derhalve".
* Inhoud: De kern van het document is het aanpakken van wanbetaling op de Centrale Markt. De auteur stelt voor om de vrijblijvendheid van kredietverlening tussen handelaren te beëindigen en te vervangen door een strak regime waarbij de Nederlandsche Middenstandsbank een rol speelt.
* Handgeschreven wijzigingen: Er zijn diverse correcties aangebracht. De meest opvallende is de toevoeging onderaan ("allemaal"), wat impliceert dat een koper die in een betalingsregeling zit, bij geen enkele handelaar meer op krediet mag kopen, om verdere schuldenopbouw te voorkomen.
* Juridische inkadering: De auteur is zich bewust van de juridische gevoeligheid van het dwingend voorschrijven van betalingsvoorwaarden, maar voelt zich gesteund door een extern advies van een hoogleraar uit 1939. Dit document betreft zeer waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam (het huidige Food Center Amsterdam). In de jaren '30 en '40 was het reguleren van de handel en het beperken van financiële risico's voor de gemeente (als marktmeester) een prioriteit. De genoemde "Nederlandsche Middenstandsbank" (NMB, een voorloper van ING) speelde historisch een grote rol in de financiering van de Amsterdamse handel. Het document toont de overgang van informele handelscultuur naar een meer gereguleerde, door de overheid en banken aangestuurde marktstructuur.