Archief 745
Inventaris 745-392
Pagina 499
Dossier 92
Jaar 1942
Stadsarchief

Archiefdocument

Dossier: 87/3/11

Origineel

(N.B. De spelling is exact overgenomen, inclusief het gebruik van de 'y' in plaats van 'ij'.)

      3                  18 October           8

87/2/10 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen

eenige bepalingen, met name de artikelen 30 lid 2, 35 lid 1
en 35 lid 4 voorkomen, waaruit kan worden afgeleid, dat de
Overheid wel degelyk meer belangen dan uitsluitend die der
"openbare orde" binnen haar regelingswerkkring heeft getrok-
ken.
Ik kom thans tot, wat ik hierboven aanduidde, als
het tweede gedeelte van de in de nota van den Gemeente-Advo-
caat ontwikkelde beschouwingen:

II.Critiek op de ontworpen regeling inzake wanbetalers.
De Gemeente-Advocaat stelt dienaangaande voorop,
dat wat op de markt tusschen koopers en verkoopers geschiedt,
is van zuiver contractueelen aard en dat de Overheid niet het
recht heeft zich in zuiver privaatrechtelyke verhoudingen te
mengen en daarby regelend op te treden. Ik onderschryf deze
opvatting uiteraard in principe, doch ik meen, dat zy de ont-
worpen regeling niet in den weg staat.
Door de in myn rapport d.d. 28 December 1937 (No.
87/3/11 M) voorgestelde aanvulling van artikel 35 van het
Reglement op de Centrale Markt, wordt niet ingegrepen op de
wyze, zooals de Gemeente-Advocaat op bladz.12 alinea 1 van
zyn nota aangeeft. De Gemeentelyke Overheid gaat zich by aan-
vaarding van de ontworpen regeling niet mengen in "de vraag op
welke wyze verkoopers en koopers elkaar vinden, hoe de ver-
schillende waren worden verkocht en geleverd, tegen welke
voorwaarden de toewyzing geschiedt, en of daarby door een
verkooper aan een kooper al dan niet crediet wordt verleend."
Om ten deze geen enkel misverstand te doen voortbe-
staan laat ik hier nog eens de ontworpen aanvulling van arti-
kel 35 van het Reglement volgen:
"De Directeur van het Marktwezen is eveneens be-
voegd, dengene, die in gebreke blyft om te voldoen aan gelde-
lyke verplichtingen jegens tot de Centrale Markt toegelaten
verkoopers - voor zoo ver deze verplichtingen voortvloeien
uit den handel in artikelen, die op de Centrale Markt ter
markt mogen worden gebracht - den toegang tot de Centrale
Markt te ontzeggen, gedurende den tyd, dien de nalatige in De tekst behandelt een juridisch geschil over de reikwijdte van de gemeentelijke bemoeienis op de Amsterdamse Centrale Markt.

  • Het conflict: De Gemeente-Advocaat voert aan dat transacties op de markt een privaatrechtelijke zaak zijn tussen koper en verkoper. Volgens hem mag de overheid hier niet in treden.
  • Het standpunt van de opsteller: De schrijver (waarschijnlijk de beheerder van de markt) betoogt dat de overheid een breder belang heeft dan louter 'openbare orde'. Hij stelt voor om het marktreglement aan te vullen zodat de Directeur van het Marktwezen wanbetalers de toegang tot de markt kan ontzeggen.
  • De argumentatie: De schrijver benadrukt dat dit geen directe inmenging is in de contractvrijheid of kredietverlening, maar een ordemaatregel: wie niet betaalt, verliest het recht om gebruik te maken van de gemeentelijke handelsfaciliteiten. In 1938 was de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat (geopend in 1934) het centrale punt voor de voedseldistributie in Amsterdam. Door de economische malaise van de jaren '30 waren betalingsachterstanden een reëel probleem dat de stabiliteit van de handel in gevaar kon brengen. Dit document illustreert de transitie waarbij de overheid een actievere, regulerende rol op zich nam in het economisch verkeer, een ontwikkeling die door de naderende oorlogsdreiging en de noodzaak van een gecontroleerde voedselvoorziening werd versneld. De Wethouder voor de Levensmiddelen was in deze periode een sleutelfiguur in het stedelijk bestuur. N.B. De Marktwezen

Samenvatting

De tekst behandelt een juridisch geschil over de reikwijdte van de gemeentelijke bemoeienis op de Amsterdamse Centrale Markt.

  • Het conflict: De Gemeente-Advocaat voert aan dat transacties op de markt een privaatrechtelijke zaak zijn tussen koper en verkoper. Volgens hem mag de overheid hier niet in treden.
  • Het standpunt van de opsteller: De schrijver (waarschijnlijk de beheerder van de markt) betoogt dat de overheid een breder belang heeft dan louter 'openbare orde'. Hij stelt voor om het marktreglement aan te vullen zodat de Directeur van het Marktwezen wanbetalers de toegang tot de markt kan ontzeggen.
  • De argumentatie: De schrijver benadrukt dat dit geen directe inmenging is in de contractvrijheid of kredietverlening, maar een ordemaatregel: wie niet betaalt, verliest het recht om gebruik te maken van de gemeentelijke handelsfaciliteiten.

Historische Context

In 1938 was de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat (geopend in 1934) het centrale punt voor de voedseldistributie in Amsterdam. Door de economische malaise van de jaren '30 waren betalingsachterstanden een reëel probleem dat de stabiliteit van de handel in gevaar kon brengen. Dit document illustreert de transitie waarbij de overheid een actievere, regulerende rol op zich nam in het economisch verkeer, een ontwikkeling die door de naderende oorlogsdreiging en de noodzaak van een gecontroleerde voedselvoorziening werd versneld. De Wethouder voor de Levensmiddelen was in deze periode een sleutelfiguur in het stedelijk bestuur.

Genoemde Personen 1

N.B. De

Locaties

Centrale Markt

Producten

Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 1

M. Soep Uilenburg

Gerelateerde Documenten 6