Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 17 april 1942. H. Wurms, Bellamystraat 22 II, Amsterdam. A’dam 17 April 1942
Weled. Heer Directeur
Vanwege de tijdsomstandigheden
is het mij op ’t ogenblik nog
niet mogelijk mijn vaste standplaats
in de Gaaspstraat in te nemen.
Hierdoor verzoek ik u beleefd, mij
hiervan voorlopig vrijstelling te verlenen
aangezien er voor mij nog geen handel is.
Ik zal echter de verplichting om
marktgeld te (betalen) steeds nakomen.
In afwachting op uw antwoord
verblijf ik H. D. A.
H. Wurms
H. Wurms
Bellamystraat 22 II
[Stempel onderaan:]
Nº 103/38/1 M. 1942 20/4 Het document is een formeel verzoek van een marktkoopman, H. Wurms, aan de directeur van het Amsterdamse marktwezen. De schrijver verzoekt om vrijstelling van de plicht om zijn vaste standplaats op de markt in de Gaaspstraat te bezetten. De reden die hij opgeeft is tweeledig: de algemene "tijdsomstandigheden" en het feit dat er momenteel "geen handel" voor hem is.
Opvallend is dat de schrijver uitdrukkelijk aanbiedt om het marktgeld (de staangeldvergoeding) te blijven betalen, ondanks dat hij de plek niet gebruikt. Dit duidt op een poging om het recht op de standplaats voor de toekomst veilig te stellen. De brief is geschreven in een beleefde, zakelijke toon en het handschrift is een verzorgd lopend schrift (cursief). De datum (17 april 1942) en de genoemde locatie (Gaaspstraat) geven dit document een beladen historische lading. We bevinden ons midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
- Tijdsomstandigheden: De term "tijdsomstandigheden" was in die periode vaak een eufemisme voor de beperkende maatregelen en vervolging door de bezetter.
- Joodse Markten: De Gaaspstraat in de Rivierenbuurt was vanaf november 1941 door de bezetter aangewezen als een van de locaties voor de zogenaamde "Joodse markten". Joodse kooplieden mochten alleen nog daar hun waren verkopen, en alleen aan Joodse klanten.
- H. Wurms: Uit archiefonderzoek blijkt dat Hartog Wurms (geboren 1904) inderdaad een Joodse marktkoopman was die op het adres Bellamystraat 22 woonde. De beperking van de handel tot enkel Joodse klanten en de schaarste aan goederen zorgden ervoor dat veel van deze kooplieden nauwelijks nog inkomen hadden.
- Administratie: Het paarse stempel met de datum "20/4" (20 april) toont de snelle administratieve verwerking door de gemeente Amsterdam (Dienst der Marktwezen).
Dit document is een tastbaar bewijs van hoe individuele burgers probeerden te navigeren binnen de verstikkende bureaucratie en de economische onmogelijkheid van de bezettingstijd. H. Wurms Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
Het document is een formeel verzoek van een marktkoopman, H. Wurms, aan de directeur van het Amsterdamse marktwezen. De schrijver verzoekt om vrijstelling van de plicht om zijn vaste standplaats op de markt in de Gaaspstraat te bezetten. De reden die hij opgeeft is tweeledig: de algemene "tijdsomstandigheden" en het feit dat er momenteel "geen handel" voor hem is.
Opvallend is dat de schrijver uitdrukkelijk aanbiedt om het marktgeld (de staangeldvergoeding) te blijven betalen, ondanks dat hij de plek niet gebruikt. Dit duidt op een poging om het recht op de standplaats voor de toekomst veilig te stellen. De brief is geschreven in een beleefde, zakelijke toon en het handschrift is een verzorgd lopend schrift (cursief).
Historische Context
De datum (17 april 1942) en de genoemde locatie (Gaaspstraat) geven dit document een beladen historische lading. We bevinden ons midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
- Tijdsomstandigheden: De term "tijdsomstandigheden" was in die periode vaak een eufemisme voor de beperkende maatregelen en vervolging door de bezetter.
- Joodse Markten: De Gaaspstraat in de Rivierenbuurt was vanaf november 1941 door de bezetter aangewezen als een van de locaties voor de zogenaamde "Joodse markten". Joodse kooplieden mochten alleen nog daar hun waren verkopen, en alleen aan Joodse klanten.
- H. Wurms: Uit archiefonderzoek blijkt dat Hartog Wurms (geboren 1904) inderdaad een Joodse marktkoopman was die op het adres Bellamystraat 22 woonde. De beperking van de handel tot enkel Joodse klanten en de schaarste aan goederen zorgden ervoor dat veel van deze kooplieden nauwelijks nog inkomen hadden.
- Administratie: Het paarse stempel met de datum "20/4" (20 april) toont de snelle administratieve verwerking door de gemeente Amsterdam (Dienst der Marktwezen).
Dit document is een tastbaar bewijs van hoe individuele burgers probeerden te navigeren binnen de verstikkende bureaucratie en de economische onmogelijkheid van de bezettingstijd.