Briefkaart (postkaart) met officiële stempels.
Origineel
Briefkaart (postkaart) met officiële stempels. M. Ocker - S. Blom, Nieuwe Prinsengracht 48 III, Amsterdam. Aan het Marktwezen te Amsterdam. Rechterzijde (Adresseringsgedeelte):
* Gedrukte tekst boven: BRIEFKAART / GEHEELEN BOVENKANT [met maatvoering 14 cm]
* Postzegel: NEDERLAND 4 CENT
* Poststempel: AMSTERDAM / 11 VIII 17-18 / 1942
* Handgeschreven adres:
Aan het
Marktwezen
te
Amsterdam
Linkerzijde (Afzender en ambtelijke notities):
* Handgeschreven afzender: AFZ. M. Ocker. S. Blom. / N. Prinsengracht 48 III / Amsterdam
* Stempel (bovenaan):
Marktambtenaar ................... [met handgeschreven naam: Hr Mechelen(?)]
Contrôleur ...................
~~om advies / om rapport~~ ter kennisneming.
* Handgeschreven data en parafen: 7/8 - 42 [en] 14/8 '42
* Groot stempel midden-onder:
GEZIEN
DE INSPECTEUR
* Handgeschreven paraaf over stempel: [Onleesbaar, mogelijk 'WvL'] Dit document is een officiële correspondentie gericht aan de afdeling 'Marktwezen' van de gemeente Amsterdam. De kaart is door de bureaucratie van die tijd gegaan, wat blijkt uit de verschillende stempels van functionarissen: de marktambtenaar, de contrôleur en uiteindelijk de inspecteur (met de stempel 'GEZIEN').
Opvallend is dat de kaart al op 7 augustus is voorbereid of intern is afgetekend, terwijl de officiële poststempel van 11 augustus dateert. Dit wijst op een administratief proces waarbij de kaart mogelijk eerst intern is afgehandeld of juist als antwoord/bevestiging diende. De doorgehaalde tekst op de stempel ("om advies / om rapport") geeft aan dat dit specifieke document enkel "ter kennisneming" diende voor de betreffende afdeling. De datum, augustus 1942, is cruciaal voor de historische context. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. De afzender woonde aan de Nieuwe Prinsengracht 48, een straat die midden in de Amsterdamse Jodenbuurt lag. In deze periode werden de maatregelen tegen de Joodse bevolking steeds strenger; vanaf mei 1942 was het dragen van de Jodenster verplicht en de deportaties naar kamp Westerbork waren in volle gang.
Het "Marktwezen" hield toezicht op de markten, inclusief de speciaal door de bezetter ingestelde 'Jodenmarkten' (zoals op het Waterlooplein). Hoewel de inhoudelijke tekst op de achterzijde hier niet zichtbaar is, suggereert de combinatie van de locatie van de afzender en de geadresseerde instantie dat de kaart waarschijnlijk betrekking heeft op marktvergunningen of andere handelsbeperkingen die specifiek golden voor Joodse Amsterdammers in die tijd. De namen M. Ocker en S. Blom komen voor in de archieven van de Jodenvervolging; onderzoek in de database van de Oorlogsgravenstichting of het Joods Monument zou kunnen bevestigen of zij de oorlog hebben overleefd. M. Ocker N. Prinsengracht S. Blom Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
Dit document is een officiële correspondentie gericht aan de afdeling 'Marktwezen' van de gemeente Amsterdam. De kaart is door de bureaucratie van die tijd gegaan, wat blijkt uit de verschillende stempels van functionarissen: de marktambtenaar, de contrôleur en uiteindelijk de inspecteur (met de stempel 'GEZIEN').
Opvallend is dat de kaart al op 7 augustus is voorbereid of intern is afgetekend, terwijl de officiële poststempel van 11 augustus dateert. Dit wijst op een administratief proces waarbij de kaart mogelijk eerst intern is afgehandeld of juist als antwoord/bevestiging diende. De doorgehaalde tekst op de stempel ("om advies / om rapport") geeft aan dat dit specifieke document enkel "ter kennisneming" diende voor de betreffende afdeling.
Historische Context
De datum, augustus 1942, is cruciaal voor de historische context. Nederland was op dat moment bezet door nazi-Duitsland. De afzender woonde aan de Nieuwe Prinsengracht 48, een straat die midden in de Amsterdamse Jodenbuurt lag. In deze periode werden de maatregelen tegen de Joodse bevolking steeds strenger; vanaf mei 1942 was het dragen van de Jodenster verplicht en de deportaties naar kamp Westerbork waren in volle gang.
Het "Marktwezen" hield toezicht op de markten, inclusief de speciaal door de bezetter ingestelde 'Jodenmarkten' (zoals op het Waterlooplein). Hoewel de inhoudelijke tekst op de achterzijde hier niet zichtbaar is, suggereert de combinatie van de locatie van de afzender en de geadresseerde instantie dat de kaart waarschijnlijk betrekking heeft op marktvergunningen of andere handelsbeperkingen die specifiek golden voor Joodse Amsterdammers in die tijd. De namen M. Ocker en S. Blom komen voor in de archieven van de Jodenvervolging; onderzoek in de database van de Oorlogsgravenstichting of het Joods Monument zou kunnen bevestigen of zij de oorlog hebben overleefd.