Archief 745
Inventaris 745-394
Pagina 562
Dossier 2C
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële circulaire (pagina 4).

13 maart 1942. Van: Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale.

Origineel

Officiële circulaire (pagina 4). 13 maart 1942. Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale. -4- Circulaire no.93/'42 dd.13-3-'42
het Bureau Groenten- en Fruitvoorziening..

Dit geldt echter niet voor hoeveelheden, welke, voor het binnenland be-
stemd, voor elk dezer producten, minder dan 2500 kg. bedragen.

Indien bovengenoemde producten niet of niet ten volle voor export
en/of voor het Bureau Groenten- en Fruitvoorziening worden afgenomen,
dan dient men zich in verbinding te stellen met onze Centrale, afdee-
ling Conserveering, welke nadere instructies zal geven aan wie moet
worden afgeleverd.

Ook de afwijkende kwaliteit van de voor het Bureau Groenten- en
Fruitvoorziening bestemde producten alsmede de onbevroren peen dienen
aan dit Bureau te worden toegewezen.

APPELEN.
Alle appelen, behoudens die waarop door de Centrale ten behoeve
van de ziekenhuizen beslag is gelegd, moeten voor het binnenland wor-
den geveild.

Appelen van den oogst 1941, met stip tot de volgende oppervlakten
aan rot mogen als "B" kwaliteit worden geveild, t.w.:
Appelen met een doorsnede tot 60 mm., oppervlakte rot 1 $cm^2$
idem van 60-70mm., " " 2 "
idem " 70 mm. en op, " " 3 "

KWALITEITSVOORSCHRIFTEN.

KNOLSELDERIJ.
Voor het binnenland mag de knolselderij met lof gewogen en geveild
tegen de vastgestelde prijzen.
Van den totalen aanvoer dient het voor export bestemde percentage
genomen te worden van de selderij zonder lof, aangezien dit lof bij ex-
port toch verloren zou gaan.

RAAPSTELEN.
Deze behoeven niet meer te worden gebost, maar mogen ook los worden
aangevoerd, evenwel alleen wanneer deze mooi gelijk in kisten of krat-
ten verpakt worden aangevoerd. Is hieraan niet voldaan, dan moeten ze
als "afwijkend" geveild worden.

De in onze vorige circulaires gegeven voorschriften, de kwaliteit en
de sorteering betreffende, blijven, indien niet gewijzigd, onverminderd
van kracht. Iedere veiling is aansprakelijk voor de goede uitvoering
van de in deze circulaire gegeven voorschriften.

NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE:

[Handtekening 1] [Handtekening 2]

Rb.V.V.O. Dit document is een administratieve instructie die getuigt van de extreem strakke regie op de voedselvoorziening in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkele opvallende zaken:

  • Rantsoenering en Controle: De overheid (via de Centrale) controleert de gehele keten. Zelfs appelen met rotplekken (tot 3 $cm^2$) worden officieel geclassificeerd als "B-kwaliteit" om te voorkomen dat er voedsel verloren gaat.
  • Export versus Binnenland: Er wordt een scherp onderscheid gemaakt tussen goederen voor de Nederlandse markt en goederen voor "export". In de context van 1942 betekende export vaak gedwongen levering aan Duitsland.
  • Logistieke Efficiëntie: De instructie over het lof van de knolselderij toont aan dat men probeerde transportruimte en gewicht te optimaliseren voor export, aangezien het lof onderweg toch zou bederven.
  • Handhaving: De expliciete vermelding dat veilingen aansprakelijk zijn voor de uitvoering benadrukt de dwingende aard van deze voorschriften onder het bezettingsregime. In maart 1942 was de schaarste in Nederland reeds goed voelbaar. De "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" was onderdeel van de ordening die door de bezetter was opgelegd om de voedselstroom te beheersen. De afkorting onderaan, Rb.V.V.O., staat voor het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd.

Dit specifieke document laat zien hoe de bureaucratie tot in de kleinste details (zoals de diameter van een appel en de grootte van een rotplek) probeerde de voedselzekerheid te managen, terwijl een aanzienlijk deel van de productie werd weggesluisd naar Duitsland. Het feit dat ziekenhuizen apart worden genoemd ("beslag gelegd"), wijst op de prioriteitsstelling binnen de schaarste-economie.

Samenvatting

Dit document is een administratieve instructie die getuigt van de extreem strakke regie op de voedselvoorziening in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Enkele opvallende zaken:

  • Rantsoenering en Controle: De overheid (via de Centrale) controleert de gehele keten. Zelfs appelen met rotplekken (tot 3 $cm^2$) worden officieel geclassificeerd als "B-kwaliteit" om te voorkomen dat er voedsel verloren gaat.
  • Export versus Binnenland: Er wordt een scherp onderscheid gemaakt tussen goederen voor de Nederlandse markt en goederen voor "export". In de context van 1942 betekende export vaak gedwongen levering aan Duitsland.
  • Logistieke Efficiëntie: De instructie over het lof van de knolselderij toont aan dat men probeerde transportruimte en gewicht te optimaliseren voor export, aangezien het lof onderweg toch zou bederven.
  • Handhaving: De expliciete vermelding dat veilingen aansprakelijk zijn voor de uitvoering benadrukt de dwingende aard van deze voorschriften onder het bezettingsregime.

Historische Context

In maart 1942 was de schaarste in Nederland reeds goed voelbaar. De "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" was onderdeel van de ordening die door de bezetter was opgelegd om de voedselstroom te beheersen. De afkorting onderaan, Rb.V.V.O., staat voor het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd.

Dit specifieke document laat zien hoe de bureaucratie tot in de kleinste details (zoals de diameter van een appel en de grootte van een rotplek) probeerde de voedselzekerheid te managen, terwijl een aanzienlijk deel van de productie werd weggesluisd naar Duitsland. Het feit dat ziekenhuizen apart worden genoemd ("beslag gelegd"), wijst op de prioriteitsstelling binnen de schaarste-economie.

Kooplieden in dit dossier 100

Alicanten en Gros Maroc Waterlooplein " 80.00
Alicanten en Gros Maroc Waterlooplein " 76.00
Alicanten en Gros Maroc Waterlooplein " 72.--
Elisabeth Gobets - van Brink Waterlooplein " 14.40
ANDIJVIE (Glas). Waterlooplein " 24.00
ANDIJVIE (GLAS) Waterlooplein " 20.80
ANDIJVIE (GLAS). Waterlooplein " 26.40
B 51-200 gram ongewasschen Waterlooplein
BOSPEEN (GLAS). Waterlooplein " 24.00
GLASKOOLRABI (2-4 cm. Ø) Waterlooplein
GLASKOOLRABI. (2-4 cm. Ø) Waterlooplein
L. Blitz Waterlooplein " 24.--
J. Renz. Waterlooplein " 26.00
J. Renz. Waterlooplein " 25.00
J. Renz. Waterlooplein f. 31.--
J. Renz. Waterlooplein f. 35.50
J. Renz. Waterlooplein f.32.50
I boven 20 cm. over den kop gemeten Waterlooplein " 25.60
I boven 7 cm. ø Waterlooplein
I boven 7 cm. ø Waterlooplein
I boven 7 cm.ø Waterlooplein
I boven 7 cm. Ø Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51 - 200 gram, ongewasschen Waterlooplein
II 51-200 gram, ongewasschen Waterlooplein
III " 10-16 cm. over den kop gemeten Waterlooplein " 12.80
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6