Officiële circulaire (brief).
Origineel
Officiële circulaire (brief). 24 april 1942. Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF), Den Haag. NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE
BANKIER: DE TWENTSCHE BANK N.V. 'S-GRAVENHAGE
POSTREKENING No. 224314
[handgeschreven: br]
Afd. AFZET.
Dict. PKl.- Typ. JH.
No. 167/'42
Toestel 29
Rb.V.V.O.
[stempel in paars: No 105/37/1 M. 1942 27/4]
[stempel: Gezien met paraaf]
AAN DE VEILINGEN.
[handgeschreven: Hr. Sieburgh]
's-Gravenhage, 24 April 1942.
[handgeschreven: Hr. Broen]
Mijne Heeren,
In vervolg op onze aan U toegezonden circulaire no. 596/'41 dd. 10 December 1941 deelen wij U mede, dat bij Tuchtbeschikking van de Inspectie voor de Prijsbeheersching het aan onderstaande personen, gedurende het tijdvak, achter den naam vermeld, verboden is het beroep van handelaar in groenten en fruit in den ruimsten zin des woords uit te oefenen.
Wij verzoeken U, voorzoover het UW veiling aangaat, de noodige maatregelen te treffen als bedoeld in bovengenoemde circulaire.
De namen der veroordeelden zijn:
Dirk Vermeulen, detaillist, Spakenburgschestraat 28 te 's-Gravenhage
van 15 April 1942 t/m. 14 Juli 1942.
Jacobus Kastermans, [ditto: "] Nieuwe Karselaan 6, Nieuwer Amstel
van 19 April 1942 t/m. 18 Mei 1942.
Johannes Snapper, [ditto: "] Oosterstraat 5 te Nijkerk
van 27 April 1942 t/m. 26 Juni 1942.
Peter de Kleyn, [ditto: "] Willemsweg 32 te Nijmegen
van 27 April 1942 t/m. 7 Juni 1942.
Hoogachtend,
NEDERLANDSCHE GROENTEN- EN FRUITCENTRALE:
[handgeschreven handtekeningen: Voor [onleesbaar], [onleesbaar]]
P.S. Schorsing G. Klinkhamer, Oosterweg 6 te Groningen op 19 Februari 1942 door het Dagelijksch Bestuur van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale uitgesproken, is geëindigd, zoodat hij weer normaal aan den handel in groenten en fruit mag deelnemen.
[logo A] 19026 - '41 - K 983 Deze circulaire is een administratief bewijsstuk van de strikte economische controle tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale (NGF) fungeerde als een centraal orgaan dat de productie en distributie van levensmiddelen reguleerde.
De kern van de brief is de bekendmaking van tuchtrechtelijke straffen opgelegd door de Inspectie voor de Prijsbeheersching. Vier detailhandelaren uit verschillende steden worden voor een bepaalde periode (variërend van één tot drie maanden) uitgesloten van hun beroep. Hoewel de exacte overtreding niet wordt genoemd, wijst de betrokkenheid van de prijsinspectie op het overtreden van vastgestelde prijzen of handelen op de zwarte markt. Het document laat zien hoe sancties via de veilingen werden gehandhaafd door de gestraften de toegang tot de inkoopkanalen te ontzeggen.
Het postscriptum meldt de opheffing van een schorsing van een andere handelaar, wat de rol van de NGF als toezichthouder op de beroepsgroep bevestigt. Tijdens de bezetting werd de Nederlandse economie gelijkgeschakeld en onder streng toezicht geplaatst. Om inflatie tegen te gaan en de voedselvoorziening (ook voor Duitsland) veilig te stellen, werden prijzen gemaximeerd. De "Inspectie voor de Prijsbeheersching" hield hierop streng toezicht. Overtredingen werden zwaar bestraft, vaak met tijdelijke beroepsverboden zoals hier gedocumenteerd. Dit systeem was een cruciaal onderdeel van de zogenaamde "distributiestaat". Voor historici en genealogen biedt dit document specifieke namen en locaties van personen die direct te maken kregen met deze oorlogsmiddelen. G. Klinkhamer P.S. Schorsing