Archief 745
Inventaris 745-396
Pagina 43
Dossier 2C
Jaar 1942
Stadsarchief

Officieel circulair/bekendmaking.

2 december 1942.

Origineel

Officieel circulair/bekendmaking. 2 december 1942. BEDRIJFSCHAP VOOR GROENTEN EN FRUIT

Bankier: De Twentsche Bank N.V. 's-Gravenhage
Postrekening: No. 224314

DIRECTIE.
's-Gravenhage, 2 December 1942.

Aan de geadresseerde Veilingvereeniging

In aansluiting op onze aan U toegezonden bekendmaking betreffende de verplichtingen van groot- en kleinhandelaren, voortvloeiende uit de „Verordening 1942, Groenten- en Fruitvoorziening Binnenland”, doen wij U hierbij toekomen een opgave van de Plaatselijke Verdeelingskantoren, die met ingang van 7 December a.s. hun werkzaamheden aanvangen.

Volledigheidshalve releveeren wij tevens de bovengenoemde verplichtingen van den handel, benevens de reeds met ingang van 16 November j.l. werkende Plaatselijke Verdeelingskantoren.

Alle Groothandelaren en Kleinhandelaren zijn verplicht:

a. van de bestemming van alle door hen van de veiling betrokken producten opgave te verstrekken aan de veiling, waarvan zij de producten betrekken, zoowel als aan den desbetreffenden contact-commissaris. (Deze verplichting geldt met name voor koopers voor derden, derhalve groothandelaren in de productie-gebieden, commissionnairs, e. d.) en opdrachten van de contact-commissarissen inzake het vervoer van voor het binnenland gekochte producten nauwkeurig op te volgen;

b. deze producten aan te dienen bij het plaatselijk verdeelingskantoor, voorzoover dit is ingesteld in het consumptie-gebied, waarvoor de producten zijn bestemd en ter beschikking te stellen van den Plaatselijken leider en zich stipt te houden aan de dagelijksche verdeeling van de beschikbare producten onder de kleinhandelaren door het Plaatselijk Verdeelingskantoor, overeenkomstig een bij dit verdeelingskantoor ingesteld puntenregister.

Teler-kleinhandelaren zijn verplicht van de door hen geteelde en in het consumptie-gebied, waarbij zij zijn ingedeeld, af te zetten producten opgave te verstrekken aan het Plaatselijk Verdeelingskantoor, waaronder evenbedoeld consumptie-gebied ressorteert.

Niet-nakoming van deze verplichting wordt tuchtrechtelijk gestraft, waarbij de mogelijkheid van uitsluiting.

Met ingang van 16 November j.l. hebben de volgende verdeelingskantoren hun werkzaamheden aangevangen:

(Lijst 1 - Verkort weergegeven voor de tabel):
* Rotterdam: Leider W.H. Willemse, Sub-leider W. v.d. Hel.
* Amsterdam: Leider W. Dijkstra, Sub-leider J. Barends.
* Utrecht: Leider H.C. Mostert, Sub-leider H.v. Wijngaarden.
* 's-Gravenhage: Leider J. v.d. Horst, Sub-leider M. Versteegh.
* Haarlem: Leider T. Spijkstra, Sub-leider D. Fleuri.
* Zaandam: Leider J. Kooy, Sub-leider S. Happe.
* Hilversum: Leider E.v. Ouwerkerk, Sub-leider Q. Peet.
* Bussum: Leider P.A.G. Gorel, Sub-leider P. Eype.
* Amersfoort: Leider R. ten Hoeve, Sub-leider R. Haringsma.
* Arnhem: Leider J. Stam, Sub-leider C. v. Maanen.
* Nijmegen: Leider M.J. Duives, Sub-leider T. Bos.

Met ingang van 7 December a.s. zullen de volgende Plaatselijke Verdeelingskantoren hun werkzaamheden aanvangen:

(Lijst 2 - Plaatsnamen):
Almelo, Apeldoorn, Baarn, Bergen op Zoom, Beverwijk, Breda, Delft, Deventer, Dordrecht, Eindhoven, Enschede, Gouda, Heerlen, Hengelo, 's-Hertogenbosch, Kampen, Leiden, Maastricht, Roermond, Venlo, Tilburg, Zwolle.

(Onderaan): 22072 / 1 - 37 - '42 - K 998 * Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de kenmerkende spelling van voor 1947 (bijv. "verdeelingskantoren", "releveeren", "zoowel").
* Structuur: De brief begint met een juridische/administratieve inleiding waarin verplichtingen worden herhaald, gevolgd door een puntsgewijze opsomming van regels (a en b). Het tweede deel bestaat uit gedetailleerde tabellen met functionarissen, adressen en telefoonnummers.
* Toon: Gebiedend en streng. Er wordt expliciet gedreigd met tuchtrechtelijke straffen en uitsluiting van de handel bij niet-naleving.
* Opmaak: De tekst is gezet in een typisch 20e-eeuws zakelijk lettertype, met gebruik van vette letters voor de plaatsen en de kopteksten. Dit document stamt uit december 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het "Bedrijfschap voor Groenten en Fruit" was een van de vele bedrijfschappen die door de bezetter waren ingesteld of gereorganiseerd om de economie en de voedselvoorziening centraal te beheersen.

De context is die van de schaarste en distributie. Om te voorkomen dat producten op de zwarte markt verdwenen of ongelijk verdeeld werden, werd de gehele keten — van teler en veiling tot aan de winkelier — onder strikt toezicht geplaatst. De genoemde "Plaatselijke Verdeelingskantoren" fungeerden als de lokale uitvoeringsorganen die bepaalden welke kleinhandelaar hoeveel mocht ontvangen op basis van een "puntenregister". Dit was een essentieel onderdeel van het distributiestelsel (de bonnenkaart).

De dreiging met "tuchtrechtelijke straf" en "uitsluiting" was in die tijd zeer reëel; handelaren die zich niet aan de regels van de distributie hielden, konden hun vergunning verliezen, wat in oorlogstijd neerkwam op het einde van hun bedrijfsvoering.

Samenvatting

  • Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de kenmerkende spelling van voor 1947 (bijv. "verdeelingskantoren", "releveeren", "zoowel").
  • Structuur: De brief begint met een juridische/administratieve inleiding waarin verplichtingen worden herhaald, gevolgd door een puntsgewijze opsomming van regels (a en b). Het tweede deel bestaat uit gedetailleerde tabellen met functionarissen, adressen en telefoonnummers.
  • Toon: Gebiedend en streng. Er wordt expliciet gedreigd met tuchtrechtelijke straffen en uitsluiting van de handel bij niet-naleving.
  • Opmaak: De tekst is gezet in een typisch 20e-eeuws zakelijk lettertype, met gebruik van vette letters voor de plaatsen en de kopteksten.

Historische Context

Dit document stamt uit december 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het "Bedrijfschap voor Groenten en Fruit" was een van de vele bedrijfschappen die door de bezetter waren ingesteld of gereorganiseerd om de economie en de voedselvoorziening centraal te beheersen.

De context is die van de schaarste en distributie. Om te voorkomen dat producten op de zwarte markt verdwenen of ongelijk verdeeld werden, werd de gehele keten — van teler en veiling tot aan de winkelier — onder strikt toezicht geplaatst. De genoemde "Plaatselijke Verdeelingskantoren" fungeerden als de lokale uitvoeringsorganen die bepaalden welke kleinhandelaar hoeveel mocht ontvangen op basis van een "puntenregister". Dit was een essentieel onderdeel van het distributiestelsel (de bonnenkaart).

De dreiging met "tuchtrechtelijke straf" en "uitsluiting" was in die tijd zeer reëel; handelaren die zich niet aan de regels van de distributie hielden, konden hun vergunning verliezen, wat in oorlogstijd neerkwam op het einde van hun bedrijfsvoering.

Locaties

's-Gravenhage.

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6