Getypte brief / interne circulair (Afschrift)
Origineel
Getypte brief / interne circulair (Afschrift) 21 januari 1941 De waarnemend Directeur der afdeeling Arbeidszaken (Huberts) No.11/3/1 M.1941 AFSCHRIFT.
G E M E E N T E A M S T E R D A M .
No.1/3 Arb.1941. Amsterdam, 21 Januari 1941.
Namens Burgemeester en Wethouders verzoek ik U het volgende ter
kennis te brengen van de ambtenaren van Uw diensttak of afdeeling:
"Burgemeester en Wethouders van Amsterdam brengen ter kennis van
de ambtenaren, dat bij de Gemeentewaterleidingen geplaatst kan worden
een adjunct-hoofdmachinist ter opleiding tot hoofdmachinist in algemee-
nen dienst. De functie van adjunct-hoofdmachinist is ingedeeld in sala-
risgroep VI (f 2175,-- - f 2900,-), die van hoofdmachinist in salaris-
groep IX (f 2650,-- - f 3925,-) of salarisgroep X (f 2650,-- - f 4375,-).
Ongehuwdenaftrek en kindertoeslag volgens de geldende regelingen.
De volgende eischen worden gesteld:
Algemeene ontwikkeling: diploma H.B.S. 5-jarigen cursus of daarmede
overeenkomende algemeene ontwikkeling;
Technische ontwikkeling: a. volledig staatsdiploma C als scheepsmachi-
nist of scheepswerktuigkundige of daarmede gelijkstaand diploma;
b. bedrijfservaring met stoommachines, diesel-
en electromotoren. Gegadigden moeten bewijzen kunnen overleggen, dat
zij gedurende eenige jaren aan het hoofd hebben gestaan-van een groote
machinekamer en voorts goed met personeel kunnen omgaan.
Volledige sollicitatiën vóór den 1en Februari a.s. te zenden aan
den waarnemend Directeur der afdeeling Arbeidszaken, die voor doorzen-
ding naar den Directeur van het bedrijf zal zorg dragen.
Sollicitatiën, welke uitsluitend kunnen worden ingediend door
hen, die reeds in dienst dezer Gemeente werkzaam zijn, behooren gezegeld
te zijn, tenzij men er de voorkeur aan geeft, te solliciteeren door be-
middeling van het hoofd van den diensttak, waarbij men werkzaam is, in
welk geval niet persoonlijk mag worden gesolliciteerd, doch de brief van
het hoofd van den diensttak alle gegevens zal moeten bevatten.
Persoonlijk bezoek uitsluitend na oproeping.
De Directeur der afdeeling
Arbeidszaken,
H U B E R T S .
wnd. Dit document is een officiële interne bekendmaking van de Gemeente Amsterdam uit het begin van 1941. Het betreft een vacature voor een 'adjunct-hoofdmachinist ter opleiding tot hoofdmachinist' bij de Gemeentewaterleidingen.
Enkele opvallende punten uit de tekst:
* Doelgroep: De vacature staat uitsluitend open voor mensen die reeds in dienst zijn van de gemeente Amsterdam. Dit duidt op een beleid van interne promotie en mobiliteit.
* Eisen: De functie-eisen zijn voor die tijd hoog: een 5-jarige H.B.S.-opleiding en het technisch hoogwaardige Staatsdiploma C (voor scheepswerktuigkundigen), gecombineerd met leidinggevende ervaring in een grote machinekamer.
* Arbeidsvoorwaarden: Er wordt expliciet gesproken over salarisgroepen (in guldens), ongehuwdenaftrek en kindertoeslag, wat een inkijkje geeft in de toenmalige ambtenarenbezoldiging.
* Procedure: Sollicitatiebrieven moesten 'gezegeld' zijn (voorzien van een belastingzegel), tenzij de sollicitatie via de huidige afdelingschef liep. Het document dateert van 21 januari 1941. Dit is een cruciale periode in de Nederlandse geschiedenis:
* Bezetting: Nederland was op dat moment ruim een half jaar bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de administratie van de stad Amsterdam ogenschijnlijk 'normaal' doorliep, stond deze onder toenemende druk en toezicht van de bezetter.
* Vlak voor de Februaristaking: De brief is verzonden slechts een maand voordat de Februaristaking (25-26 februari 1941) uitbrak, het eerste grootschalige openlijke verzet tegen de Jodenvervolging in bezet Europa. De spanningen in de stad, ook onder gemeentepersoneel, liepen in deze weken hoog op.
* Arbeidszaken: De 'afdeeling Arbeidszaken' speelde een rol in het beheer van het personeelsbestand in een tijd waarin de Duitse autoriteiten steeds vaker probeerden in te grijpen in de aanstellingen en het ontslag van ambtenaren (zoals het ontslag van Joodse ambtenaren in november 1940). Dit document toont echter de voortzetting van de reguliere civiele bedrijfsvoering ondanks de oorlogsomstandigheden.