Handgeschreven inspectierapport/verslag van een avondcontrole.
Origineel
Handgeschreven inspectierapport/verslag van een avondcontrole. 17 december 1922. N.B. De originele spelling en interpunctie zijn aangehouden.
[Linksboven:] No 106/2/11
[Midden boven, blauw potlood:] 21
[Rechtsboven:] Adam 17 Dec 1922.
Heden te c.a kwart over acht werd door
mij een avond controle gehouden. In de loje was
controleur Schiermeier als portier aanwezig. Bij het
grasveld kwam ik de hondenwacht tegen. Controleurs
Barbers + Fleijsman trof ik in de hal aan terwijl ze
bezig waren een rolluik omlaag te draaien. Een
Auto met appelen bestemd voor de firma Keizer
hadden zij doorgelaten op mededeeling van Keizer
dat hij van den Heer Steenbeek toestemming had
de wagen te lossen.
Een half uur lang heb ik naar de wacht aan
de aardappelmarkt loopen zoeken. Om 5 min over
negen trof ik bij het wachthuisje de wacht van Dam
aan. Deze was bezig een ½ HL aardappelen op zijn fiets
te binden. Ik vroeg hem naar den herkomst. Hij
deelde mede dat hij één keer in de 14 dagen een
½ HL aardappelen van de V.B.N.A tegen betaling mocht
betrekken. Ik vermeen wel dat dit indertijd is toegestaan.
Voorts deelde ik hem mede een half uur lang
geen wacht bij de spoorwagens te hebben aangetroffen.
Hij verklaarde zoo juist op dien post te zijn afgelost.
Hij stelde de vraag of ik ook op het gedeelte tusschen
de spoorwagens en de hal had gecontroleerd. Hierop
antwoordde ik hem bevestigend.
Ik ging nu wederom naar de aardappelmarkt
om zijn aflosser te controleeren. Bij het passeeren
van den ingang van de hal bij de firma Keizer zag
ik een schim. Bij nader treden was het de
wacht, gezeten in een handkar met stroo. de
hond lag achter hem in de kar. Ik maakte hem
opmerkzaam zijn bewaking niet juist te vinden.
Aangezien er op het oogenblik vanaf het ketelhuis
tot aan het einde der hal c.a 25 spoorwagens waren
geplaatst. Hij beweerde echter van die plaats af alles
te kunnen hooren. Ik vermoed dat de andere
wacht zich daar ook heeft opgehouden. De auteur van dit rapport voert een onaangekondigde inspectie uit op de discipline en aanwezigheid van het bewakingspersoneel. Er worden drie specifieke situaties gerapporteerd:
1. Procedurefout: Twee controleurs lieten een vrachtwagen appels binnen buiten de normale uren op basis van een mondelinge toezegging, zonder schriftelijk bewijs.
2. Privé-handel: Een wachter (Van Dam) werd aangetroffen terwijl hij aardappelen op zijn fiets laadde. Hoewel hij claimt hier recht op te hebben via de V.B.N.A., noteert de inspecteur dit als een aandachtspunt.
3. Plichtsverzuim: Een wachter werd "als een schim" aangetroffen, rustend in een handkar met stro terwijl hij toezicht had moeten houden op 25 spoorwagens. De wachter probeert dit te rechtvaardigen door te claimen dat hij alles kon horen, wat door de inspecteur wordt verworpen. Het document biedt een inkijkje in de dagelijkse gang van zaken op een groot handelsterrein in Amsterdam in 1922. De V.B.N.A. staat waarschijnlijk voor de Vereniging van Bemiddelaars in Nederlandsche Aardappelen. Het verslag illustreert de spanning tussen de formele regels van de directie (vertegenwoordigd door de inspecteur) en de informele werkcultuur van de bewakers (onderlinge afspraken met handelaren, uitrusten tijdens de wacht). De vermelding van een "hondenwacht" duidt op de inzet van honden voor de beveiliging van de kostbare goederen (appels, aardappelen) in de periode na de Eerste Wereldoorlog. N.B. De