Archief 745
Inventaris 745-396
Pagina 166
Dossier 108
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële kennisgeving / Besluit van de gemeente.

19 juni 1942 (ingangsdatum besluit: 20 juni 1942).

Origineel

Officiële kennisgeving / Besluit van de gemeente. 19 juni 1942 (ingangsdatum besluit: 20 juni 1942). [Getypt:]
No. 480
K E N N I S G E V I N G

De Burgemeester van Amsterdam,
Brengt ter openbare kennis, dat hij met ingang van 20 Juni 1942 heeft aangewezen als tijdelijke hulpmarkt, uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers, het zandterrein aan het Minervaplein, begrensd door de Rubensstraat en de Minervalaan, met dien verstande, dat op voornoemde hulpmarkt alleen groente en nader aan te wijzen levensmiddelen ter markt mogen worden gebracht.

FFB.

Amsterdam, 19 Juni 1942.
De Burgemeester voornoemd,
Voûte.

C.S. Stadhuis,
A’dam 6-’42.

de Gemeentesecretaris,
J.F. Franken.

[Handgeschreven notities linksonder:]
Hr. v. Duinhoven.
Moet nog voorstel uit.
Aanvulling besluit ~~[onleesbaar]~~
Joodsche markten [?]
Th. Sanders
vragen, hoe
het daarmee
staat
[Paraaf]

--- Dit document is een kille, ambtelijke weergave van de toenemende uitsluiting en segregatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting.

  • Segregatie: De nadruk ligt op de exclusiviteit van de markt ("uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers"). Dit paste in het beleid van de bezetter om Joden volledig uit het openbare leven te verwijderen en te isoleren in specifieke zones.
  • Locatie: Het terrein aan het Minervaplein (Amsterdam-Zuid) werd gekozen omdat in dit stadsdeel relatief veel Joodse Amsterdammers woonden, mede door de eerdere gedwongen verhuizingen naar de zogenaamde Judenviertel.
  • Beperkingen: Het aanbod op de markt wordt direct ingeperkt ("alleen groente en nader aan te wijzen levensmiddelen"), wat duidt op de schaarste en de bewuste rantsoenering/beperking van middelen voor de Joodse bevolking.
  • Autoriteit: Het document is ondertekend door Edward Voûte, die door de Duitsers was aangesteld als burgemeester en bekend stond om zijn meegaande houding ten opzichte van de bezettingsmaatregelen.

--- De datum van dit document, 19 juni 1942, is historisch zeer significant. Het markeert een kantelpunt in de vervolging:
1. Systematische isolatie: In het voorjaar van 1942 werden tal van maatregelen van kracht, zoals de invoering van de Jodenster (mei 1942) en het verbod voor Joden om in niet-Joodse winkels of markten te komen.
2. Vooravond van deportaties: Slechts enkele weken na dit besluit, in juli 1942, begonnen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en vervolgens naar de vernietigingskampen in Polen.
3. Hulpmarkten: Amsterdam kende uiteindelijk drie van deze specifieke "Joodse markten" (naast het Minervaplein ook aan het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Hoewel ze formeel "hulpmarkten" heetten, dienden ze vooral om de controle op de Joodse bevolking te vergemakkelijken en hen fysiek te scheiden van de rest van de stad.

Samenvatting

Dit document is een kille, ambtelijke weergave van de toenemende uitsluiting en segregatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting.

  • Segregatie: De nadruk ligt op de exclusiviteit van de markt ("uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers"). Dit paste in het beleid van de bezetter om Joden volledig uit het openbare leven te verwijderen en te isoleren in specifieke zones.
  • Locatie: Het terrein aan het Minervaplein (Amsterdam-Zuid) werd gekozen omdat in dit stadsdeel relatief veel Joodse Amsterdammers woonden, mede door de eerdere gedwongen verhuizingen naar de zogenaamde Judenviertel.
  • Beperkingen: Het aanbod op de markt wordt direct ingeperkt ("alleen groente en nader aan te wijzen levensmiddelen"), wat duidt op de schaarste en de bewuste rantsoenering/beperking van middelen voor de Joodse bevolking.
  • Autoriteit: Het document is ondertekend door Edward Voûte, die door de Duitsers was aangesteld als burgemeester en bekend stond om zijn meegaande houding ten opzichte van de bezettingsmaatregelen.

Historische Context

De datum van dit document, 19 juni 1942, is historisch zeer significant. Het markeert een kantelpunt in de vervolging:
1. Systematische isolatie: In het voorjaar van 1942 werden tal van maatregelen van kracht, zoals de invoering van de Jodenster (mei 1942) en het verbod voor Joden om in niet-Joodse winkels of markten te komen.
2. Vooravond van deportaties: Slechts enkele weken na dit besluit, in juli 1942, begonnen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en vervolgens naar de vernietigingskampen in Polen.
3. Hulpmarkten: Amsterdam kende uiteindelijk drie van deze specifieke "Joodse markten" (naast het Minervaplein ook aan het Waterlooplein en de Gaaspstraat). Hoewel ze formeel "hulpmarkten" heetten, dienden ze vooral om de controle op de Joodse bevolking te vergemakkelijken en hen fysiek te scheiden van de rest van de stad.

Locaties

Het terrein aan het Minervaplein (Amsterdam-Zuid) werd gekozen omdat in dit stadsdeel relatief veel Joodse Amsterdammers woonden mede door de eerdere gedwongen verhuizingen naar de zogenaamde *Judenviertel*.

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6