Archief 745
Inventaris 745-396
Pagina 175
Dossier 108
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële bekendmaking (Kennisgeving) van de gemeente Amsterdam.

Van: De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte).

Origineel

Officiële bekendmaking (Kennisgeving) van de gemeente Amsterdam. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte). No.480 K E N N I S G E V I N G

    De Burgemeester van Amsterdam,
    Brengt ter openbare kennis, dat hij met ingang van 20 Juni

1942 heeft aangewezen als tijdelijke hulpmarkt, uitsluitend voor
Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers, het
zandterrein aan het Minervaplein, begrensd door de Rubensstraat
en de Minervalaan, met dien verstande, dat op voornoemde hulpmarkt
alleen groente en nader aan te wijzen levensmiddelen ter markt
mogen worden gebracht.
FFB.
Amsterdam, 19 Juni 1942.
C.S.Stadhuis, De Burgemeester voornoemd,
A'dam 6-'42.

                                    Voûte.

                            de Gemeentesecretaris,

                                    J.F. Franken. Dit document is een administratief bevel dat de segregatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting formaliseert. Het kondigt de opening aan van een specifieke markt op het "zandterrein" bij het Minervaplein, die uitsluitend toegankelijk was voor Joden.

Enkele opvallende administratieve details:
* Terminologie: De nadruk op "uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers" illustreert de doelbewuste uitsluiting uit de rest van het openbare leven.
* Locatie: Het Minervaplein bevond zich in Amsterdam-Zuid, een wijk waar relatief veel Joodse Amsterdammers woonden of naar toe waren gedreven.
* Handtekeningen: Edward Voûte, de pro-Duitse burgemeester, ondertekende dergelijke besluiten. De vermelding van de gemeentesecretaris J.F. Franken toont aan hoe de bestaande gemeentelijke bureaucratie werd ingezet om de bezettingsmaatregelen uit te voeren. In de zomer van 1942 bereikten de anti-Joodse maatregelen in Nederland een kookpunt. Joden werden stapsgewijs geïsoleerd: ze moesten een Jodenster dragen (vanaf mei 1942), mochten niet meer in parken of openbare gebouwen komen, en hun bewegingsvrijheid werd steeds verder ingeperkt.

De instelling van aparte 'Jodenmarkten' (zoals deze aan het Minervaplein, maar ook aan de Gaaspstraat en Joubertstraat) diende twee doelen voor de bezetter:
1. Segregatie: Het fysiek scheiden van Joodse en niet-Joodse burgers om onderling contact en solidariteit te minimaliseren.
2. Controle: Door Joden te dwingen op specifieke plaatsen en tijden inkopen te doen, konden zij makkelijker worden gecontroleerd en geregistreerd.

Slechts enkele weken na de publicatie van dit document, in juli 1942, begonnen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en vervolgens naar de vernietigingskampen in het oosten. Dit document is daarmee een tastbaar bewijs van de bureaucratische voorbereiding op de Holocaust.

Samenvatting

Dit document is een administratief bevel dat de segregatie van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting formaliseert. Het kondigt de opening aan van een specifieke markt op het "zandterrein" bij het Minervaplein, die uitsluitend toegankelijk was voor Joden.

Enkele opvallende administratieve details:
* Terminologie: De nadruk op "uitsluitend voor Joodsche verkoopers, Joodsche koopers en Joodsche bezoekers" illustreert de doelbewuste uitsluiting uit de rest van het openbare leven.
* Locatie: Het Minervaplein bevond zich in Amsterdam-Zuid, een wijk waar relatief veel Joodse Amsterdammers woonden of naar toe waren gedreven.
* Handtekeningen: Edward Voûte, de pro-Duitse burgemeester, ondertekende dergelijke besluiten. De vermelding van de gemeentesecretaris J.F. Franken toont aan hoe de bestaande gemeentelijke bureaucratie werd ingezet om de bezettingsmaatregelen uit te voeren.

Historische Context

In de zomer van 1942 bereikten de anti-Joodse maatregelen in Nederland een kookpunt. Joden werden stapsgewijs geïsoleerd: ze moesten een Jodenster dragen (vanaf mei 1942), mochten niet meer in parken of openbare gebouwen komen, en hun bewegingsvrijheid werd steeds verder ingeperkt.

De instelling van aparte 'Jodenmarkten' (zoals deze aan het Minervaplein, maar ook aan de Gaaspstraat en Joubertstraat) diende twee doelen voor de bezetter:
1. Segregatie: Het fysiek scheiden van Joodse en niet-Joodse burgers om onderling contact en solidariteit te minimaliseren.
2. Controle: Door Joden te dwingen op specifieke plaatsen en tijden inkopen te doen, konden zij makkelijker worden gecontroleerd en geregistreerd.

Slechts enkele weken na de publicatie van dit document, in juli 1942, begonnen de grootschalige deportaties vanuit Amsterdam naar kamp Westerbork en vervolgens naar de vernietigingskampen in het oosten. Dit document is daarmee een tastbaar bewijs van de bureaucratische voorbereiding op de Holocaust.

Locaties

Het Minervaplein bevond zich in Amsterdam-Zuid een wijk waar relatief veel Joodse Amsterdammers woonden of naar toe waren gedreven.

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6