Archief 745
Inventaris 745-396
Pagina 270
Dossier 2C
Jaar 1942
Stadsarchief

Archiefdocument

Van: Het Hoofd der Afdeeling Groenten-, Fruit- en Sierteelt (gevestigd te 's-Gravenhage, Lange Voorhout 11)

Origineel

Het Hoofd der Afdeeling Groenten-, Fruit- en Sierteelt (gevestigd te 's-Gravenhage, Lange Voorhout 11) [Stempel/Nummering linksboven:] № 112/10/1 M. 1942 24/10
[Rechtsboven handgeschreven:] Marktov.

L.M.
879 -1942-

[Handgeschreven in blauw:]
(zie mijn aantekeningen op bijblad!!)
[Paraaf]

23 October 1942.
[Handgeschreven paraaf in rood/blauw:] Mr/Dr

Gaarne voldoe ik aan Uw verzoek, gedaan bij brief d.d. 14 October 1942, Afd. III, No. 24822, betreffende "uitsluiting groentengrossiers", om U nadere inlichtingen te verstrekken aangaande hetgeen door mij bedoeld is met de mededeeling in mijn brief, den 7den October j.l. gericht tot den Secretaris-Generaal van het Departement van Landbouw en Visscherij, omtrent die "slechte ervaringen", opgedaan bij vorige gevallen, waarbij de punten van de grossiers, wier zaken werden gesloten, voor den duur dier sluiting overgedragen werden aan andere grossiers.

Ik neem aan U zeker geen nieuwe inlichtingen te verstrekken, wanneer ik U mededeel, dat door het overgroote deel van de grossiers op de Centrale Markt niet wordt gehandeld overeenkomstig de prijsvoorschriften. Het overdragen van punten van een gestraften grossier op een anderen grossier biedt, anders dan bij uitzondering, geen waarborg, dat nu niet in strijd wordt gehandeld met de prijsvoorschriften. Het bewijs hiervoor heb ik hierin gevonden, dat de grossiers, die de punten toegewezen hadden gekregen, hiervan eerst hun eigen klanten bedienden, om daarna van wat overbleef, of wat van te geringe kwaliteit voor eigen klanten werd beschouwd, te verkoopen aan de toegevoegde detaillisten. Waartoe dit stelsel leidt, kan nog hieruit blijken, dat in de eerste plaats de detaillisten tijden noodig hadden om te weten te komen bij wien zij in den vervolge hun goederen konden krijgen, daar geen grossier hun te kennen gaf dat hij voor de levering aangewezen was en voorts dat de aanbrengers van de overtredende grossiers op de markt door de overige grossiers geboycot werden.

Dat de maatregel door mij genomen het kwaad in het hart heeft getroffen, blijkt wel hieruit, dat onder de detaillisten een groote opluchting daardoor teweeg is gebracht, nu zij zich uit den greep van de grossiers bevrijd voelen.

Voor ieder die in dezen kring thuis is, staat vast – zonder dat daarvoor bewijsmateriaal kan worden overgelegd – dat grossiers, die de punten overgekreregen hebben, den uitgesloten collega's de winst, die deze punten opleverden, of althans een deel van die winst, uitkeerden.

In de acht dagen dat namens mij als grossier op de Centrale Markt wordt opgetreden, is mij reeds zooveel bekend geworden omtrent de "zeden en gewoonten", die in dezen tijd in den handel gangbaar blijken te zijn, dat het nu meer dan ooit tijd genoemd mag worden, dat aan den grossiersstand getoond wordt, dat, als het moet, de voorziening in groenten en fruit ook door anderen verzorgd kan worden.

het Hoofd der Afdeeling
Groenten-, Fruit- en Sierteelt,
Lange Voorhout 11,
's-GRAVENHAGE. * Kernboodschap: De brief is een verdediging van een strenger beleid tegenover sjoemelende groentengrossiers. De schrijver legt uit waarom het simpelweg overdragen van distributiepunten (leveringsrechten) aan andere grossiers niet werkt: zij bevoordelen hun eigen vaste klanten, leveren slechte kwaliteit aan de 'nieuwe' klanten, en maken onderling afspraken om winsten te delen met de gestrafte collega's.
* Problematiek: Er wordt melding gemaakt van grootschalige overtreding van prijsvoorschriften op de Centrale Markt. Ook is er sprake van een informele "boycot" door grossiers tegen degenen die overtredingen melden ("aanbrengers").
* Toon: De toon is ambtelijk maar beslist. De schrijver spreekt over de "zeden en gewoonten" in de handel met een duidelijke ondertoon van morele afkeuring en de noodzaak tot hard ingrijpen om de macht van de grossiers te breken.
* Interessant detail: De schrijver geeft toe dat er geen hard bewijsmateriaal is voor de onderlinge winstdeling tussen grossiers ("zonder dat daarvoor bewijsmateriaal kan worden overgelegd"), maar presenteert het als een algemeen bekend feit binnen de sector. * Historische periode: De brief dateert uit oktober 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Voedselvoorziening: In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiestelsel en prijsbeheersing (de Rijksbureau-organisatie). Schaarsheid leidde tot een bloeiende zwarte markt en prijsopdrijving.
* Bestuur: Het Departement van Landbouw en Visscherij stond onder leiding van de Secretaris-Generaal (destijds de NSB'er Louwes, die overigens vaak probeerde de voedselvoorziening voor Nederlanders veilig te stellen). De afdeling Groenten-, Fruit- en Sierteelt was verantwoordelijk voor het handhaven van de regels in deze sector.
* Locatie: Het Lange Voorhout 11 in Den Haag was het adres waar diverse onderdelen van de landbouwadministratie gevestigd waren. De "Centrale Markt" verwijst waarschijnlijk naar de grote groothandelsmarkt in Amsterdam, waar de prijsvorming voor het hele land vaak werd bepaald.

Samenvatting

  • Kernboodschap: De brief is een verdediging van een strenger beleid tegenover sjoemelende groentengrossiers. De schrijver legt uit waarom het simpelweg overdragen van distributiepunten (leveringsrechten) aan andere grossiers niet werkt: zij bevoordelen hun eigen vaste klanten, leveren slechte kwaliteit aan de 'nieuwe' klanten, en maken onderling afspraken om winsten te delen met de gestrafte collega's.
  • Problematiek: Er wordt melding gemaakt van grootschalige overtreding van prijsvoorschriften op de Centrale Markt. Ook is er sprake van een informele "boycot" door grossiers tegen degenen die overtredingen melden ("aanbrengers").
  • Toon: De toon is ambtelijk maar beslist. De schrijver spreekt over de "zeden en gewoonten" in de handel met een duidelijke ondertoon van morele afkeuring en de noodzaak tot hard ingrijpen om de macht van de grossiers te breken.
  • Interessant detail: De schrijver geeft toe dat er geen hard bewijsmateriaal is voor de onderlinge winstdeling tussen grossiers ("zonder dat daarvoor bewijsmateriaal kan worden overgelegd"), maar presenteert het als een algemeen bekend feit binnen de sector.

Historische Context

  • Historische periode: De brief dateert uit oktober 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
  • Voedselvoorziening: In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiestelsel en prijsbeheersing (de Rijksbureau-organisatie). Schaarsheid leidde tot een bloeiende zwarte markt en prijsopdrijving.
  • Bestuur: Het Departement van Landbouw en Visscherij stond onder leiding van de Secretaris-Generaal (destijds de NSB'er Louwes, die overigens vaak probeerde de voedselvoorziening voor Nederlanders veilig te stellen). De afdeling Groenten-, Fruit- en Sierteelt was verantwoordelijk voor het handhaven van de regels in deze sector.
  • Locatie: Het Lange Voorhout 11 in Den Haag was het adres waar diverse onderdelen van de landbouwadministratie gevestigd waren. De "Centrale Markt" verwijst waarschijnlijk naar de grote groothandelsmarkt in Amsterdam, waar de prijsvorming voor het hele land vaak werd bepaald.

Locaties

Het Lange Voorhout 11 in Den Haag was het adres waar diverse onderdelen van de landbouwadministratie gevestigd waren. De "Centrale Markt" verwijst waarschijnlijk naar de grote groothandelsmarkt in Amsterdam waar de prijsvorming voor het hele land vaak werd bepaald.

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6