Ambtelijke brief/correspondentie.
Origineel
Ambtelijke brief/correspondentie. 28 september 1943. De Directeur (mogelijk van de gemeentelijke Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening, getuige de initialen vD/RP). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. 2c/68/2M. [handgeschreven: extra] vD/RP.
28 September 1943.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
=========
Onder terugzending van het met Uw
kantbrief d.d. 17 dezer om advies ontvangen
stuk no. 716 L.M. 1943 heb ik de eer U to be-
richten, dat ik de onderhavige klacht heb
doorgezonden aan het Hoofdbureau van Politie,
Afd. Economische Dienst met verzoek naar de
gedragingen van den groentenwinkelier Jagtman
een onderzoek te doen instellen.
De zaken van Jagtman zijn reeds eerder
voor geruimen tijd gesloten geweest door den
prijsrechter. In het onderhavige geval zal
mijns inziens een meer uitgebreid onderzoek
noodig zijn waarop bovengenoemden afdeeling
der Politie geheel is ingesteld.
De Directeur, Deze brief vormt een schakel in een ambtelijke procedure tijdens de Duitse bezetting. De directeur van een niet nader genoemde afdeling (waarschijnlijk gelieerd aan de voedselvoorziening) adviseert de Wethouder voor de Levensmiddelen over een klacht tegen een specifieke ondernemer: groentenwinkelier Jagtman.
Opvallend is dat Jagtman een recidivist is; zijn winkels ("zaken") zijn al eerder voor langere tijd gesloten geweest door de 'prijsrechter'. De brief suggereert dat de huidige klacht dermate ernstig is, of dat de voorgeschiedenis van de winkelier dusdanig belastend is, dat een standaardcontrole niet volstaat. Daarom wordt de Economische Dienst van de politie ingeschakeld voor een diepgaander onderzoek. Het gebruik van de term "prijsrechter" duidt direct op overtredingen in de sfeer van prijsbeheersing of illegale handel. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd via een distributiesysteem. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een cruciale rol in het beheersen van schaarste en het handhaven van de regels.
Winkeliers die zich niet hielden aan de vastgestelde prijzen of die goederen buiten het distributiesysteem om verkochten (zwarte handel), werden streng aangepakt. De 'Prijsrechter' was een instituut dat door de bezetter was ingesteld om economische delicten snel en bestuursrechtelijk af te handelen, vaak resulterend in hoge boetes of de tijdelijke sluiting van de onderneming. De "Afdeling Economische Dienst" van de politie was specifiek belast met de opsporing van deze economische misstappen. Dit document illustreert de nauwe controle op de detailhandel in een tijd van extreme schaarste en strikte overheidssturing.
Samenvatting
Deze brief vormt een schakel in een ambtelijke procedure tijdens de Duitse bezetting. De directeur van een niet nader genoemde afdeling (waarschijnlijk gelieerd aan de voedselvoorziening) adviseert de Wethouder voor de Levensmiddelen over een klacht tegen een specifieke ondernemer: groentenwinkelier Jagtman.
Opvallend is dat Jagtman een recidivist is; zijn winkels ("zaken") zijn al eerder voor langere tijd gesloten geweest door de 'prijsrechter'. De brief suggereert dat de huidige klacht dermate ernstig is, of dat de voorgeschiedenis van de winkelier dusdanig belastend is, dat een standaardcontrole niet volstaat. Daarom wordt de Economische Dienst van de politie ingeschakeld voor een diepgaander onderzoek. Het gebruik van de term "prijsrechter" duidt direct op overtredingen in de sfeer van prijsbeheersing of illegale handel.
Historische Context
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd via een distributiesysteem. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een cruciale rol in het beheersen van schaarste en het handhaven van de regels.
Winkeliers die zich niet hielden aan de vastgestelde prijzen of die goederen buiten het distributiesysteem om verkochten (zwarte handel), werden streng aangepakt. De 'Prijsrechter' was een instituut dat door de bezetter was ingesteld om economische delicten snel en bestuursrechtelijk af te handelen, vaak resulterend in hoge boetes of de tijdelijke sluiting van de onderneming. De "Afdeling Economische Dienst" van de politie was specifiek belast met de opsporing van deze economische misstappen. Dit document illustreert de nauwe controle op de detailhandel in een tijd van extreme schaarste en strikte overheidssturing.