Handgeschreven ambtelijk concept of minuut (pagina 2 van een rapport/brief).
Origineel
Handgeschreven ambtelijk concept of minuut (pagina 2 van een rapport/brief). 25 november 1943 (genoemd in de tekst). [Marginaal aan de linkerzijde, verticaal geschreven:]
u voorstellen een aantal hunner, waaronder
ook Bijlsma, voor een toelage in aanmerking
te doen komen. zie gew. schr. van de gem. secr.
[Hoofdtekst:]
... de contrôleur Bijlsma zelfstandig
met regelmaat be-
last met de leiding van
een der dagmarkten.
Als gevolg van de roulatie
doet hij steeds op andere
markten dienst; het kan
inderdaad gedurende 3
maanden voorkomen, dat
hij alleen dienst doet op
een van de kleinere
vrijwel markten, waar uitslui-
tend visch wordt verhandeld
bv. op het Mosplein terwijl hij
[doorgehaalde, onleesbare correcties betreffende het overzicht houden op andere markten]
Ten slotte mogen
wij u verwijzen naar
ons gemeenschappelijk
rapport dd 25/11 '43
no. 8A/9/38 waarin op-
nieuw de positie
van de contrôleurs is
behandeld en waarbij wij De tekst betreft een interne correspondentie over de werkzaamheden van de heer Bijlsma, een marktcontrôleur. Uit het schrijven blijkt dat er een roulatiesysteem bestond voor het toezicht op de dagmarkten. Men kaart aan dat Bijlsma soms drie maanden lang op "kleinere markten" staat, zoals het Mosplein (gelegen in Amsterdam-Noord), waar hoofdzakelijk vis werd verhandeld. De schrijver lijkt te willen beargumenteren dat Bijlsma desondanks recht heeft op een extra vergoeding of toelage, omdat hij wel degelijk zelfstandig de leiding voert.
Het handschrift is een vlot ambtelijk cursief uit de helft van de 20e eeuw. De vele doorhalingen in het midden van de pagina wijzen erop dat dit een kladversie is waarin de auteur zocht naar de juiste formulering om de werksituatie van de contrôleur te omschrijven. Het document dateert uit november 1943, een kritieke fase in de Duitse bezetting van Nederland. Markten speelden in deze tijd een cruciale rol in de voedselvoorziening en distributie, terwijl de controleurs te maken hadden met strenge regelgeving, schaarste en de bestrijding van de zwarte handel. De vermelding van het Mosplein bevestigt de Amsterdamse context; deze markt was essentieel voor de bewoners van Amsterdam-Noord. De aanvraag voor een "toelage" suggereert een poging van de directie om het personeel te compenseren voor de zware of ondergewaardeerde werkomstandigheden in oorlogstijd.
Samenvatting
De tekst betreft een interne correspondentie over de werkzaamheden van de heer Bijlsma, een marktcontrôleur. Uit het schrijven blijkt dat er een roulatiesysteem bestond voor het toezicht op de dagmarkten. Men kaart aan dat Bijlsma soms drie maanden lang op "kleinere markten" staat, zoals het Mosplein (gelegen in Amsterdam-Noord), waar hoofdzakelijk vis werd verhandeld. De schrijver lijkt te willen beargumenteren dat Bijlsma desondanks recht heeft op een extra vergoeding of toelage, omdat hij wel degelijk zelfstandig de leiding voert.
Het handschrift is een vlot ambtelijk cursief uit de helft van de 20e eeuw. De vele doorhalingen in het midden van de pagina wijzen erop dat dit een kladversie is waarin de auteur zocht naar de juiste formulering om de werksituatie van de contrôleur te omschrijven.
Historische Context
Het document dateert uit november 1943, een kritieke fase in de Duitse bezetting van Nederland. Markten speelden in deze tijd een cruciale rol in de voedselvoorziening en distributie, terwijl de controleurs te maken hadden met strenge regelgeving, schaarste en de bestrijding van de zwarte handel. De vermelding van het Mosplein bevestigt de Amsterdamse context; deze markt was essentieel voor de bewoners van Amsterdam-Noord. De aanvraag voor een "toelage" suggereert een poging van de directie om het personeel te compenseren voor de zware of ondergewaardeerde werkomstandigheden in oorlogstijd.