Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie 5 oktober 1943 De Directeur van de Bloedtransfusiedienst (mogelijk de Amsterdamse afdeling van het Rode Kruis of een gemeentelijke instantie) Den Heer Directeur van den Gemeentelijken Geneeskundigen en Gezondheidsdienst (GG&GD), Nwe Achtergracht 100, Amsterdam-Centrum 8a/60/4 M. [handgeschreven in paars: Verzonden 5/10] VB/SV
bloedstranfusie- 5 October 1943.
dienst.
Den Heer Directeur van den
Gemeentelijken Genees-
kundigen en Gezondheids-
dienst,
Nwe Achtergracht 100,
Amsterdam-Centrum.
Naar aanleiding van het Besluit van den Burgemeester d.d. 6 Augustus jl. no. 465 O.G.Z. 1943 en Uw brief d.d. 4 September jl. en ten vervolge op mijn aan U gerichten brief d.d. 1 September jl. no. 8A/60/2 M., bericht ik U, dat na een ingesteld onderzoek niet vastgesteld is kunnen worden of er onder het personeel van mijn dienst personen zijn behoorende tot de bloedgevers van de O-groepen.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele reactie op een verzoek van de burgemeester en de directeur van de GG&GD. Er is onderzoek gedaan binnen het personeel van de Bloedtransfusiedienst om te identificeren wie er tot bloedgroep O behoort (de universele donor). De directeur meldt dat dit onderzoek geen resultaten heeft opgeleverd of dat het niet vastgesteld kon worden.
* Taalgebruik: Het document is geschreven in de destijds gangbare ambtelijke spelling (bijv. "Den Heer", "behoorende", "gerichten").
* Opvallend: Er staat een typefout in de linkermarge bij de naam van de instantie: "bloedstranfusie-dienst" (met een extra 'r').
* Referenties: De brief verwijst naar een besluit van de Burgemeester van 6 augustus 1943 (no. 465 O.G.Z.), wat duidt op een breder administratief proces in oorlogstijd met betrekking tot de openbare gezondheidszorg. Dit document stamt uit oktober 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De burgemeester van Amsterdam was in die tijd de pro-Duitse Edward Voûte. De GG&GD speelde een cruciale rol in de medische organisatie van de stad onder moeilijke omstandigheden.
Het verzoek om bloedgroep O-donoren onder het eigen personeel te registreren kan te maken hebben met de voorbereiding op noodsituaties (zoals bombardementen) of de algemene schaarste aan medische middelen. Bloedgroep O is van vitaal belang omdat dit bloed in noodgevallen aan bijna iedereen gegeven kan worden zonder dat de bloedgroep van de ontvanger bekend is. De ontkennende of vage beantwoording ("niet vastgesteld is kunnen worden") zou kunnen wijzen op administratieve onmacht, maar in de context van de bezetting werd dergelijke informatie soms ook bewust achtergehouden of traag verwerkt om te voorkomen dat personeel voor andere (Duitse) doeleinden werd ingezet.