Handgeschreven brief / ambtelijke beschikking.
Origineel
Handgeschreven brief / ambtelijke beschikking. De heer T. Lossendorp.
Naar Uw brief d.d. 11
Nov. j.l., verleen ik U hier-
mede toestemming, dat Uw
zoon voor U de levering
visch aan den gemeentelijken
vischafslag alhier in ont-
vangst neemt.
U dient echter zelf
de visch op Uw marktplaats
op de Dapperstraat aan de
consumenten te verkoopen.
(w.g.) DD De brief is een formeel antwoord op een verzoek van een visboer. De strekking is een logistieke tegemoetkoming: de zoon van de geadresseerde krijgt toestemming om de aangekochte vis bij de gemeentelijke visafslag in ontvangst te nemen namens zijn vader. Er wordt echter een strikt voorbehoud gemaakt: de eigenlijke verkoop aan het publiek op de Dapperstraat moet door de vergunninghouder zelf worden gedaan.
Dit duidt op een streng Amsterdams marktreglement in die tijd, waarbij marktplaatsen strikt persoonsgebonden waren en niet zomaar door familieleden overgenomen mochten worden voor de actieve verkoop. Het taalgebruik is zakelijk ("verleen ik U hiermede toestemming") en het handschrift is een vlot, professioneel bureau-handschrift uit het begin van de 20e eeuw. Het document is historisch interessant omdat het een inkijkje geeft in de vroege jaren van de Dappermarkt in Amsterdam-Oost. Hoewel er al langer gevent werd, werd de Dapperstraat pas in 1910 aangewezen als officiële marktplaats. Deze brief uit 1913 stamt dus uit de periode dat de marktregels en de ambtelijke controle daarop vorm kregen. De "gemeentelijke visafslag" bevond zich destijds aan de De Ruyterkade achter het Centraal Station, wat betekent dat de zoon de vis van het IJ naar Amsterdam-Oost moest transporteren, waarna de vader de verkoop op zich nam.