Ambtelijke brief / Rapportage.
Origineel
Ambtelijke brief / Rapportage. 25 mei 1943. Onbekend (geparafeerd vD/HB), waarschijnlijk een ambtenaar van de distributiedienst of marktwezen. vD/HB.
46c/30/1a M.
1.
Vischverdeeling.
25 Mei 1943.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een door politiepersoneel van het bureau Insulindeweg opgemaakt rapport d.d. 21 Mei 1943, waaruit blijkt, dat de aan de drie kleinhandelaren Looyen op de Vischmarkt toegewezen visch is aangetroffen in een karrenloods in de 2e Atjehstraat. De heeren Looyen hebben hun verkoopplaats in de loods in de Wagenaarstraat; zij hebben zich derhalve schuldig gemaakt aan overtreding van art. 8 van het 2e Uitvoeringsbesluit, waarin is vermeld, dat de toegewezen visch rechtstreeks van den afslag naar de aangewezen marktplaats moet worden vervoerd.
In de verdeeling zijn opgenomen:
H.J. Looyen, geboren 5-9-'12, De Wittenstraat 108 II;
J.J. Looyen, geboren 30-7-'09, Sibogastraat 9 III en
J.J. Looyen Sr., geboren 6-5-'88, Huidekooperstr. 8 III
Het betreft vader en twee broers. Vader is sedert geruimen tijd zeer ernstig ziek en de twee zoons hebben toestemming om de toewijzing van hun vader, tijdens diens ziekte en te zijnen behoeve, op hun verkoopplaats te verkoopen.
Looyen Sr. en een zijner zoons zijn te mijnen kantore door mij gehoord; zij geven toe, dat de zoons niet rechtstreeks naar hun verkoopplaats zijn gegaan, doch zij deelden mede, dat zij sedert jaren gewend zijn om van de Vischmarkt via hun karrenbergplaats, waarzzich in een afgesloten bakkerskar, welke hun eigendom is, hun gewichten bascule e.d. bevinden, naar de markt te gaan. In deze loods sorteeren zij, indien noodig, ook hun visch. Aangezien zij op den bewusten dag bij de drie kisten zeevisch een hadden ontvangen, welke 2 soorten bevatte, moesten zij deze sorteeren. Zij hadden de deuren van de bergplaats gesloten, omdat anders het publiek de loods binnenstroomt om te koopen, waarvan zij veel hinder ondervinden, omdat zij daar niet mogen verkoopen. Zij ontkennen, dat zij op eenige wijze zouden hebben willen trachten voorschriften te overtreden. Zij waren stellig van plan om, wanneer zij met hun handel klaar waren, naar hun verkoopplaats te gaan. * Juridische context: De kern van de zaak is de overtreding van artikel 8 van het "2e Uitvoeringsbesluit". Dit besluit verplichtte handelaren om toegewezen vis direct van de afslag naar de officiële verkoopplaats te vervoeren. Dit was een controlemaatregel om te voorkomen dat producten in het illegale circuit (de zwarte markt) verdwenen.
* De verdediging: De familie Looyen voert een praktische en logistieke verdediging aan. Ze beweren dat de tussenstop in de karrenloods aan de 2e Atjehstraat noodzakelijk was om weegschalen (bascule) op te halen en de vis te sorteren (omdat kisten verschillende soorten vis bevatten). De gesloten deuren waren volgens hen niet bedoeld om de politie te ontwijken, maar om opdringerig publiek buiten te houden dat illegaal vis wilde kopen.
* Persoonlijke omstandigheden: Er wordt expliciet melding gemaakt van de ziekte van de vader (J.J. Looyen Sr.), wat de zoons een reden geeft om de zaken voor hem waar te nemen.
* Taalgebruik: Het document is geschreven in de destijds gebruikelijke formele, ambtelijke stijl ("In bijlage dezes heb ik de eer U...", "te mijnen kantore"). Opvallend is de typefout "waarzzich" in de laatste alinea. Dit document stamt uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiesysteem. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" in Amsterdam (destijds de pro-Duitse Edward Voûte, die zowel burgemeester als wethouder was, of een direct ondergeschikte) hield toezicht op de eerlijke verdeling van schaarse goederen zoals vis.
De politiecontrole bij de "karrenloods" in de 2e Atjehstraat (Indische Buurt) en de verkoopplaats in de Wagenaarstraat (Dapperbuurt) laat zien hoe fijnmazig de controle op de voedselketen was. De handgeschreven blauwe notitie "Uitsluiting Looyen" suggereert dat de verklaring van de familie niet is geaccepteerd of dat de overtreding zwaar genoeg werd bevonden om hen (tijdelijk) uit te sluiten van verdere visverdeling, wat een zware economische straf betekende.