[?] Dekker
Bekijk Verhaal ➔AI-Synthese 23
[?] Dekker is een ambtenaar (waarschijnlijk bij het Gemeentebestuur of een beheersorganisatie) die in 1944 een verzoek van een brandstoffenhandelaar beoordeelt en adviseert tot afwijzing. Er zijn geen archiefgegevens over handel, markten, producten of lotgevallen van [?] Dekker als marktkoopman; de persoon fungeert uitsluitend als ambtenaar in de administratie.
Relaties
Archiefdocumenten
Administratief bijblad / mutatiekaart (Alg. Zaken Model No. 14).
Dit document betreft een administratieve wijziging met betrekking tot de persoon **S.M. Gokkes**, woonachtig op **Uilenburg 219**. Uilenburg was een bekende buurt in de Joodse wijk van Amsterdam. * **Inhoud:** De kaart geeft instructies om iemand 'af te voeren' (uit te schrijven uit een register of van een lijst) met ingang van (m.i.v.) 24 november 1940. * **Financiële afwikkeling:** Er wordt melding gemaakt van een vermindering van **f 1.05** (één gulden en vijf cent). De afkorting 'CW' in "afvoer op CW" zou kunnen verwijzen naar een Centraal Weekloonregister of een vergelijkbaar sociaal-administratief systeem. * **Proces:** De mutatie is aangevraagd door een ambtenaar genaamd Smit, gezien en geaccordeerd door Inspecteur Dekker, en uiteindelijk op 10 januari 1941 'opgeborgen' (gearchiveerd) nadat de administratieve handeling op 12 januari 1941 was voltooid.
Dienstkaart / Oproeping van de Inspecteur van de Markten.
Dit document is een officiële registratie van een waarschuwing en daaropvolgende afspraak met een marktkoopman in Amsterdam aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. De heer P.C. Kaaymolen, woonachtig aan de Marnixkade, werd op het matje geroepen omdat hij zijn toegewezen standplaats (nummer 281) op de Lindengracht-markt niet regelmatig bezette. Uit de aantekeningen blijkt dat er al een eerdere waarschuwing was gegeven op 20 juli 1940. Tijdens de hoorzitting op 18 september is overeengekomen dat Kaaymolen voortaan minimaal twee keer per week op de markt aanwezig zal zijn. De kaart is ondertekend door inspecteur Dekker en een hogere functionaris, Th. de Wolff. De blauwe stempel van 26 september 1940 duidt waarschijnlijk op de administratieve verwerking of afsluiting van dit specifieke incident.
Administratieve interne notitie/geleidebiljet van de gemeente Amsterdam (Afdeling Algemene Zaken).
Dit document is een ambtelijke notitie betreffende de administratieve verwerking van een dossier rondom **Th. Uilenburg**. De kern van de zaak lijkt de "afvoer" (verwijdering) van Uilenburg te zijn per 18 november 1940, in relatie tot een "oude schuld" op de markt. De notitie noemt twee bekende Amsterdamse marktlocaties: de **Dapperstraat** en de **Albert Cuypstraat**. Er wordt verwezen naar een intrekking op 22 oktober 1940 op basis van "Art 10 B. R. Amst." (waarschijnlijk het Bevolkingsregister Amsterdam). De hiërarchie van de afhandeling is zichtbaar door de verschillende data en parafen: 1. **15 november:** Ingekomen/doorgezonden. 2. **18 november:** Geplande datum voor "afvoeren". 3. **20 november:** Gezien en getekend door Inspecteur Dekker en een controleur (waarschijnlijk van het Marktwezen). 4. **29 november:** Definitief afgedaan met de instructie "opbergen". Het document illustreert de nauwgezette bureaucratische controle op marktkooplieden en hun financiële verplichtingen aan de stad. ---
Ambtelijke notitie / Bijblad (Model No. 14).
Dit document is een intern administratief verzoek en antwoord betreffende de werkzaamheden van Mej. A. Busnach als marktkoopvrouw. Uit de notitie blijkt dat zij gedurende zeven jaar (1933-1940) een vaste standplaats had op de markt in de Westerstraat in Amsterdam. De kern van de correspondentie is een vraag met "spoed" naar de aard van de goederen die zij verkocht. Het antwoord van de ambtenaar Houthoff op 6 juni 1942 luidt dat zij "stoffen" verkocht (de toevoeging "-zijn" lijkt een archaïsche of slordige wijze om aan te geven dat dit haar artikelen *waren*). Op 8 juni 1942 geeft Inspecteur Dekker toestemming om een officiële verklaring hierover af te geven.
Intern administratief advies/memorandum.
Het document beschrijft de afhandeling van een verzoek van ene Gr. Roof (vermoedelijk een vrouw, gezien de verwijzing "zij wenschte"). Zij beschikt over een legitimatiekaart voor een "vrije plaats" (mogelijk een vaste zitplaats of een specifieke reispas), maar kan hier vanwege haar gezondheid niet zelfstandig volledig gebruik van maken. Ze verzoekt om assistentie door haar huisgenoot M.H. Konings, een jongeman van 17 jaar oud. De ambtenaar Van Moerkerken adviseert positief, waarbij hij opmerkt dat de assistentie ook nodig is voor vervanging bij huiselijke taken. Na controle door een andere ambtenaar (Dekker) en het overleggen van een medische verklaring, wordt op 5 december 1943 een tijdelijke vergunning voor zes maanden verleend.
Handgeschreven brief/notitie met ambtelijke aantekeningen.
Het document bevat drie verschillende tekstblokken die waarschijnlijk op verschillende momenten zijn toegevoegd: 1. **Bovenste deel:** Een beleefde afsluiting van een brief door P. Bruggeling, wonend aan het Muzenplein 7. Hij/zij verzoekt om een spoedig antwoord. 2. **Middelste deel:** Een ambtelijke of politionele kanttekening, gedateerd op 22 maart 1943 en ondertekend door Dekker. Hierin wordt gesteld dat de "koopman" die in een eerder schrijven werd genoemd, onbekend is bij de schrijver. 3. **Onderste deel:** Een identificatienotitie in een ander handschrift. Hierin wordt een link gelegd tussen de schuilnaam of bijnaam "Oome Jan" en een zekere J. Henneveld, inclusief zijn geboortedatum en adres. De laatste regel duidt op het bijhouden van een kopie in het dossier.
Ambtelijke notitie met concept-beantwoording.
Het document is een typisch voorbeeld van ambtelijke besluitvorming tijdens de oorlogsjaren. De kern van de zaak is een verzoek van een brandstoffenhandelaar (Br. Hall), dat door een ambtenaar genaamd Dekker wordt beoordeeld. Dekker adviseert afwijzing op basis van een rapport van een collega (Rijpma). Dit advies wordt op 18 januari formeel bekrachtigd ("Accord afwijzing!"). In het tweede deel van het document is het concept voor de afwijzingsbrief geschreven. Hieruit blijkt dat de aanvrager waarschijnlijk toestemming vroeg om in een ander gebied (water) te varen om brandstof in te slaan. De regelgeving stelde echter dat men alleen mocht uitwijken als het officieel aangewezen verkooppunt onbereikbaar was door vorst. Omdat dit blijkbaar niet het geval was, of omdat de aanvrager niet aan de voorwaarden voldeed, werd het verzoek afgewezen.
Koopliedenlijsten
Onbekend — standplaats 1
Waterlooplein — standplaats 6
Waterlooplein — standplaats 3-2-12 " " " -
Waterlooplein — standplaats 12 23/28/3
Waterlooplein — standplaats 16-12-17 " " " -
Waterlooplein — standplaats 16-6-11 Adam Ned
Waterlooplein — standplaats 11-4-80 " " " -
Relevante Archieffragmenten
[Linksonder:] Erk. Lakmaker? R [Rechtsonder:] [Signatuur, lijkt op:] Reyinga
# TRANSCRIPTIE [Links bovenin een klein merkje, mogelijk een 'i' of vinkje] Molenaar 'B <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> 16/12 '43 Markt Dapperstraat B [onderstreept]
# TRANSCRIPTIE [Rechterbovenhoek:] Acten [?]
# TRANSCRIPTIE [Handgeschreven aantekening in de linker marge:] 1º genoemde Dekker **No 2A/19/1 M.1941** **Rapport** ---------
# TRANSCRIPTIE [Handgeschreven aantekening rechtsboven: *de Rijker* (?)]